WIB 92, Art. 218
Uitleg en toepassing zijn door AI geschreven op basis van de officiële wettekst en machinaal tegengelezen (2026-09-27). Deze bepaling is niet door een mens nagekeken. Controleer het zelf: de officiële wettekst staat hieronder, als ongewijzigde kopie van de artikeltekst uit FOD Financiën, FisconetPlus (zonder de noten en titels van de FOD), met een link naar de bron.
Uitleg
In één alinea
Artikel 218 regelt de vermeerdering van de vennootschapsbelasting wanneer een vennootschap geen of ontoereikende voorafbetalingen doet. De wet bepaalt dat de belasting berekend volgens de artikelen 215 tot 217, zonder het in artikel 413/1, § 1, beoogde gedeelte, eventueel wordt vermeerderd zoals vermeld in de artikelen 157 tot 168. Voor de vennootschapsbelasting gelden daarbij eigen regels: de basisrentevoet van artikel 161 mag niet lager zijn dan 3 %; de beperking van de vermeerdering tot 90 % en de verhoging van de berekeningsgrondslag tot 106 % van de Rijksbelasting gelden niet; en de uitzondering op de vermeerdering van artikel 163 is niet van toepassing. Een vennootschap die als kleine vennootschap wordt aangemerkt, is geen vermeerdering verschuldigd op de belasting die betrekking heeft op de eerste drie boekjaren vanaf haar oprichting. Voor een tijdperk van minder of meer dan twaalf maanden of een boekjaar dat op een andere datum dan 31 december wordt afgesloten, stelt de Koning bijzondere regels vast.
Voor wie
Toepassingsgebied: vennootschapsbelasting. De vermeerdering geldt voor vennootschappen die geen of ontoereikende voorafbetalingen doen; § 2 zondert een kleine vennootschap uit voor de eerste drie boekjaren vanaf haar oprichting.
Sinds wanneer en overgang
Inwerkingtreding niet in het corpus — zie de wijzigingswet.
Rekenvoorbeeld
Deze bepaling legt de grondslag en afwijkende regels vast; de berekening van de vermeerdering zelf staat in de artikelen 157 tot 168. Symbolisch: noem T de belasting berekend volgens de artikelen 215 tot 217, zonder het in artikel 413/1, § 1, beoogde gedeelte. De vermeerdering wordt berekend op T zelf, niet op 106 % van T, en het bedrag dat daaruit volgt, wordt niet tot 90 % teruggebracht. De basisrentevoet die daarbij gebruikt wordt, is minstens 3 %. Is de vennootschap een kleine vennootschap en gaat het om een van haar eerste drie boekjaren vanaf haar oprichting, dan is de vermeerdering nul.
Veelgemaakte fouten
- De verhoging van de berekeningsgrondslag tot 106 % toepassen die artikel 165 voor de onderafdeling bepaalt. Artikel 218 sluit die verhoging voor de vennootschapsbelasting uit.
- De vermeerdering tot 90 % terugbrengen zoals artikel 160 bepaalt. Artikel 218 sluit die beperking uit.
- Een kleine vermeerdering laten vallen met een beroep op de uitzondering van artikel 163. Artikel 218 verklaart die uitzondering niet van toepassing.
- Een lagere basisrentevoet gebruiken dan 3 %. Voor dit artikel mag de basisrentevoet van artikel 161 niet lager zijn.
- De vrijstelling van § 2 toepassen op een vennootschap die geen kleine vennootschap is, of na de eerste drie boekjaren vanaf de oprichting.
- Het in artikel 413/1, § 1, beoogde gedeelte van de belasting meenemen in de grondslag.
Verwante bepalingen
- WIB92:215 — haar laag 1 bepaalt het tarief van de vennootschapsbelasting; de belasting berekend volgens de artikelen 215 tot 217 is de basis voor de vermeerdering.
- WIB92:217 — haar laag 1 bepaalt afwijkende tarieven van de vennootschapsbelasting; ook die belasting valt onder de basis.
- WIB92:157 — haar laag 1 bepaalt dat de belasting die niet als voorheffing is geheven of niet bij voorafbetaling is voldaan, wordt vermeerderd met een bedrag dat in die onderafdeling wordt vastgesteld.
- WIB92:161 — haar laag 1 omschrijft de basisrentevoet aan de hand van het rentetarief van de marginale beleningsfaciliteiten van de Europese Centrale Bank; artikel 218 legt voor de vennootschapsbelasting een eigen ondergrens vast.
- WIB92:160 — haar laag 1 brengt de vermeerdering tot 90 % van haar bedrag terug; artikel 218 sluit dat uit.
- WIB92:165 — haar laag 1 brengt de belasting voor de onderafdeling op 106 % van de totale belasting; artikel 218 sluit dat uit.
- WIB92:163 — haar laag 1 bevat een uitzondering op de vermeerdering voor kleine bedragen; artikel 218 verklaart ze niet van toepassing.
- WIB92:168 — haar laag 1 laat de Koning geheel of gedeeltelijk afzien van de vermeerdering wanneer de voorafbetalingen worden gedaan volgens de regels, voorwaarden en termijnen die Hij bepaalt.
- WIB92:413/1 — laag 1 verwijst ernaar voor het gedeelte van de belasting dat buiten de grondslag blijft; haar tekst zit niet in de gegevens.
Wat de wet niet regelt
Dit artikel regelt zelf niet hoe de vermeerdering wordt berekend bij een tijdperk van minder of meer dan twaalf maanden of een boekjaar dat niet op 31 december wordt afgesloten; dat laat het aan de Koning.
Zo past Theca dit toe
Scherm venb
Theca gebruikt deze bepaling op het scherm venb voor de vermeerdering wegens geen of ontoereikende voorafbetalingen (§ 1) en de vrijstelling voor een kleine vennootschap in haar eerste drie boekjaren (§ 2). Statusvoorstel: toegepast.
| Parameter | Waarde | Geldig vanaf | | --- | --- | --- | | Vermeerdering bij onvoldoende voorafbetaling | 9 % | 2024-01-01 | | Vermeerdering bij onvoldoende voorafbetaling | 6,75 % | 2025-01-01 | | Vermeerdering bij onvoldoende voorafbetaling | 6,75 % | 2026-01-01 | | Vermeerdering bij onvoldoende voorafbetaling | 6,75 % (nog niet geverifieerd) | 2027-01-01 | | Drempel vermeerdering (percentage) | 0,5 % | 2024-01-01 | | Drempel vermeerdering (bedrag) | 5000 (eenheid niet vermeld in de parameters) | 2024-01-01 | | Voorafbetaling vennootschap kwartaal 1 (2024) | 12 % | 2024-01-01 | | Voorafbetaling vennootschap kwartaal 2 (2024) | 10 % | 2024-01-01 | | Voorafbetaling vennootschap kwartaal 3 (2024) | 8 % | 2024-01-01 | | Voorafbetaling vennootschap kwartaal 4 (2024) | 6 % | 2024-01-01 | | Voorafbetaling vennootschap kwartaal 1 (2025) | 9 % | 2025-01-01 | | Voorafbetaling vennootschap kwartaal 2 (2025) | 7,5 % | 2025-01-01 | | Voorafbetaling vennootschap kwartaal 3 (2025) | 6 % | 2025-01-01 | | Voorafbetaling vennootschap kwartaal 4 (2025) | 4,5 % | 2025-01-01 | | Voorafbetaling vennootschap kwartaal 1 (2026) | 9 % | 2026-01-01 | | Voorafbetaling vennootschap kwartaal 2 (2026) | 7,5 % | 2026-01-01 | | Voorafbetaling vennootschap kwartaal 3 (2026) | 6 % | 2026-01-01 | | Voorafbetaling vennootschap kwartaal 4 (2026) | 4,5 % | 2026-01-01 | | Voorafbetaling vennootschap kwartaal 1 (2027) | 9 % (nog niet geverifieerd) | 2027-01-01 | | Voorafbetaling vennootschap kwartaal 2 (2027) | 7,5 % (nog niet geverifieerd) | 2027-01-01 | | Voorafbetaling vennootschap kwartaal 3 (2027) | 6 % (nog niet geverifieerd) | 2027-01-01 | | Voorafbetaling vennootschap kwartaal 4 (2027) | 4,5 % (nog niet geverifieerd) | 2027-01-01 |
Laag 1 van dit artikel verklaart de uitzondering op de vermeerdering van artikel 163 niet van toepassing in de vennootschapsbelasting; de parameters bevatten toch een drempel voor de vermeerdering. Die verhouding volgt niet uit de gegevens en staat hier alleen als vaststelling.
Toon de officiële wettekst
Officiële wettekst
§ 1. De belasting berekend overeenkomstig de artikelen 215 tot 217, met uitsluiting van het in artikel 413/1, § 1, beoogd gedeelte van de belasting, wordt eventueel vermeerderd zoals vermeld in de artikelen 157 tot 168, ingeval geen of ontoereikende voorafbetalingen zijn gedaan. Voor de toepassing van dit artikel mag de in artikel 161 bedoelde basisrentevoet niet lager zijn dan 3 %. In afwijking van de artikelen 160 en 165, vinden de beperking van de vermeerdering tot 90 % en de verhoging van de berekeningsgrondslag tot 106 % van de Rijksbelasting evenwel geen toepassing. De bij artikel 163 bepaalde uitzondering op de vermeerdering is niet van toepassing. § 2. Ten name van een vennootschap die als kleine vennootschap wordt aangemerkt, is geen vermeerdering verschuldigd op de belasting die betrekking heeft op de eerste drie boekjaren vanaf haar oprichting. § 3. De Koning stelt de bijzondere regels vast die van toepassing zijn ingeval de belasting betrekking heeft op een tijdperk van minder of meer dan twaalf maanden of op een boekjaar dat op een andere datum dan 31 december wordt afgesloten.
Tekst: FOD Financiën, FisconetPlus, officieuze coördinatie Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, artikel opgehaald op 2026-09-27. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek. FOD Financiën, FisconetPlus
Algemene informatie; geen belasting- of juridisch advies en geen toepassing op uw situatie. Versie aj2027; wettekst gecontroleerd op 2026-09-27. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek.