Theca Wetboek

Het Belgische boekhoud- en fiscaal recht, artikel per artikel uitgelegd.

Onofficiële uitgave met de officiële wettekst; alleen het Belgisch Staatsblad is authentiek.

WIB 92, Art. 24

Uitleg en toepassing zijn door AI geschreven op basis van de officiële wettekst en machinaal tegengelezen (2026-09-27). Deze bepaling is niet door een mens nagekeken. Controleer het zelf: de officiële wettekst staat hieronder, als ongewijzigde kopie van de artikeltekst uit FOD Financiën, FisconetPlus (zonder de noten en titels van de FOD), met een link naar de bron.

Uitleg

In één alinea

De wet bepaalt dat winst bestaat uit de inkomsten van alle nijverheids-, handels- of landbouwondernemingen die op vier manieren ontstaan. Ten eerste uit alle verrichtingen van de inrichtingen van de onderneming. Ten tweede uit elke waardevermeerdering van activa en elke waardevermindering van passiva, als de meerwaarde of minderwaarde verwezenlijkt is of in de boekhouding of jaarrekening is uitgedrukt. Ten derde uit een meerwaarde op financiële vaste activa en andere effecten in portefeuille, zelfs als ze niet uitgedrukt of niet verwezenlijkt is: dat geldt als de waarde op het einde van het belastbare tijdperk gestegen is, en alleen voor zover ze niet hoger is dan de aanschaffings- of beleggingswaarde. Ten vierde uit onderwaarderingen van activa of overwaarderingen van passiva, voor zover die niet samenvallen met een vermeerdering of vermindering, of met afschrijvingen die fiscaal aangenomen zijn. Activa zijn alle vermogensbestanddelen, ook voorraden en bestellingen in uitvoering. De belastbare winst volgt de Belgische boekhoudwetgeving, onder voorbehoud van de afwijkende bepalingen in dit wetboek, in bijzondere wetten over de inkomstenbelastingen en in de uitvoeringsbesluiten. Meerwaarden op de voertuigen van artikel 66 tellen maar mee in een verhouding tussen afschrijvingen (zie het rekenvoorbeeld). Het onverdeeld vermogen van een gemeenschappelijk beleggingsfonds geldt niet als onderneming. Meerwaarden die vastgesteld worden bij de omzetting van effecten in rechten van deelneming in beleggingsfondsen gelden als verwezenlijkt.

Voor wie

Het toepassingsgebied in de gegevens is "beide": de personenbelasting en de vennootschapsbelasting. De bepaling gaat over nijverheids-, handels- en landbouwondernemingen.

Sinds wanneer en overgang

Inwerkingtreding niet in het corpus — zie de wijzigingswet.

Rekenvoorbeeld

Deze bepaling bevat geen tarief. Ze bevat wel een verhouding voor meerwaarden op de voertuigen van artikel 66, die symbolisch zo werkt:

  • M = de meerwaarde op het voertuig;
  • F = de som van de afschrijvingen die vóór de verkoop fiscaal aangenomen zijn, voor elk belastbaar tijdperk beperkt tot 100 %;
  • G = de som van de geboekte afschrijvingen voor dezelfde belastbare tijdperken.

Het deel van de meerwaarde dat meetelt, is M × F / G. In dit voorbeeld wordt alleen het eindresultaat één keer afgerond op hele centen.

Veelgemaakte fouten

  • Denken dat alleen verwezenlijkte meerwaarden tellen. Ook een meerwaarde die in de boekhouding of jaarrekening is uitgedrukt, telt; bij financiële vaste activa en effecten in portefeuille zelfs een niet-uitgedrukte of niet-verwezenlijkte, maar niet boven de aanschaffings- of beleggingswaarde.
  • Voorraden en bestellingen in uitvoering vergeten. De wet rekent ze uitdrukkelijk tot de activa.
  • De boekhoudkundige winst als eindpunt zien. De wet volgt de boekhoudwetgeving alleen onder voorbehoud van de afwijkende fiscale bepalingen.
  • De meerwaarde op een voertuig van artikel 66 volledig laten meetellen, zonder de verhouding tussen fiscaal aangenomen en geboekte afschrijvingen.

Verwante bepalingen

  • WIB92:66 — de wet beperkt daar de aftrek van beroepskosten voor het gebruik van voertuigen: volgens paragraaf 1 zijn die kosten niet aftrekbaar, tenzij het voertuig geen CO 2 uitstoot, met eigen regels voor oplaadbare hybridevoertuigen. Artikel 66 verwijst voor die voertuigen zelf naar artikel 65.

Wat de wet niet regelt

Deze bepaling zegt niet welke afschrijvingen fiscaal aangenomen worden.

Toon de officiële wettekst

Officiële wettekst

Winst bestaat uit inkomsten van alle nijverheids-, handels- of landbouwondernemingen die voortkomen: 1° uit alle verrichtingen gedaan door de inrichtingen van die ondernemingen of door toedoen daarvan; 2° uit enige waardevermeerdering van activa die voor het uitoefenen van de beroepswerkzaamheid worden gebruikt en uit enige uit die werkzaamheid volgende waardevermindering van passiva, wanneer de desbetreffende meerwaarden of minderwaarden zijn verwezenlijkt of in de boekhouding of jaarrekening zijn uitgedrukt; 3° uit enige, zelfs niet-uitgedrukte of zelfs niet-verwezenlijkte meerwaarde op financiële vaste activa en andere effecten in portefeuille die voor het uitoefenen van de beroepswerkzaamheid worden gebruikt, indien de waarde daarvan op het einde van het belastbare tijdperk is toegenomen en in zover ze niet hoger is dan de aanschaffings- of beleggingswaarde; 4° uit onderwaarderingen van activa of overwaarderingen van passiva, in zover de onderwaardering of de overwaardering niet samenvalt met een al dan niet uitgedrukte vermeerdering of vermindering, naar het geval, noch met afschrijvingen die voor de toepassing van de belasting in aanmerking zijn genomen. De bovenvermelde activa omvatten alle vermogensbestanddelen, met inbegrip van voorraden en bestellingen in uitvoering. De belastbare winst wordt, onder voorbehoud van de afwijkende bepalingen in dit Wetboek, in de bijzondere wetsbepalingen met betrekking tot de inkomstenbelastingen en in de tot uitvoering ervan genomen besluiten, vastgesteld overeenkomstig de Belgische wetgeving met betrekking tot de boekhoudkundige verplichtingen van ondernemingen. Meerwaarden op in artikel 66 vermelde voertuigen worden slechts in aanmerking genomen tot de in procenten uitgedrukte verhouding tussen de som van de vóór de verkoop fiscaal aangenomen afschrijvingen, voor elk belastbaar tijdperk beperkt tot 100 %, en de som van de geboekte afschrijvingen voor de overeenstemmende belastbare tijdperken. Het onverdeeld vermogen van een gemeenschappelijk beleggingsfonds wordt niet als een in het eerste lid bedoelde onderneming aangemerkt. Als verwezenlijkt worden beschouwd, de vastgestelde meerwaarden bij omzetting van effecten in rechten van deelneming in beleggingsfondsen.

Tekst: FOD Financiën, FisconetPlus, officieuze coördinatie Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, artikel opgehaald op 2026-09-27. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek. FOD Financiën, FisconetPlus

Algemene informatie; geen belasting- of juridisch advies en geen toepassing op uw situatie. Versie aj2027; wettekst gecontroleerd op 2026-09-27. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek.