Theca Wetboek

Het Belgische boekhoud- en fiscaal recht, artikel per artikel uitgelegd.

Onofficiële uitgave met de officiële wettekst; alleen het Belgisch Staatsblad is authentiek.

WIB 92, Art. 44bis

Uitleg en toepassing zijn door AI geschreven op basis van de officiële wettekst en machinaal tegengelezen (2026-09-28). Deze bepaling is niet door een mens nagekeken. Controleer het zelf: de officiële wettekst staat hieronder, als ongewijzigde kopie van de artikeltekst uit FOD Financiën, FisconetPlus (zonder de noten en titels van de FOD), met een link naar de bron.

Uitleg

In één alinea

Dit artikel stelt meerwaarden op bedrijfsvoertuigen volledig vrij wanneer een bedrag gelijk aan de verkregen schadevergoeding of de verkoopwaarde wordt herbelegd op de wijze en binnen de termijn die de wet stelt. Het gaat om meerwaarden die uiterlijk op 31 augustus 2025 zijn verwezenlijkt, ofwel naar aanleiding van een schadegeval, een opeising in eigendom of een andere gelijkaardige gebeurtenis, ofwel bij een andere vervreemding van bedrijfsvoertuigen, voor zover de vervreemde bedrijfsvoertuigen sedert meer dan 3 jaar vóór hun vervreemding de aard van vaste activa hadden. Onder bedrijfsvoertuigen verstaat de wet onder a) voertuigen aangewend voor bezoldigd personenvervoer, met name autobussen, autocars en de autovoertuigen die uitsluitend worden aangewend hetzij tot een taxidienst, hetzij tot verhuring met bestuurder; onder b) voertuigen aangewend voor goederenvervoer, met name "trekkers en vrachtwagens, en aanhangwagens en opleggers met een maximum toegelaten massa van minstens 4 ton". De herbelegging moet gebeuren in zulke bedrijfsvoertuigen die beantwoorden aan de ecologische normen bepaald door de Koning en die in België voor het uitoefenen van de beroepswerkzaamheid worden gebruikt. Ze moet uiterlijk bij de stopzetting van de beroepswerkzaamheid gebeuren, en binnen 1 jaar na het verstrijken van het belastbare tijdperk waarin de schadeloosstelling is ontvangen (voor meerwaarden bij een schadegeval, een opeising in eigendom of een andere gelijkaardige gebeurtenis), of binnen 2 jaar vanaf de eerste dag van het kalenderjaar waarin de meerwaarden zijn verwezenlijkt (bij een andere vervreemding). Om de vrijstelling te genieten, moet de belastingplichtige bij zijn aangifte in de inkomstenbelastingen een opgave voegen volgens het model dat de minister van Financiën of zijn afgevaardigde vaststelt, vanaf het aanslagjaar dat verbonden is aan het belastbare tijdperk van de verwezenlijking tot het aanslagjaar dat verbonden is aan het belastbare tijdperk waarin de herbeleggingstermijn is verstreken. Wordt niet herbelegd op de wijze en binnen de termijnen van de wet, dan wordt de verwezenlijkte meerwaarde aangemerkt als een inkomen van het belastbare tijdperk waarin de herbeleggingstermijn verstreken is; in dat geval is artikel 47 niet van toepassing.

Voor wie

Het toepassingsgebied in de gegevens is "beide": de personenbelasting en de vennootschapsbelasting. In het wetboek staat de bepaling in de titel over de personenbelasting, bij de vrijgestelde inkomsten, onder meerwaarden. Ze gaat over belastingplichtigen die een meerwaarde verwezenlijken op bedrijfsvoertuigen zoals de wet ze omschrijft.

Sinds wanneer en overgang

Inwerkingtreding niet in het corpus — zie de wijzigingswet. De tekst in de gegevens betreft meerwaarden die uiterlijk op 31 augustus 2025 zijn verwezenlijkt.

Rekenvoorbeeld

Deze bepaling bevat drempels, geen tarief om mee te rekenen. Symbolisch: bij een verkregen schadevergoeding of verkoopwaarde S moet een bedrag gelijk aan S worden herbelegd om de meerwaarde volledig vrij te stellen.

Veelgemaakte fouten

  • De vrijstelling toepassen op een meerwaarde die na 31 augustus 2025 is verwezenlijkt. De wet spreekt van meerwaarden die uiterlijk op die datum zijn verwezenlijkt.
  • Bij een gewone vervreemding de bezitsduur negeren. De vervreemde bedrijfsvoertuigen moeten sedert meer dan 3 jaar vóór hun vervreemding de aard van vaste activa hebben gehad.
  • Herbeleggen in om het even welk voertuig. De wet vereist bedrijfsvoertuigen zoals ze die omschrijft, die beantwoorden aan de ecologische normen bepaald door de Koning en die in België voor het uitoefenen van de beroepswerkzaamheid worden gebruikt.
  • De opgave bij de aangifte vergeten. De wet stelt ze als voorwaarde om de vrijstelling te kunnen genieten.
  • Bij het uitblijven van een tijdige herbelegging toch de regeling van artikel 47 toepassen. De wet zegt dat artikel 47 in dat geval niet van toepassing is.

Verwante bepalingen

  • WIB92:47 — volgens zijn tekst worden, bij herbelegging van een bedrag gelijk aan de verkregen schadevergoeding of de verkoopwaarde, bepaalde meerwaarden op immateriële en materiële vaste activa die niet zijn vrijgesteld ingevolge onder meer artikel 44bis, aangemerkt als winst of baten van het belastbare tijdperk waarin de herbelegde goederen zijn verkregen of tot stand gebracht en van ieder volgende belastbare tijdperk, naar verhouding tot de afschrijvingen op die goederen.
  • KB-WIB92:200, KB-WIB92:201, KB-WIB92:202, KB-WIB92:203, WIB92:2, WIB92:65, WIB92:178, WIB92:359 en WIB92:360 — begrippen; hun definitie zit niet in de gegevens.

Wat de wet niet regelt

Dit artikel bevat zelf de ecologische normen niet; die bepaalt de Koning.

Toon de officiële wettekst

Officiële wettekst

§ 1. De meerwaarden die uiterlijk op 31 augustus 2025 in de in het tweede lid bedoelde omstandigheden op bedrijfsvoertuigen zijn verwezenlijkt, worden volledig vrijgesteld wanneer een bedrag gelijk aan de verkregen schadevergoeding of de verkoopwaarde wordt herbelegd op de wijze en binnen de termijn als hierna gesteld. De meerwaarden moeten zijn verwezenlijkt: 1° naar aanleiding van een schadegeval, een opeising in eigendom of een andere gelijkaardige gebeurtenis, of 2° bij een niet in het 1° vermelde vervreemding van bedrijfsvoertuigen, voor zover de vervreemde bedrijfsvoertuigen sedert meer dan 3 jaar vóór hun vervreemding de aard van vaste activa hadden. Onder bedrijfsvoertuigen moet worden verstaan: a) voertuigen aangewend voor bezoldigd personenvervoer, met name autobussen, autocars en de autovoertuigen die uitsluitend worden aangewend hetzij tot een taxidienst, hetzij tot verhuring met bestuurder; b) voertuigen aangewend voor goederenvervoer, met name trekkers en vrachtwagens, en aanhangwagens en opleggers met een maximum toegelaten massa van minstens 4 ton. § 2. De herbelegging moet gebeuren in bedrijfsvoertuigen die zijn bedoeld in § 1, derde lid, die beantwoorden aan de ecologische normen bepaald door de Koning, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad en die in België voor het uitoefenen van de beroepswerkzaamheid worden gebruikt. § 3. De herbelegging moet uiterlijk bij de stopzetting van de beroepswerkzaamheid gebeuren en binnen een termijn: 1° van 1 jaar na het verstrijken van het belastbare tijdperk waarin de schadeloosstelling is ontvangen, voor meerwaarden vermeld in § 1, tweede lid, 1°. 2° van 2 jaar vanaf de eerste dag van het kalenderjaar waarin de meerwaarden vermeld in § 1, tweede lid, 2°, zijn verwezenlijkt. § 4. Om de in § 1, eerste lid, vermelde vrijstelling te kunnen genieten, moet de belastingplichtige bij zijn aangifte in de inkomstenbelastingen vanaf het aanslagjaar dat is verbonden aan het belastbare tijdperk van de verwezenlijking van de meerwaarde en tot het aanslagjaar dat is verbonden aan het belastbare tijdperk waarin de herbeleggingstermijn is verstreken, een opgave voegen waarvan het model door de minister van Financiën of zijn afgevaardigde wordt vastgesteld. § 5. Indien niet wordt herbelegd op de wijze en binnen de termijnen gesteld in §§ 2 en 3 wordt de verwezenlijkte meerwaarde aangemerkt als een inkomen van het belastbare tijdperk waarin de herbeleggingstermijn verstreken is. In dat geval is artikel 47 niet van toepassing.

Tekst: FOD Financiën, FisconetPlus, officieuze coördinatie Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, artikel opgehaald op 2026-09-28. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek. FOD Financiën, FisconetPlus

Algemene informatie; geen belasting- of juridisch advies en geen toepassing op uw situatie. Versie aj2027; wettekst gecontroleerd op 2026-09-28. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek.