WIB 92, Art. 61
Uitleg en toepassing zijn door AI geschreven op basis van de officiële wettekst en machinaal tegengelezen (2026-09-27). Deze bepaling is niet door een mens nagekeken. Controleer het zelf: de officiële wettekst staat hieronder, als ongewijzigde kopie van de artikeltekst uit FOD Financiën, FisconetPlus (zonder de noten en titels van de FOD), met een link naar de bron.
Uitleg
In één alinea
Artikel 61 bepaalt wanneer afschrijvingen als beroepskosten gelden. Dat is het geval naar de mate dat ze gegrond zijn op de aanschaffings- of beleggingswaarde, en voor zover ze noodzakelijk zijn en samengaan met een waardevermindering die zich in het belastbare tijdperk werkelijk heeft voorgedaan. De aanschaffings- of beleggingswaarde is, volgens het geval, de aanschaffingsprijs, de vervaardigingsprijs of de inbrengwaarde. Voor een recht van gebruik op materiële vaste activa waarover de onderneming beschikt via een leasingcontract, een overeenkomst van erfpacht of van opstal, of een gelijkaardig onroerend recht, is het het deel van de contractueel bepaalde termijnen dat overeenstemt met het weer samen te stellen kapitaal ter waarde van het goed. Al die begrippen hebben de betekenis die de wetgeving op de boekhouding en de jaarrekening van de ondernemingen eraan geeft.
Voor wie
Het toepassingsgebied in de gegevens is "beide": de personenbelasting en de vennootschapsbelasting. In het wetboek staat de bepaling in de titel over de personenbelasting, bij de beroepskosten.
Sinds wanneer en overgang
Inwerkingtreding niet in het corpus — zie de wijzigingswet.
Rekenvoorbeeld
Deze bepaling bevat geen bedrag of percentage. Symbolisch: bij een goed met aanschaffingsprijs A is A de grondslag voor de afschrijvingen; bij een leasingcontract is de grondslag enkel het deel K van de contractuele termijnen dat overeenstemt met het weer samen te stellen kapitaal, en niet het volledige bedrag van de termijnen.
De gegevens bevatten daarnaast de volgende parameters, zonder dat de wettekst ze noemt:
| Parameter | Waarde | Geldig vanaf | |---|---|---| | Grens kleine investering (in één keer afschrijven) | 100000 (zonder eenheid in de gegevens) | 2024-01-01 | | Levensduur grond (geen afschrijving) | 0 | 2024-01-01 |
Veelgemaakte fouten
- Afschrijven op een andere waarde dan de aanschaffings- of beleggingswaarde. De wet aanvaardt afschrijvingen naar de mate dat ze op die waarde gegrond zijn.
- Afschrijven zonder dat er een werkelijke waardevermindering in het belastbare tijdperk is. De wet vraagt dat de afschrijving noodzakelijk is en samengaat met een waardevermindering die zich werkelijk heeft voorgedaan.
- Bij leasing, erfpacht of opstal de volledige termijnen als grondslag nemen. Enkel het deel dat overeenstemt met het weer samen te stellen kapitaal ter waarde van het goed telt.
- De begrippen een eigen fiscale betekenis geven. De wet verwijst voor hun betekenis naar de wetgeving op de boekhouding en de jaarrekening van de ondernemingen.
Verwante bepalingen
- KB-WIB92:200, KB-WIB92:201, KB-WIB92:202, KB-WIB92:203, WIB92:2, WIB92:65, WIB92:178, WIB92:359 en WIB92:360 — begrippen die in de gegevens bij deze bepaling horen; hun definitie zit niet in de gegevens.
Wat de wet niet regelt
Dit artikel legt zelf geen afschrijvingspercentage of afschrijvingsduur vast.
Toon de officiële wettekst
Officiële wettekst
Afschrijvingen worden als beroepskosten aangemerkt naar de mate dat ze gegrond zijn op de aanschaffings- of beleggingswaarde en voor zover ze noodzakelijk zijn en samengaan met een waardevermindering die zich in het belastbare tijdperk werkelijk heeft voorgedaan. Onder aanschaffings- of beleggingswaarde wordt verstaan, volgens het geval, de aanschaffingsprijs, de vervaardigingsprijs, de inbrengwaarde of, met betrekking tot een recht van gebruik van materiële vaste activa waarover de onderneming bij leasingcontract of bij overeenkomst van erfpacht of van opstal beschikt of met betrekking tot een gelijkaardig onroerend recht, het deel van de contractueel bepaalde termijnen dat overeenstemt met het weer samen te stellen kapitaal ter waarde van het goed waarop het contract of de overeenkomst betrekking heeft, met dien verstande dat deze begrippen de betekenis hebben die daaraan wordt toegekend door de wetgeving op de boekhouding en de jaarrekening van de ondernemingen.
Tekst: FOD Financiën, FisconetPlus, officieuze coördinatie Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, artikel opgehaald op 2026-09-27. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek. FOD Financiën, FisconetPlus
Algemene informatie; geen belasting- of juridisch advies en geen toepassing op uw situatie. Versie aj2027; wettekst gecontroleerd op 2026-09-27. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek.