WIB 92, Art. 264/2
Uitleg en toepassing zijn door AI geschreven op basis van de officiële wettekst en machinaal tegengelezen (2026-09-29). Deze bepaling is niet door een mens nagekeken. Controleer het zelf: de officiële wettekst staat hieronder, als ongewijzigde kopie van de artikeltekst uit FOD Financiën, FisconetPlus (zonder de noten en titels van de FOD), met een link naar de bron.
Uitleg
In één alinea
Dit artikel stelt dividenden van een Europese langetermijnbeleggingsinstelling onder voorwaarden vrij van roerende voorheffing wanneer ze naar een buitenlandse vennootschap gaan. De roerende voorheffing is niet verschuldigd op de dividenden bedoeld in artikel 202, § 1, 1° en 2°, waarvan de schuldenaar een Europese langetermijnbeleggingsinstelling is en de verkrijger een vennootschap gevestigd in een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte of in een Staat waarmee België een overeenkomst ter voorkoming van dubbele belasting heeft gesloten, op voorwaarde dat die overeenkomst of een ander verdrag in de nodige uitwisseling van inlichtingen voorziet. Het artikel geldt "slechts" voor zover de uitgekeerde inkomsten afkomstig zijn van dividenden die zelf voldoen aan de aftrekvoorwaarden van artikel 203, § 1, eerste lid, 1° tot 4°, of van meerwaarden op aandelen of rechten van deelneming die op grond van artikel 192, § 1, voor vrijstelling in aanmerking komen. Het geldt ook alleen in de mate dat de roerende voorheffing die zonder deze vrijstelling verschuldigd zou zijn, bij de verkrijger niet zou kunnen worden verrekend noch terugbetaald, en alleen als de verkrijger onderworpen is aan de vennootschapsbelasting of een gelijksoortige belasting zonder een van het gemeen recht afwijkend belastingstelsel. § 2: de vrijstelling wordt slechts toegestaan als aan de schuldenaar een attest wordt overhandigd dat drie punten bevestigt.
Voor wie
Het toepassingsgebied in de gegevens is "beide". De bepaling staat in de titel met de aan de vier belastingen gemene bepalingen, in het hoofdstuk over de storting van de belasting door voorheffing, in de onderafdeling over vrijstelling en verzaking van de voorheffing. Ze raakt de Europese langetermijnbeleggingsinstelling die de dividenden uitkeert en de verkrijgende vennootschap in een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte of in een verdragsstaat.
Sinds wanneer en overgang
Inwerkingtreding niet in het corpus — zie de wijzigingswet.
Rekenvoorbeeld
Deze bepaling bevat geen bedrag of percentage. Symbolisch: keert de instelling een dividend D uit, waarvan een deel D1 afkomstig is van dividenden die aan de aftrekvoorwaarden van artikel 203, § 1, eerste lid, 1° tot 4°, voldoen of van meerwaarden die op grond van artikel 192, § 1, voor vrijstelling in aanmerking komen, dan kan de vrijstelling alleen op D1 slaan, en daarvan alleen op het deel waarvoor de voorheffing bij de verkrijger niet verrekenbaar noch terugbetaalbaar zou zijn.
Veelgemaakte fouten
- De vrijstelling toepassen op het volledige dividend van de instelling. Ze geldt alleen voor zover de inkomsten afkomstig zijn van dividenden die zelf aan de aftrekvoorwaarden voldoen of van meerwaarden die voor vrijstelling in aanmerking komen.
- Vrijstellen zonder attest. Aan de schuldenaar moet een attest worden overhandigd dat bevestigt dat de verkrijger onderworpen is aan de vennootschapsbelasting of een gelijksoortige belasting zonder afwijkend stelsel (1°), in welke mate de roerende voorheffing voor de verkrijger in beginsel verrekenbaar of terugbetaalbaar is volgens de wettelijke bepalingen op 31 december van het jaar vóór de toekenning of betaalbaarstelling (2°), en wat de volledige naam, rechtsvorm, adres en in voorkomend geval het fiscaal identificatienummer van de verkrijger is (3°).
- De vrijstelling volledig toekennen terwijl de verkrijger de voorheffing kan verrekenen of terugkrijgen. Het artikel geldt alleen in de mate dat ze noch verrekend noch terugbetaald zou kunnen worden.
- Een verkrijger in een verdragsstaat zonder uitwisseling van inlichtingen laten meetellen. De overeenkomst of een ander verdrag moet in die uitwisseling voorzien.
Verwante bepalingen
- WIB92:202 — § 1: van de winst worden onder meer afgetrokken dividenden, met uitzondering van inkomsten bij de afstand van eigen aandelen of bij de gehele of gedeeltelijke verdeling van het vermogen van een vennootschap (1°), en, bij een dividend waarop de artikelen 186, 187 of 209 of gelijkaardige buitenlandse bepalingen zijn toegepast, het positieve verschil tussen de verkregen sommen en de aanschaffings- of beleggingsprijs van de aandelen (2°).
- WIB92:203 — § 1, eerste lid: de inkomsten uit artikel 202, § 1, 1° en 2°, zijn niet aftrekbaar wanneer ze verleend worden door onder meer een vennootschap die niet aan de vennootschapsbelasting of een gelijkaardige buitenlandse belasting onderworpen is of in een land met aanzienlijk gunstiger gemeenrechtelijke belastingbepalingen gevestigd is (1°), bepaalde financierings-, thesaurie- of beleggingsvennootschappen met een afwijkende regeling (2°), vastgoedvennootschappen met een afwijkende regeling (2°bis), een vennootschap met buitenlandse niet-dividendinkomsten onder een afwijkende regeling (3°) of een vennootschap met buitenlandse inrichtingen onder een aanzienlijk gunstiger aanslagregeling (4°).
- WIB92:192 — § 1: meerwaarden op aandelen die niet in artikel 45, § 1, eerste lid, 1°, bedoeld zijn, zijn volledig vrijgesteld in de mate dat de eventuele inkomsten van die aandelen in aanmerking komen om krachtens de artikelen 202, §§ 1 en 2, en 203 van de winst te worden afgetrokken, met de beperkingen die daar staan.
- KB-WIB92:200, KB-WIB92:201, KB-WIB92:202, KB-WIB92:203, WIB92:2, WIB92:65, WIB92:178, WIB92:359 en WIB92:360 — begrippen; hun definitie zit niet in de gegevens.
Wat de wet niet regelt
Dit artikel bepaalt zelf niet in welke vorm of volgens welk model het attest moet worden opgesteld.
Toon de officiële wettekst
Officiële wettekst
§ 1. De roerende voorheffing is niet verschuldigd op de in artikel 202, § 1, 1° en 2°, bedoelde dividenden waarvan de schuldenaar een Europese langetermijnbeleggingsinstelling is en waarvan de verkrijger een vennootschap is die gevestigd is in een andere lidstaat van de Europese Economische Ruimte dan België of in een Staat waarmee België een overeenkomst ter voorkoming van dubbele belasting heeft gesloten, op voorwaarde dat deze overeenkomst of enig ander verdrag in de uitwisseling van inlichtingen voorziet die nodig zijn om uitvoering te geven aan de bepalingen van de nationale wetten van de overeenkomstsluitende Staten. Dit artikel is evenwel slechts van toepassing voor zover de inkomsten uitgekeerd door de schuldenaar afkomstig zijn van dividenden die zelf voldoen aan de voorwaarden voor aftrek bedoeld in artikel 203, § 1, eerste lid, 1° tot 4°, of van meerwaarden op aandelen of rechten van deelneming die op grond van artikel 192, § 1, voor vrijstelling in aanmerking komen. Dit artikel is slechts van toepassing in de mate dat de roerende voorheffing, die verschuldigd zou zijn in het geval de bij dit artikel bepaalde vrijstelling niet zou bestaan, niet zou kunnen worden verrekend noch worden terugbetaald in hoofde van de verkrijger. Dit artikel is slechts van toepassing indien de verkrijger een vennootschap is die is onderworpen aan de vennootschapsbelasting of aan een gelijksoortige belasting als de vennootschapsbelasting zonder te genieten van een belastingstelsel dat afwijkt van het gemeen recht. § 2. De vrijstelling wordt slechts toegestaan indien aan de schuldenaar van de dividenden een attest wordt overhandigd waarbij is bevestigd: 1° dat de verkrijger onderworpen is aan de vennootschapsbelasting of aan een gelijksoortige belasting als de vennootschapsbelasting zonder te genieten van een belastingstelsel dat afwijkt van het gemeen recht; 2° in welke mate, voor de verkrijgende vennootschap, de roerende voorheffing, die verschuldigd zou zijn in het geval de bij dit artikel bepaalde vrijstelling niet zou bestaan, in beginsel verrekenbaar of terugbetaalbaar is op grond van de wettelijke bepalingen die gelden op 31 december van het jaar voorafgaand aan de toekenning of betaalbaarstelling van het in paragraaf 1, eerste lid, bedoelde dividend; 3° wat de volledige naam, de rechtsvorm, het adres en in voorkomend geval het fiscaal identificatienummer van de verkrijgende vennootschap is.
Tekst: FOD Financiën, FisconetPlus, officieuze coördinatie Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, artikel opgehaald op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek. FOD Financiën, FisconetPlus
Algemene informatie; geen belasting- of juridisch advies en geen toepassing op uw situatie. Versie aj2027; wettekst gecontroleerd op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek.