Theca Wetboek

Het Belgische boekhoud- en fiscaal recht, artikel per artikel uitgelegd.

Onofficiële uitgave met de officiële wettekst; alleen het Belgisch Staatsblad is authentiek.

WIB 92, Art. 337

Uitleg en toepassing zijn door AI geschreven op basis van de officiële wettekst en machinaal tegengelezen (2026-09-29). Deze bepaling is niet door een mens nagekeken. Controleer het zelf: de officiële wettekst staat hieronder, als ongewijzigde kopie van de artikeltekst uit FOD Financiën, FisconetPlus (zonder de noten en titels van de FOD), met een link naar de bron.

Uitleg

In één alinea

Deze bepaling regelt het beroepsgeheim. De wet bepaalt dat wie, uit welken hoofde ook, optreedt bij de toepassing van de belastingwetten, of toegang heeft tot de ambtsvertrekken van de administratie belast met de vestiging, of van die belast met de inning en de invordering, van de inkomstenbelastingen, buiten het uitoefenen van zijn ambt verplicht is tot de meest volstrekte geheimhouding over alle zaken waarvan hij wegens de uitvoering van zijn opdracht kennis heeft. Daarna somt de tekst gevallen op waarin ambtenaren "hun ambt uitoefenen" wanneer ze inlichtingen verstrekken: aan de administratieve diensten, parketten, griffies, besturen en openbare instellingen die de tekst noemt, voor zover die inlichtingen nodig zijn voor de hun opgedragen uitvoering van wettelijke of reglementaire bepalingen; wanneer ambtenaren van de vestiging tijdens een fiscale controle een beroep doen op de specifieke kennis en ervaring van personeelsleden van het Federaal Agentschap van de Schuld; en wanneer ze een vraag om raadpleging, uitleg of mededeling inwilligen van de echtgenoot op wiens goederen de aanslag wordt ingevorderd of van een medeschuldenaar. Personen die deel uitmaken van diensten waaraan "ingevolge het tweede en het derde lid" inlichtingen van fiscale aard werden verstrekt, zijn tot dezelfde geheimhouding verplicht en mogen de bekomen inlichtingen niet gebruiken buiten het kader van de wettelijke bepalingen voor de uitvoering waarvan ze verstrekt zijn; dat geldt ook voor personen van diensten waaraan ingevolge de controle ter uitvoering van de artikelen 320 en 321 inlichtingen van fiscale aard zouden worden verstrekt. Ten slotte oefenen ambtenaren van de Algemene administratie van de patrimoniumdocumentatie hun ambt uit wanneer ze inlichtingen, uittreksels of afschriften uit de kadastrale bescheiden verstrekken: 1° in uitvoering van artikel 504, tweede en derde lid; 2° na de betekening van het kadastraal inkomen, hetzij binnen de termijn van de artikelen 499, 1°, en 500, hetzij in het kader van de bezwaarprocedure van de artikelen 497 tot 503.

Voor wie

Het toepassingsgebied in de gegevens is "beide". De bepaling staat in de titel over de vestiging en inning van de belastingen, in het hoofdstuk over onderzoek en controle, in de afdeling over het beroepsgeheim. Ze geldt voor iedereen die bij de toepassing van de belastingwetten optreedt of toegang heeft tot de genoemde ambtsvertrekken, en voor personen van de diensten die de tekst noemt als ontvangers van inlichtingen van fiscale aard.

Sinds wanneer en overgang

Inwerkingtreding niet in het corpus — zie de wijzigingswet.

Rekenvoorbeeld

Deze bepaling bevat geen bedrag of percentage.

Veelgemaakte fouten

  • Denken dat de geheimhouding alleen voor ambtenaren geldt. Ze geldt voor "hij die, uit welken hoofde ook, optreedt bij de toepassing van de belastingwetten" of toegang heeft tot de genoemde ambtsvertrekken.
  • Denken dat personen van een ontvangende dienst vrij zijn met de ontvangen inlichtingen. Zij zijn tot dezelfde geheimhouding verplicht en mogen de inlichtingen niet gebruiken buiten het kader van de wettelijke bepalingen voor de uitvoering waarvan ze verstrekt zijn.
  • Denken dat elke verstrekking aan een andere overheid toegelaten is. De inlichtingen moeten nodig zijn voor de hun opgedragen uitvoering van wettelijke of reglementaire bepalingen.
  • De kadastrale gevallen verkeerd lezen. Na de betekening van het kadastraal inkomen gaat het om verstrekking "hetzij binnen de termijn voorzien in de artikelen 499, 1°, en 500, hetzij in het kader van de bezwaarprocedure overeenkomstig de artikelen 497 tot 503" — twee alternatieven.

Verwante bepalingen

  • WIB92:329 — omschrijft wat onder openbare instellingen of inrichtingen wordt verstaan: instellingen, maatschappijen, verenigingen, inrichtingen en diensten die de Staat, een Gemeenschap of een Gewest mede beheert, waaraan die een waarborg verstrekt, op de werkzaamheden waarvan die toezicht uitoefent, of waarvan het bestuurspersoneel door de federale Regering of een Gemeenschaps- of Gewestregering wordt aangewezen, op haar voordracht of met haar goedkeuring.
  • WIB92:320 — personen die een vrij beroep, een ambt of een post uitoefenen, moeten voor beroepsontvangsten een gedagtekend en ondertekend ontvangstbewijs uit een boekje afleveren en een dagboek houden, volgens modellen van de Minister van Financiën.
  • WIB92:321 — de Minister van Financiën kan belastingplichtigen en verenigingen, instellingen en groeperingen zonder rechtspersoonlijkheid de verplichting opleggen boeken te houden of documenten en formulieren te gebruiken die hij voor de controle nodig acht.
  • WIB92:504 — de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie bewaart en houdt de kadastrale bescheiden bij en is als enige gemachtigd uittreksels of afschriften ervan te vervaardigen en uit te reiken.
  • WIB92:497 — de belastingplichtige mag bezwaar indienen tegen het hem betekend kadastraal inkomen, behalve in het geval dat die tekst noemt.
  • WIB92:499 — het bezwaar moet op straffe van verval, behoudens overmacht, worden ingediend binnen een termijn van twee maanden vanaf de betekening van het kadastraal inkomen, bij aangetekende brief aan de bevoegde leidende ambtenaar, met vermelding van het inkomen dat de bezwaarindiener voorstelt.
  • WIB92:500 — geen bezwaar tegen een kadastraal inkomen kan nog geldig worden ingediend meer dan één jaar na de betaling van de eerste onroerende voorheffing op grondslag van het betwiste inkomen.
  • WIB92:503 — een wijziging van het kadastraal inkomen ingevolge een bezwaar heeft uitwerking, zelfs ten opzichte van de reeds ten kohiere gebrachte aanslagen op grondslag van dat inkomen.
  • KB-WIB92:200, KB-WIB92:201, KB-WIB92:202, KB-WIB92:203, WIB92:2, WIB92:65, WIB92:178, WIB92:359 en WIB92:360 — begrippen; hun definitie zit niet in de gegevens.

Wat de wet niet regelt

Dit artikel bepaalt zelf geen sanctie bij schending van de geheimhouding.

Toon de officiële wettekst

Officiële wettekst

Hij die, uit welken hoofde ook, optreedt bij de toepassing van de belastingwetten of die toegang heeft tot de ambtsvertrekken van de administratie belast met de vestiging, of deze belast met de inning en de invordering, van de inkomstenbelastingen, is, buiten het uitoefenen van zijn ambt, verplicht tot de meest volstrekte geheimhouding aangaande alle zaken waarvan hij wegens de uitvoering van zijn opdracht kennis heeft. De ambtenaren van de administratie belast met de vestiging, of deze belast met de inning en de invordering, van de inkomstenbelastingen en van de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie oefenen hun ambt uit wanneer zij aan andere administratieve diensten van de Staat, aan de parketten en de griffies van de hoven en van alle rechtscolleges, aan de administraties van de gemeenschappen, de gewesten, de provincies, de agglomeraties, de federaties van gemeenten en de gemeenten, evenals aan de in artikel 329 bedoelde openbare instellingen of inrichtingen, inlichtingen verstrekken welke voor die diensten, instellingen of inrichtingen nodig zijn voor de hun opgedragen uitvoering van wettelijke of reglementaire bepalingen. De ambtenaren van de administratie belast met de vestiging van de inkomstenbelastingen, oefenen hun ambt uit wanneer zij tijdens een fiscale controle teneinde de correcte vestiging van de belasting te verzekeren, een beroep doen op de specifieke kennis en de ervaring van de personeelsleden van het Federaal Agentschap van de Schuld, zoals opgericht bij de Wet van 25 oktober 2016 houdende de oprichting van het Federaal Agentschap van de Schuld en opheffing van het Rentefonds. De ambtenaren van de administratie belast met de vestiging, of deze belast met de inning en de invordering, van de inkomstenbelastingen oefenen eveneens hun ambt uit wanneer zij met betrekking tot de fiscale toestand van een belastingplichtige een vraag om raadpleging, uitleg of mededeling inwilligen van de echtgenoot op wiens goederen de aanslag wordt ingevorderd of van een medeschuldenaar zoals bedoeld in artikel 2 van het Wetboek van de minnelijke en gedwongen invordering van fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen. Personen die deel uitmaken van diensten waaraan de administratie belast met de vestiging, of deze belast met de inning en de invordering, van de inkomstenbelastingen of Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie ingevolge het tweede en het derde lid inlichtingen van fiscale aard heeft verstrekt, zijn tot dezelfde geheimhouding verplicht en mogen de bekomen inlichtingen niet gebruiken buiten het kader van de wettelijke bepalingen voor de uitvoering waarvan zij zijn verstrekt. De bepalingen van het vijfde lid zijn eveneens toepasselijk op de personen die behoren tot diensten waaraan ingevolge de controle georganiseerd ter uitvoering van de artikelen 320 en 321, inlichtingen van fiscale aard zouden worden verstrekt. De ambtenaren van de Algemene administratie van de patrimoniumdocumentatie oefenen eveneens hun ambt uit wanneer zij inlichtingen, uittreksels of afschriften uit de kadastrale bescheiden verstrekken: 1° in uitvoering van de bepalingen van artikel 504, tweede en derde lid; 2° na de betekening van het kadastraal inkomen, hetzij binnen de termijn voorzien in de artikelen 499, 1°, en 500, hetzij in het kader van de bezwaarprocedure overeenkomstig de artikelen 497 tot 503.

Tekst: FOD Financiën, FisconetPlus, officieuze coördinatie Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, artikel opgehaald op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek. FOD Financiën, FisconetPlus

Algemene informatie; geen belasting- of juridisch advies en geen toepassing op uw situatie. Versie aj2027; wettekst gecontroleerd op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek.