WIB 92, Art. 341
Uitleg en toepassing zijn door AI geschreven op basis van de officiële wettekst en machinaal tegengelezen (2026-09-29). Deze bepaling is niet door een mens nagekeken. Controleer het zelf: de officiële wettekst staat hieronder, als ongewijzigde kopie van de artikeltekst uit FOD Financiën, FisconetPlus (zonder de noten en titels van de FOD), met een link naar de bron.
Uitleg
In één alinea
De wet bepaalt dat de raming van de belastbare grondslag, zowel voor rechtspersonen als voor natuurlijke personen, behoudens tegenbewijs mag worden gedaan volgens tekenen en indiciën waaruit een hogere graad van gegoedheid blijkt dan uit de aangegeven inkomsten. Heeft het tegenbewijs van de belastingplichtige betrekking op verkopen van roerende waarden of andere financiële instrumenten die hij zich als belegging heeft aangeschaft, dan hebben de ingeroepen aankoop- of verkoopborderellen of -documenten tegenover de administratie belast met de vestiging van de inkomstenbelastingen slechts bewijskracht als ze de vermelding "op naam" dragen en zijn opgesteld ten name van de belastingplichtige of van de personen van wie hij de rechthebbende is.
Voor wie
Het toepassingsgebied in de gegevens is "beide". De bepaling staat in de titel over de vestiging en inning van de belastingen, in het hoofdstuk over de bewijsmiddelen van de administratie. De tekst zegt zelf dat ze geldt "zowel voor rechtspersonen als voor natuurlijke personen".
Sinds wanneer en overgang
Inwerkingtreding niet in het corpus — zie de wijzigingswet.
Rekenvoorbeeld
Deze bepaling bevat geen bedrag of percentage.
Veelgemaakte fouten
- Denken dat een raming volgens tekenen en indiciën definitief is. Ze geldt "behoudens tegenbewijs".
- Denken dat de regeling alleen natuurlijke personen treft. De tekst noemt uitdrukkelijk ook rechtspersonen.
- Bij tegenbewijs over verkopen van roerende waarden of andere financiële instrumenten elk borderel aanvaarden. De ingeroepen borderellen of documenten hebben slechts bewijskracht als ze de vermelding "op naam" dragen en zijn opgesteld ten name van de belastingplichtige of van de personen van wie hij de rechthebbende is; beide voorwaarden gelden samen.
Verwante bepalingen
- KB-WIB92:200, KB-WIB92:201, KB-WIB92:202, KB-WIB92:203, WIB92:2, WIB92:65, WIB92:178, WIB92:359 en WIB92:360 — begrippen; hun definitie zit niet in de gegevens.
Wat de wet niet regelt
Dit artikel somt niet op welke tekenen en indiciën een hogere graad van gegoedheid aantonen.
Toon de officiële wettekst
Officiële wettekst
Behoudens tegenbewijs mag de raming van de belastbare grondslag, zowel voor rechtspersonen als voor natuurlijke personen, worden gedaan volgens tekenen en indiciën waaruit een hogere graad van gegoedheid blijkt dan uit de aangegeven inkomsten. Wanneer het tegenbewijs van de belastingplichtige betrekking heeft op verkopen van roerende waarden of andere financiële instrumenten die hij zich als belegging heeft aangeschaft, hebben de ingeroepen aankoop- of verkoopborderellen of -documenten tegenover de administratie belast met de vestiging van de inkomstenbelastingen slechts bewijskracht indien ze de vermelding "op naam" dragen en zijn opgesteld ten name van de belastingplichtige of van de personen van wie hij de rechthebbende is.
Tekst: FOD Financiën, FisconetPlus, officieuze coördinatie Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, artikel opgehaald op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek. FOD Financiën, FisconetPlus
Algemene informatie; geen belasting- of juridisch advies en geen toepassing op uw situatie. Versie aj2027; wettekst gecontroleerd op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek.