WIB 92, Art. 292
Uitleg en toepassing zijn door AI geschreven op basis van de officiële wettekst en machinaal tegengelezen (2026-09-29). Deze bepaling is niet door een mens nagekeken. Controleer het zelf: de officiële wettekst staat hieronder, als ongewijzigde kopie van de artikeltekst uit FOD Financiën, FisconetPlus (zonder de noten en titels van de FOD), met een link naar de bron.
Uitleg
In één alinea
Voor binnenlandse vennootschappen worden de sommen die als fictieve roerende voorheffing en als forfaitair gedeelte van buitenlandse belasting verrekenbaar zijn, volledig met de vennootschapsbelasting verrekend; een eventueel teveel wordt niet terugbetaald. Met de afzonderlijke aanslagen gevestigd ingevolge de artikelen 219 en 219bis worden geen voorheffingen verrekend. Die verrekenbare sommen worden evenmin verrekend met het bedrag van de in artikel 185, § 4, eerste lid, bedoelde groepsbijdrage dat in de belastbare grondslag wordt opgenomen. In afwijking van de volledige verrekening wordt het forfaitair gedeelte van buitenlandse belasting slechts verrekend tot het aandeel van de vennootschapsbelasting dat betrekking heeft op de belastbare netto-inkomsten die voortkomen uit een hybride overdracht. Die netto-inkomsten zijn het verschil tussen de inkomsten verkregen in het kader van die hybride overdracht en de eventuele betalingen die eveneens in het kader ervan moesten worden gedaan.
Voor wie
Het toepassingsgebied in de gegevens is "beide". De bepaling staat in de titel met de aan de vier belastingen gemene bepalingen, in het hoofdstuk over de verrekening van de voorheffingen, in de afdeling over de mate van verrekening van onder meer de roerende voorheffing, het forfaitair gedeelte van buitenlandse belasting en de belastingkredieten. De tekst zelf geldt "voor binnenlandse vennootschappen".
Sinds wanneer en overgang
Inwerkingtreding niet in het corpus — zie de wijzigingswet.
Rekenvoorbeeld
Deze bepaling bevat geen bedrag of percentage. Symbolisch: een binnenlandse vennootschap verkrijgt inkomsten I in het kader van een hybride overdracht en moest in dat kader betalingen P doen. De netto-inkomsten zijn I − P. Stel dat het aandeel van de vennootschapsbelasting dat betrekking heeft op I − P gelijk is aan A, en dat het forfaitair gedeelte van buitenlandse belasting F is. Is F niet hoger dan A, dan wordt F verrekend; is F hoger dan A, dan wordt slechts A verrekend. Een teveel wordt niet terugbetaald.
Veelgemaakte fouten
- Een teveel aan fictieve roerende voorheffing of forfaitair gedeelte van buitenlandse belasting terugvragen. De wet bepaalt dat het eventuele teveel niet wordt terugbetaald.
- Voorheffingen verrekenen met de afzonderlijke aanslagen gevestigd ingevolge de artikelen 219 en 219bis.
- De verrekenbare sommen verrekenen met het bedrag van de groepsbijdrage uit artikel 185, § 4, eerste lid, dat in de belastbare grondslag wordt opgenomen.
- Bij een hybride overdracht het forfaitair gedeelte van buitenlandse belasting verrekenen met de hele vennootschapsbelasting. Het wordt slechts verrekend tot het aandeel dat betrekking heeft op de belastbare netto-inkomsten uit die overdracht.
- De netto-inkomsten gelijkstellen aan de verkregen inkomsten. De betalingen die in het kader van de hybride overdracht moesten worden gedaan, gaan er eerst af.
Verwante bepalingen
- WIB92:219 — een afzonderlijke aanslag wordt gevestigd op onder meer de daar bedoelde kosten, voordelen van alle aard, inkomsten en dividenden die niet worden verantwoord door individuele fiches, en op verdoken meerwinsten en bepaalde financiële voordelen, met de uitzonderingen die daar staan.
- WIB92:219bis — een afzonderlijke aanslag wordt gevestigd ten name van de daar omschreven kredietverenigingen, maatschappijen, kredietkassen en vennootschappen bij uitsluiting of ontslagname uit het net van het beroepskrediet of bij intrekking of afstand van de erkenning, en een afzonderlijke aanslag op de dividenduitkering van de daar bedoelde vennootschappen.
- WIB92:185 — § 4: heeft de vennootschap zich in een groepsbijdrage-overeenkomst als bedoeld in artikel 205/5, § 3, ertoe verbonden het bedrag van de groepsbijdrage als winst op te nemen, dan wordt dat bedrag opgenomen in de belastbare grondslag van het belastbaar tijdperk dat met dat aanslagjaar verbonden is.
- KB-WIB92:200, KB-WIB92:201, KB-WIB92:202, KB-WIB92:203, WIB92:2, WIB92:65, WIB92:178, WIB92:359 en WIB92:360 — begrippen; hun definitie zit niet in de gegevens.
Wat de wet niet regelt
Dit artikel omschrijft zelf niet wat een hybride overdracht is.
Toon de officiële wettekst
Officiële wettekst
Voor binnenlandse vennootschappen worden de als fictieve roerende voorheffing en forfaitair gedeelte van buitenlandse belasting verrekenbare sommen volledig met de vennootschapsbelasting verrekend en wordt het eventuele teveel niet terugbetaald. Geen voorheffingen worden verrekend met de afzonderlijke aanslagen gevestigd ingevolge de artikelen 219 en 219bis. De in het eerste lid bedoelde verrekenbare sommen worden niet verrekend met het bedrag van de in artikel 185, § 4, eerste lid, bedoelde groepsbijdrage dat in de belastbare grondslag wordt opgenomen. In afwijking van het eerste lid wordt het forfaitair gedeelte van de buitenlandse belasting slechts verrekend tot het aandeel van de vennootschapsbelasting dat betrekking heeft op de belastbare netto-inkomsten die voortkomen uit een hybride overdracht. Die netto-inkomsten bestaan uit het verschil tussen de inkomsten die zijn verkregen in het kader van die hybride overdracht en de eventuele betalingen die eveneens in het kader van die hybride overdracht moesten gedaan worden.
Tekst: FOD Financiën, FisconetPlus, officieuze coördinatie Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, artikel opgehaald op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek. FOD Financiën, FisconetPlus
Algemene informatie; geen belasting- of juridisch advies en geen toepassing op uw situatie. Versie aj2027; wettekst gecontroleerd op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek.