WIB 92, Art. 289/1
Uitleg en toepassing zijn door AI geschreven op basis van de officiële wettekst en machinaal tegengelezen (2026-09-29). Deze bepaling is niet door een mens nagekeken. Controleer het zelf: de officiële wettekst staat hieronder, als ongewijzigde kopie van de artikeltekst uit FOD Financiën, FisconetPlus (zonder de noten en titels van de FOD), met een link naar de bron.
Uitleg
In één alinea
Werd de niet-uitgekeerde winst van een buitenlandse vennootschap of buitenlandse inrichting die als CFC wordt aangemerkt, overeenkomstig artikel 185/2 in het voorgaande belastbare tijdperk belast in hoofde van de belastingplichtige, dan mag de belasting die die vennootschap of inrichting voor dat tijdperk daadwerkelijk heeft betaald aan de Staat waar ze gevestigd of gelegen is, ter voldoening van de daar verschuldigde buitenlandse inkomstenbelasting, worden verrekend met de vennootschapsbelasting van het belastbare tijdperk. Niet het volle bedrag telt: het daadwerkelijk betaalde bedrag wordt vermenigvuldigd met een breuk. Voor een buitenlandse vennootschap of de inrichting van een buitenlandse vennootschap is de teller het bedrag bekomen na toepassing van artikel 185/2, § 2, vijfde lid, dat daadwerkelijk als winst van de belastingplichtige werd aangemerkt, en de noemer de winst van de buitenlandse vennootschap of inrichting vastgesteld overeenkomstig artikel 185/2, § 2, tweede lid. Voor een buitenlandse inrichting van de belastingplichtige zelf is de teller het bedrag bekomen na toepassing van artikel 185/2, § 2, achtste lid, dat daadwerkelijk als winst van de belastingplichtige werd aangemerkt, en de noemer de winst van die inrichting vastgesteld overeenkomstig artikel 185/2, § 2, zevende lid. Voorafbetalingen voor die inkomstenbelastingen, gedaan in het tijdperk dat aan het belastbare tijdperk voorafgaat, tellen mee als betaald; belastingverhogingen, boeten of andere vormen van administratieve sancties worden in voorkomend geval uitgesloten.
Voor wie
Het toepassingsgebied in de gegevens is "beide". De bepaling staat in de titel met de aan de vier belastingen gemene bepalingen, in het hoofdstuk over de verrekening van de voorheffingen, in de afdeling over de vaststelling van buitenlandse belasting op de in artikel 185/2 bedoelde winst. De tekst zelf spreekt van verrekening "met de vennootschapsbelasting" door de belastingplichtige in wiens hoofde de CFC-winst werd belast.
Sinds wanneer en overgang
Inwerkingtreding niet in het corpus — zie de wijzigingswet.
Rekenvoorbeeld
Deze bepaling bevat geen bedrag of percentage. Symbolisch, voor een buitenlandse vennootschap die als CFC wordt aangemerkt: stel dat het daadwerkelijk betaalde bedrag aan inkomstenbelasting B is (inclusief de voorafbetalingen uit het voorafgaande tijdperk, zonder belastingverhogingen, boeten of andere administratieve sancties). Stel dat het bedrag dat na toepassing van artikel 185/2, § 2, vijfde lid, daadwerkelijk als winst van de belastingplichtige werd aangemerkt, T is (de teller), en dat de winst van de buitenlandse vennootschap vastgesteld overeenkomstig artikel 185/2, § 2, tweede lid, N is (de noemer). Het bedrag dat met de vennootschapsbelasting mag worden verrekend, is dan B × T / N, afgerond op hele centen.
Veelgemaakte fouten
- Het volle bedrag aan buitenlandse belasting verrekenen. De wet vermenigvuldigt het daadwerkelijk betaalde bedrag met de breuk die zij omschrijft.
- Voor een buitenlandse inrichting van de belastingplichtige dezelfde leden gebruiken als voor een buitenlandse vennootschap. Voor die inrichting verwijst de tekst naar het achtste lid (teller) en het zevende lid (noemer) van artikel 185/2, § 2, en niet naar het vijfde en het tweede lid.
- Belastingverhogingen, boeten of andere administratieve sancties als betaalde belasting meetellen. Die worden in voorkomend geval uitgesloten.
- Voorafbetalingen uit het tijdperk vóór het belastbare tijdperk vergeten. Die worden voor het bepalen van het daadwerkelijk betaalde bedrag wel meegeteld.
- Uitgaan van de belasting die verschuldigd was in plaats van de belasting die "daadwerkelijk" werd betaald.
Verwante bepalingen
- WIB92:185/2 — winst omvat eveneens de niet-uitgekeerde winst van een buitenlandse vennootschap of buitenlandse inrichting die als gecontroleerde buitenlandse vennootschap of CFC wordt aangemerkt en niet van de toepassing van dat artikel is vrijgesteld; het artikel regelt hoe die winst wordt bepaald, wanneer een vennootschap of inrichting als CFC wordt aangemerkt en wanneer de niet-uitgekeerde winst wordt vrijgesteld.
- KB-WIB92:200, KB-WIB92:201, KB-WIB92:202, KB-WIB92:203, WIB92:2, WIB92:65, WIB92:178, WIB92:359 en WIB92:360 — begrippen; hun definitie zit niet in de gegevens.
Wat de wet niet regelt
Dit artikel bepaalt zelf niet wanneer een buitenlandse vennootschap of inrichting als CFC wordt aangemerkt; het gaat uit van een belasting overeenkomstig artikel 185/2.
Toon de officiële wettekst
Officiële wettekst
In het geval overeenkomstig artikel 185/2 de niet uitgekeerde winst van een in datzelfde artikel bedoelde buitenlandse vennootschap of buitenlandse inrichting die als CFC wordt aangemerkt, in het voorgaande belastbare tijdperk werd belast in hoofde van de belastingplichtige, dan mag de belasting die de buitenlandse vennootschap of buitenlandse inrichting daadwerkelijk heeft betaald aan de Staat waar deze buitenlandse vennootschap gevestigd is of waar de buitenlandse inrichting gelegen is ter voldoening van de buitenlandse inkomstenbelasting die voor dat belastbare tijdperk verschuldigd is, worden verrekend met de vennootschapsbelasting die voor het belastbare tijdperk verschuldigd is, overeenkomstig de bepalingen van dit artikel. Het daadwerkelijk betaalde bedrag aan inkomstenbelasting voor dat belastbare tijdperk die de buitenlandse vennootschap of de inrichting van de buitenlandse vennootschap verschuldigd is aan de Staat waar deze vennootschap gevestigd is of waar de buitenlandse inrichting gelegen is, wordt vermenigvuldigd met een breuk waarvan de teller gelijk is aan het bedrag dat wordt bekomen na toepassing van artikel 185/2, § 2, vijfde lid, dat in toepassing van dat artikel 185/2 daadwerkelijk als winst van de belastingplichtige werd aangemerkt, en waarvan de noemer gelijk is aan de winst van de buitenlandse vennootschap of buitenlandse inrichting die overeenkomstig artikel 185/2, § 2, tweede lid, werd vastgesteld. Het daadwerkelijk betaalde bedrag aan inkomstenbelasting voor dat belastbare tijdperk die de buitenlandse inrichting van de belastingplichtige verschuldigd is aan de Staat waar deze buitenlandse inrichting gelegen is, wordt vermenigvuldigd met een breuk waarvan de teller gelijk is aan het bedrag dat wordt bekomen na toepassing van artikel 185/2, § 2, achtste lid, dat in toepassing van dat artikel 185/2 daadwerkelijk als winst van de belastingplichtige werd aangemerkt, en waarvan de noemer gelijk is aan de winst van de buitenlandse inrichting die overeenkomstig artikel 185/2, § 2, zevende lid, werd vastgesteld. Voor het bepalen van het daadwerkelijk betaalde bedrag aan inkomstenbelasting van het belastbare tijdperk worden ook de voorafbetalingen voor deze inkomstenbelastingen meegeteld die in de loop van het tijdperk dat voorafgaat aan het belastbare tijdperk werden gedaan, maar worden in voorkomend geval de belastingverhogingen, boeten of andere vormen van administratieve sancties uitgesloten.
Tekst: FOD Financiën, FisconetPlus, officieuze coördinatie Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, artikel opgehaald op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek. FOD Financiën, FisconetPlus
Algemene informatie; geen belasting- of juridisch advies en geen toepassing op uw situatie. Versie aj2027; wettekst gecontroleerd op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek.