Theca Wetboek

Het Belgische boekhoud- en fiscaal recht, artikel per artikel uitgelegd.

Onofficiële uitgave met de officiële wettekst; alleen het Belgisch Staatsblad is authentiek.

WIB 92, Art. 63

Uitleg en toepassing zijn door AI geschreven op basis van de officiële wettekst en machinaal tegengelezen (2026-09-28). Deze bepaling is niet door een mens nagekeken. Controleer het zelf: de officiële wettekst staat hieronder, als ongewijzigde kopie van de artikeltekst uit FOD Financiën, FisconetPlus (zonder de noten en titels van de FOD), met een link naar de bron.

Uitleg

In één alinea

Dit artikel bepaalt hoe immateriële vaste activa worden afgeschreven: met vaste annuïteiten. Het aantal annuïteiten mag niet minder dan 3 bedragen wanneer het investeringen in onderzoek en ontwikkeling betreft, en niet minder dan 5 in de andere gevallen. De regel geldt niet voor investeringen in audiovisuele werken; de wet zondert die uitdrukkelijk uit.

Voor wie

Toepassingsgebied volgens het manifest: beide. In het wetboek staat het artikel in de titel over de personenbelasting, bij de vaststelling van het netto-inkomen van het beroepsinkomen, onder beroepskosten. Het gaat over de afschrijving van immateriële vaste activa, met uitzondering van de investeringen in audiovisuele werken.

Sinds wanneer en overgang

Inwerkingtreding niet in het corpus — zie de wijzigingswet.

Rekenvoorbeeld

Deze bepaling bevat drempels, geen tarief om mee te rekenen. Het artikel legt alleen een minimumaantal vaste annuïteiten vast, geen bedrag waarop die worden berekend. Voor investeringen in onderzoek en ontwikkeling is het aantal annuïteiten minstens 3; in de andere gevallen minstens 5.

Veelgemaakte fouten

  • Een immaterieel vast actief met wisselende annuïteiten afschrijven. De wet schrijft vaste annuïteiten voor.
  • Het minimum van 3 annuïteiten toepassen op een immaterieel vast actief dat geen investering in onderzoek en ontwikkeling is. In de andere gevallen mag het aantal niet minder dan 5 bedragen.
  • De regel toepassen op investeringen in audiovisuele werken. De wet zondert die uit.

Verwante bepalingen

  • KB-WIB92:200, KB-WIB92:201, KB-WIB92:202, KB-WIB92:203, WIB92:2, WIB92:65, WIB92:178, WIB92:359 en WIB92:360 — begrippen; hun definitie zit niet in de gegevens.

Wat de wet niet regelt

Dit artikel zegt niet hoe investeringen in audiovisuele werken worden afgeschreven.

Toon de officiële wettekst

Officiële wettekst

Met uitzondering van de investeringen in audiovisuele werken worden de immateriële vaste activa afgeschreven met vaste annuïteiten waarvan het aantal niet minder dan 3 mag bedragen wanneer het investeringen in onderzoek en ontwikkeling betreft en niet minder dan 5 in de andere gevallen.

Tekst: FOD Financiën, FisconetPlus, officieuze coördinatie Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, artikel opgehaald op 2026-09-28. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek. FOD Financiën, FisconetPlus

Algemene informatie; geen belasting- of juridisch advies en geen toepassing op uw situatie. Versie aj2027; wettekst gecontroleerd op 2026-09-28. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek.