WIB 92, Art. 445
Uitleg en toepassing zijn door AI geschreven op basis van de officiële wettekst en machinaal tegengelezen (2026-09-29). Deze bepaling is niet door een mens nagekeken. Controleer het zelf: de officiële wettekst staat hieronder, als ongewijzigde kopie van de artikeltekst uit FOD Financiën, FisconetPlus (zonder de noten en titels van de FOD), met een link naar de bron.
Uitleg
In één alinea
Dit artikel regelt de administratieve geldboetes in de inkomstenbelastingen. De basisregel: de door de adviseur-generaal gemachtigde ambtenaar kan een geldboete van 50 euro tot 1.250 euro opleggen voor iedere overtreding van de bepalingen van het Wetboek en van de ter uitvoering ervan genomen besluiten. De Koning legt de schaal vast en regelt de toepassingsmodaliteiten. Die geldboete wordt gevestigd en ingevorderd volgens de regels inzake personenbelasting; wordt ze samen met de voorheffing waarop ze betrekking heeft ingekohierd, dan gelden de regels inzake roerende voorheffing en bedrijfsvoorheffing. Er wordt geen boete toegepast wanneer de belastingplichtige aantoont dat het bedrag van de kosten bedoeld in artikel 57, of van de voordelen van alle aard bedoeld in de artikelen 31, tweede lid, 2°, en 32, tweede lid, 2°, begrepen is in een aangifte die de verkrijger overeenkomstig artikel 305 indiende, of in een gelijkaardige aangifte die de verkrijger in het buitenland indiende. Daarnaast bevat het artikel afwijkende regelingen. Wie niet voldoet aan de verplichting bedoeld in artikel 307, § 1/1, eerste lid, c, § 1/3 en § 1/4, krijgt een geldboete van 6.250 euro, die de ambtenaar oplegt per jaar en per niet gemelde juridische constructie. Aparte vorken gelden voor overtredingen van de artikelen 321/1 tot 321/6, van de artikelen 326/1 tot en met 326/9 (in verband met de inlichtingen bedoeld in artikel 338, § 6/4), van de aangifteverplichtingen bedoeld in artikel 473, en voor de platformexploitant en de rapporterende aanbieder van cryptoactivadiensten. Tot slot kan de Koning voor de geldboeten die Hij bepaalt voorzien in de toepassingsmodaliteiten van maatregelen tot individualisering van de sanctie door de bevoegde rechter.
Voor wie
Het toepassingsgebied in de gegevens is "beide". De bepaling staat bij de strafbepalingen, in de afdeling over administratieve sancties en de onderafdeling over de administratieve boete. De tekst richt zich tot de ambtenaar die de boete oplegt, en noemt als betrokkenen onder meer de belastingplichtige, de platformexploitant en de rapporterende aanbieder van cryptoactivadiensten.
Sinds wanneer en overgang
Inwerkingtreding niet in het corpus — zie de wijzigingswet.
Rekenvoorbeeld
Deze bepaling bevat drempels, geen tarief om mee te rekenen. De geldboete van 6.250 euro bij de niet-naleving van de verplichting bedoeld in artikel 307, § 1/1, eerste lid, c, § 1/3 en § 1/4, "wordt opgelegd per jaar en per niet gemelde juridische constructie". Symbolisch: bij N niet gemelde juridische constructies in eenzelfde jaar is de geldboete voor dat jaar N × 6.250 euro. Het aantal N volgt uit de feiten, niet uit de wet; de tekst noemt geen aantal en geen totaal. De andere bedragen zijn grotendeels vorken (een minimum en een maximum); waar de tekst bepaalt dat de Koning de schaal vastlegt, valt er zonder die schaal niets te berekenen. Voor de boetes aan de platformexploitant en aan de rapporterende aanbieder van cryptoactivadiensten bij niet-naleving van de registratieverplichtingen of bij voortzetting van de activiteit na intrekking van de registratie, bepaalt de tekst dat ze "worden verhoogd met 50 % per opeenvolgende toepassing"; hoe die verhoging concreet doorwerkt, rekent de tekst niet voor.
Veelgemaakte fouten
- Elke boete in dit artikel als een keuze van de ambtenaar lezen. Bij sommige boetes "kan" de ambtenaar ze opleggen (zoals de basisregel van 50 euro tot 1.250 euro); bij andere "legt" hij ze op of "wordt" ze opgelegd, zoals de geldboete van 6.250 euro per niet gemelde juridische constructie, de boetes van 25.000 euro en 50.000 euro aan de platformexploitant en aan de rapporterende aanbieder van cryptoactivadiensten, en de hogere vorken bij bedrieglijk opzet, frauduleus oogmerk of het oogmerk te schaden.
- De geldboete voor een niet gemelde juridische constructie maar één keer toepassen. Ze wordt opgelegd per jaar en per niet gemelde juridische constructie.
- Bij de overtredingen van de artikelen 321/1 tot 321/6 aannemen dat de vork van 1.250 euro tot 25.000 euro al bij de eerste overtreding geldt. De tekst laat die vork gelden "vanaf de tweede overtreding". Voor overtredingen toe te schrijven aan kwade trouw of aan het opzet de belasting te ontduiken kan voor de eerste overtreding een boete van 12.500 euro worden opgelegd, en vanaf de tweede overtreding een boete van 25.000 euro.
- Onvolledig verstrekte inlichtingen en niet of laattijdig verstrekte inlichtingen door elkaar halen. Bij de artikelen 326/1 tot en met 326/9 gaat het om 1.250 euro tot 12.500 euro (onvolledig) en 5.000 euro tot 50.000 euro (niet of laattijdig); met bedrieglijk opzet of het oogmerk te schaden om 2.500 euro tot 25.000 euro en 12.500 euro tot 100.000 euro. Bij artikel 321sexies en bij artikel 326/15 gaat het om 1.250 euro tot 12.500 euro (onvolledig) en 2.500 euro tot 25.000 euro (niet of laattijdig); met een frauduleus oogmerk of het oogmerk om te schaden om 2.500 euro tot 25.000 euro en 5.000 euro tot 50.000 euro.
- Voorbijgaan aan de uitzondering in de basisregel: geen boete als de belastingplichtige aantoont dat het bedrag van de bedoelde kosten of voordelen van alle aard begrepen is in een aangifte van de verkrijger, overeenkomstig artikel 305 of een gelijkaardige aangifte in het buitenland.
- Vergeten dat de inbreuk op de aangifteverplichtingen bedoeld in artikel 473 volgens de tekst "wordt geacht te bestaan vanaf zijn vaststelling en mededeling aan de belastingplichtige door de administratie".
Niet behandeld: bij de boetes voor platformexploitanten "kan worden afgezien van de toepassing van de boete" bij ontbreken van kwade trouw, en bij de rapporterende aanbieder van cryptoactivadiensten kan in afwijking van de leden 1 tot en met 4 bij ontbreken van kwade trouw worden afgezien van de toepassing van de sancties; de precieze reikwijdte daarvan staat in de tekst zelf.
Verwante bepalingen
- WIB92:57 — de daar opgesomde kosten, zoals commissies, makelaarslonen, erelonen, vergoedingen of voordelen van alle aard en bezoldigingen, worden slechts als beroepskosten aangenomen wanneer ze worden verantwoord door individuele fiches die worden overgelegd in de vorm en binnen de termijn die de Koning bepaalt.
- WIB92:31 — bezoldigingen van werknemers; daartoe behoren onder meer (2°) voordelen van alle aard verkregen uit hoofde of naar aanleiding van het uitoefenen van de beroepswerkzaamheid.
- WIB92:32 — bezoldigingen van bedrijfsleiders; daartoe behoren onder meer (2°) voordelen, vergoedingen en bezoldigingen die in wezen gelijkaardig zijn aan die vermeld in artikel 31, tweede lid, 2° tot 5°.
- WIB92:305 — de daar genoemde belastingplichtigen zijn gehouden ieder jaar aan de administratie een aangifte over te leggen.
- WIB92:307 — § 1/1, c: de jaarlijkse aangifte in de personenbelasting moet het bestaan van een juridische constructie vermelden in de daar omschreven gevallen; § 1/3: de jaarlijkse aangifte in de rechtspersonenbelasting vermeldt het bestaan van een juridische constructie in de daar omschreven gevallen.
- WIB92:321/1 — definities, waaronder "groep", "onderneming" en "multinationale groep".
- WIB92:321/6 — het landenrapport zal gebruikt worden voor het beoordelen van grote verrekenprijsrisico's en van andere risico's die verband houden met de uitholling van de belastbare grondslag en met winstverschuiving.
- WIB92:326/1 — definities, waaronder "grensoverschrijdende constructie" en "meldingsplichtige grensoverschrijdende constructie".
- WIB92:338 — § 6/4: de Belgische bevoegde autoriteit deelt de gegevens inzake grensoverschrijdende constructies waarvan zij ingelicht is door de intermediair of de relevante belastingplichtige, via automatische uitwisseling mee aan de bevoegde autoriteiten van alle andere lidstaten.
- WIB92:473 — § 1: de daar genoemde belastingplichtige is ertoe gehouden uit eigen beweging bij de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie de daar opgesomde feiten aan te geven.
- WIB92:321septies — § 1: de rapporterende platformexploitant in de zin van artikel 321quater, 4°, b), registreert zich bij de Belgische bevoegde autoriteit, indien hij niet heeft gekozen om zich in een andere lidstaat te registreren.
- WIB92:321sexies — § 1: een rapporterende platformexploitant in de zin van artikel 321quater, 4°, a), verstrekt aan de bevoegde autoriteit van de FOD Financiën de in § 5 vermelde inlichtingen met betrekking tot de rapporteringsperiode.
Wat de wet niet regelt
Dit artikel legt zelf de schalen van de administratieve geldboetes binnen de vorken niet vast; dat doet de Koning.
Toon de officiële wettekst
Officiële wettekst
§ 1. De door de adviseur-generaal gemachtigde ambtenaar kan een geldboete van 50 euro tot 1.250 euro opleggen voor iedere overtreding van de bepalingen van dit Wetboek, evenals van de ter uitvoering ervan genomen besluiten. De Koning legt de schaal van de administratieve geldboetes vast en regelt hun toepassingsmodaliteiten. Deze geldboete wordt gevestigd en ingevorderd volgens de regelen die van toepassing zijn inzake personenbelasting. In afwijking van het tweede lid, wordt de geldboete, die samen met de voorheffing waarop zij betrekking heeft wordt ingekohierd, gevestigd en ingevorderd volgens de regels die van toepassing zijn inzake roerende voorheffing en bedrijfsvoorheffing. Geen boete wordt toegepast wanneer de belastingplichtige aantoont dat het bedrag van de kosten, bedoeld in artikel 57, of van de voordelen van alle aard bedoeld in de artikelen 31, tweede lid, 2°, en 32, tweede lid, 2°, begrepen is in een door de verkrijger overeenkomstig artikel 305 ingediende aangifte of in een door de verkrijger in het buitenland ingediende gelijkaardige aangifte. § 2. In afwijking van § 1, eerste lid, legt de door de bevoegde adviseur-generaal gemachtigde ambtenaar een geldboete op van 6.250 euro wanneer niet voldaan is aan de in artikel 307, § 1/1, eerste lid, c, § 1/3 en § 1/4, bedoelde verplichting. De voormelde geldboete wordt opgelegd per jaar en per niet gemelde juridische constructie. § 3. In afwijking van § 1, eerste lid, kan de door de bevoegde adviseur-generaal gemachtigde ambtenaar voor een overtreding van de bepalingen van de artikelen 321/1 tot 321/6, evenals van de ter uitvoering ervan genomen besluiten, een boete opleggen van 1.250 euro tot 25.000 euro vanaf de tweede overtreding. Voor de overtredingen toe te schrijven aan kwade trouw of aan het opzet de belasting te ontduiken kan voor de eerste overtreding een boete van 12.500 euro worden opgelegd. Vanaf de tweede overtreding kan een boete van 25.000 euro worden opgelegd. De Koning legt de schaal van de administratieve geldboetes vast en regelt hun toepassingsmodaliteiten. § 4. In afwijking van paragraaf 1, eerste lid, kan de door de bevoegde adviseur-generaal gemachtigde ambtenaar voor de overtreding van de bepalingen van de artikelen 326/1 tot en met 326/9, evenals van de ter uitvoering ervan genomen besluiten, die bestaat uit het onvolledig verstrekken van de inlichtingen bedoeld in artikel 338, § 6/4, een boete opleggen van 1.250 euro tot 12.500 euro. Voor dergelijke overtredingen gedaan met bedrieglijk opzet of het oogmerk te schaden wordt een boete van 2.500 euro tot 25.000 euro opgelegd. De door de bevoegde adviseur-generaal gemachtigde ambtenaar kan voor de overtreding van de bepalingen van de artikelen 326/1 tot en met 326/9, evenals van de ter uitvoering ervan genomen besluiten, die bestaat uit het niet of laattijdig verstrekken van de inlichtingen bedoeld in artikel 338, § 6/4, een boete opleggen van 5.000 euro tot 50.000 euro. Voor dergelijke overtredingen gedaan met bedrieglijk opzet of het oogmerk te schaden wordt een boete van 12.500 euro tot 100.000 euro opgelegd. De Koning legt de progressieve schaal van de administratieve geldboetes vast en regelt hun toepassingsmodaliteiten. § 5. In afwijking van paragraaf 1, kan de bevoegde adviseur-generaal van de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie of de door hem gedelegeerde ambtenaar een administratieve geldboete opleggen van 250 euro tot 3.000 euro in geval van niet-naleving van de aangifteverplichtingen bedoeld in artikel 473. De inbreuk voorzien in het vorige lid wordt geacht te bestaan vanaf zijn vaststelling en mededeling aan de belastingplichtige door de administratie. De Koning legt de schaal van de administratieve geldboetes vast en regelt hun toepassingsmodaliteiten. § 6. In afwijking van paragraaf 1 legt de bevoegde adviseur-generaal of de door hem gedelegeerde ambtenaar, een administratieve boete van 25.000 euro op aan de platformexploitant, in geval van niet-naleving van diens registratieverplichtingen zoals bepaald in artikel 321septies, § 1. In afwijking van paragraaf 1 legt de bevoegde adviseur-generaal of de door hem gedelegeerde ambtenaar, een administratieve boete van 50.000 euro op aan de platformexploitant, in geval van voortzetting door de platformexploitant van zijn activiteit op het grondgebied van België, na de intrekking van zijn registratie door de Belgische bevoegde autoriteit, zoals bepaald in artikel 321septies, § 5. De in het eerste en tweede lid bedoelde boetes worden verhoogd met 50 % per opeenvolgende toepassing van deze laatste. In afwijking van paragraaf 1, eerste lid, kan de door de bevoegde adviseur-generaal gedelegeerde ambtenaar, een administratieve boete van 1.250 euro tot 12.500 euro opleggen voor een inbreuk op de bepalingen van artikel 321sexies, alsook op de ter uitvoering ervan genomen besluiten, en die bestaat uit het onvolledig verstrekken van de in dat artikel bedoelde inlichtingen. Voor dergelijke inbreuken gepleegd met een frauduleus oogmerk of met het oogmerk om te schaden wordt een boete opgelegd van 2.500 euro tot 25.000 euro. De door de bevoegde adviseur-generaal gedelegeerde ambtenaar kan, voor een inbreuk op de bepalingen van artikel 321sexies alsook op de ter uitvoering ervan genomen besluiten, die bestaat uit het niet of laattijdig indienen van de in hetzelfde artikel beoogde inlichtingen, een boete opleggen van 2.500 euro tot 25.000 euro. Voor dergelijke inbreuken gepleegd met een frauduleus oogmerk of met het oogmerk om te schaden wordt een boete opgelegd van 5.000 euro tot 50.000 euro. Bij ontbreken van kwade trouw, kan worden afgezien van de toepassing van de boete. De Koning bepaalt de schalen van de in het vierde en vijfde lid bedoelde administratieve boetes en regelt de wijze van toepassing ervan. § 6/1. In afwijking van paragraaf 1, legt de bevoegde adviseur-generaal of de door hem gemachtigde ambtenaar een administratieve boete van 25.000 euro op aan de rapporterende aanbieder van cryptoactivadiensten, in geval van niet-naleving van diens registratieverplichtingen zoals bepaald in artikel 326/13, § 1. In afwijking van paragraaf 1, legt de bevoegde adviseur-generaal of de door hem gemachtigde ambtenaar een administratieve boete van 50.000 euro op aan de rapporterende aanbieder van cryptoactivadiensten, in geval van voortzetting door de rapporterende aanbieder van cryptoactivadiensten van zijn activiteit op het grondgebied van België, na de intrekking van zijn registratie door de Belgische bevoegde autoriteit zoals bepaald in artikel 326/13, § 6. De in het eerste en tweede lid bedoelde boetes worden verhoogd met 50 % per opeenvolgende toepassing van deze laatsten. In afwijking van paragraaf 1, eerste lid, kan de door de bevoegde adviseur-generaal gemachtigde ambtenaar voor een inbreuk op de bepalingen van artikel 326/15, alsook van de ter uitvoering ervan genomen besluiten, die bestaat uit het onvolledig verstrekken van de in dit artikel bedoelde inlichtingen, een boete van 1.250 euro tot en met 12.500 euro opleggen. Voor dergelijke inbreuken gepleegd met een frauduleus oogmerk of met het oogmerk om te schaden wordt een boete opgelegd van 2.500 euro tot 25.000 euro. De door de bevoegde adviseur-generaal gemachtigde ambtenaar kan, voor een inbreuk op de bepalingen van artikel 326/15 alsook op de ter uitvoering ervan genomen besluiten, die bestaat uit het niet of laattijdig indienen van de in hetzelfde artikel beoogde inlichtingen, een boete opleggen van 2.500 euro tot 25.000 euro. Voor dergelijke inbreuken gepleegd met een frauduleus oogmerk of met het oogmerk om te schaden wordt een boete opgelegd van 5.000 euro tot 50.000 euro. In afwijking van de leden 1 tot en met 4 kan, bij ontbreken van kwade trouw worden afgezien van de toepassing van de sancties. De Koning bepaalt de schalen van de in het vierde en vijfde lid bedoelde administratieve boetes en regelt de wijze van toepassing ervan. § 7. De Koning kan voor de geldboeten die Hij bepaalt, voorzien in de toepassingsmodaliteiten van de maatregelen tot individualisering van de sanctie door de bevoegde rechter.
Tekst: FOD Financiën, FisconetPlus, officieuze coördinatie Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, artikel opgehaald op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek. FOD Financiën, FisconetPlus
Algemene informatie; geen belasting- of juridisch advies en geen toepassing op uw situatie. Versie aj2027; wettekst gecontroleerd op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek.