WIB 92, Art. 281
Uitleg en toepassing zijn door AI geschreven op basis van de officiële wettekst en machinaal tegengelezen (2026-09-29). Deze bepaling is niet door een mens nagekeken. Controleer het zelf: de officiële wettekst staat hieronder, als ongewijzigde kopie van de artikeltekst uit FOD Financiën, FisconetPlus (zonder de noten en titels van de FOD), met een link naar de bron.
Uitleg
In één alinea
Dit artikel stelt een voorwaarde voor de verrekening van roerende voorheffing op dividenden wanneer de verkrijger de effecten gebruikt voor het uitoefenen van zijn beroepswerkzaamheid. De voorheffing wordt dan slechts verrekend op voorwaarde dat de belastingplichtige de volle eigendom van de effecten had op de datum waarop de rechthebbenden van de dividenden worden geïdentificeerd.
Voor wie
Toepassingsgebied volgens het manifest: beide. In het wetboek staat de bepaling bij de aan de vier belastingen gemene bepalingen, bij de verrekening van de voorheffingen, onder de roerende voorheffing. Ze betreft verkrijgers van dividenden die de effecten gebruiken voor het uitoefenen van hun beroepswerkzaamheid.
Sinds wanneer en overgang
Inwerkingtreding niet in het corpus — zie de wijzigingswet.
Rekenvoorbeeld
Deze bepaling bevat geen bedrag of percentage. Het is een alles-of-nietsvoorwaarde: had de belastingplichtige op de identificatiedatum de volle eigendom van de effecten, dan wordt de roerende voorheffing R op de dividenden verrekend; zo niet, dan wordt R niet verrekend.
Veelgemaakte fouten
- Naakte eigendom of vruchtgebruik laten volstaan. De wet eist "de volle eigendom van de effecten".
- Kijken naar de datum van betaling in plaats van naar de identificatiedatum. De wet verwijst naar "de datum waarop de rechthebbenden van de dividenden worden geïdentificeerd".
- De voorwaarde toepassen op dividenden van effecten die niet voor de beroepswerkzaamheid worden gebruikt. De tekst betreft alleen dividenden "waarvan de verkrijger de effecten gebruikt voor het uitoefenen van zijn beroepswerkzaamheid".
Verwante bepalingen
KB-WIB92:200, KB-WIB92:201, KB-WIB92:202, KB-WIB92:203, WIB92:2, WIB92:65, WIB92:178, WIB92:359 en WIB92:360 — begrippen; hun definitie zit niet in de gegevens.
Wat de wet niet regelt
Dit artikel zegt niet hoe of door wie de datum van identificatie van de rechthebbenden wordt vastgesteld.
Toon de officiële wettekst
Officiële wettekst
De roerende voorheffing betreffende dividenden waarvan de verkrijger de effecten gebruikt voor het uitoefenen van zijn beroepswerkzaamheid, wordt slechts verrekend op voorwaarde dat de belastingplichtige de volle eigendom van de effecten had op de datum waarop de rechthebbenden van de dividenden worden geïdentificeerd.
Tekst: FOD Financiën, FisconetPlus, officieuze coördinatie Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, artikel opgehaald op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek. FOD Financiën, FisconetPlus
Algemene informatie; geen belasting- of juridisch advies en geen toepassing op uw situatie. Versie aj2027; wettekst gecontroleerd op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek.