Theca Wetboek

Het Belgische boekhoud- en fiscaal recht, artikel per artikel uitgelegd.

Onofficiële uitgave met de officiële wettekst; alleen het Belgisch Staatsblad is authentiek.

WIB 92, Art. 209

Uitleg en toepassing zijn door AI geschreven op basis van de officiële wettekst en machinaal tegengelezen (2026-09-29). Deze bepaling is niet door een mens nagekeken. Controleer het zelf: de officiële wettekst staat hieronder, als ongewijzigde kopie van de artikeltekst uit FOD Financiën, FisconetPlus (zonder de noten en titels van de FOD), met een link naar de bron.

Uitleg

In één alinea

Wanneer het maatschappelijk vermogen van een vennootschap wordt verdeeld, "ten gevolge van ontbinding of om enige andere reden", geldt als uitgekeerd dividend het positieve verschil tussen de uitkeringen (in geld, in effecten of in enige andere vorm) en de gerevaloriseerde waarde van het gestorte kapitaal. De wet legt vast uit welke bron de uitkeringen achtereenvolgens geacht worden voort te komen: eerst uit de gerevaloriseerde waarde van het gestorte kapitaal; vervolgens uit de liquidatiereserve bedoeld in de artikelen 184quater of 541; vervolgens uit de voorheen gereserveerde winst die al aan de vennootschapsbelasting onderworpen is, andere dan die liquidatiereserve, met inbegrip van de meerwaarden die worden verwezenlijkt of vastgesteld naar aanleiding van de verdeling van het vermogen; en ten slotte uit de voorheen vrijgestelde winst. Gebeurt de verdeling trapsgewijs, dan wordt die regel toegepast telkens wanneer een verdeling meer bedraagt dan het verschil tussen het bij de ontbinding gestorte kapitaal, gerevaloriseerd volgens de coëfficiënten die op de datum van die verdeling gelden, en de vroegere verdelingen, gerevaloriseerd volgens de coëfficiënten die op dezelfde datum gelden voor de jaren waarin die verdelingen plaatsvonden.

Voor wie

Toepassingsgebied: vennootschapsbelasting. De bepaling gaat over vennootschappen waarvan het maatschappelijk vermogen wordt verdeeld, ten gevolge van ontbinding of om enige andere reden.

Sinds wanneer en overgang

Inwerkingtreding niet in het corpus — zie de wijzigingswet.

Rekenvoorbeeld

Deze bepaling bevat geen bedrag of percentage; de revalorisatiecoëfficiënten staan niet in de gegevens. Symbolisch: zijn de uitkeringen bij de verdeling U en is de gerevaloriseerde waarde van het gestorte kapitaal K, dan geldt U − K als uitgekeerd dividend als dat verschil positief is. Is U kleiner dan of gelijk aan K, dan is er volgens deze regel geen uitgekeerd dividend.

Veelgemaakte fouten

  • Het dividend berekenen op het nominale gestorte kapitaal. De wet vergelijkt de uitkeringen met de "gerevaloriseerde waarde" van het gestorte kapitaal.
  • Alleen uitkeringen in geld meetellen. De wet telt uitkeringen "in geld, in effecten of in enige andere vorm".
  • De volgorde van de bronnen omdraaien. Eerst het gerevaloriseerde gestorte kapitaal, dan de liquidatiereserve, dan de al belaste gereserveerde winst en ten slotte de voorheen vrijgestelde winst.
  • Denken dat de regel alleen bij ontbinding geldt. De wet noemt een verdeling "ten gevolge van ontbinding of om enige andere reden".
  • Bij een trapsgewijze verdeling alleen naar de laatste verdeling kijken. De vroegere verdelingen worden, na revalorisatie, mee in rekening gebracht.

Verwante bepalingen

  • WIB92:184quater — laat een vennootschap die als kleine vennootschap wordt aangemerkt een liquidatiereserve aanleggen door een gedeelte of het geheel van de boekhoudkundige winst na belasting over te boeken naar een of meer afzonderlijke rekeningen van het passief.
  • WIB92:541 — laat een vennootschap onder voorwaarden, waaronder de betaling van een bijzondere aanslag, eveneens een liquidatiereserve aanleggen voor de boekhoudkundige winst na belasting van bepaalde vroegere boekjaren.

Wat de wet niet regelt

Dit artikel vermeldt zelf niet welke revalorisatiecoëfficiënten van toepassing zijn.

Toon de officiële wettekst

Officiële wettekst

Wanneer het maatschappelijk vermogen van een vennootschap wordt verdeeld ten gevolge van ontbinding of om enige andere reden, wordt als een uitgekeerd dividend aangemerkt het positieve verschil tussen de uitkeringen in geld, in effecten of in enige andere vorm, en de gerevaloriseerde waarde van het gestorte kapitaal. De uitkeringen worden geacht achtereenvolgens voort te komen: 1° eerst uit de gerevaloriseerde waarde van het gestorte kapitaal; 1°/1 vervolgens uit de liquidatiereserve, bedoeld in de artikelen 184quater of 541; 2° vervolgens uit de voorheen gereserveerde winst, andere dan deze bedoeld in de bepaling onder 1° /1, die reeds aan de vennootschapsbelasting is onderworpen, de meerwaarden die worden verwezenlijkt of vastgesteld naar aanleiding van de verdeling van het vermogen inbegrepen; 3° en tenslotte uit de voorheen vrijgestelde winst. Wanneer de verdeling van het maatschappelijk vermogen trapsgewijze plaatsvindt, wordt het eerste lid toegepast telkens wanneer een verdeling het verschil overtreft tussen, eensdeels, het bedrag van het bij de ontbinding gestorte kapitaal, gerevaloriseerd volgens de coëfficiënten van toepassing op de datum van die verdeling en, anderdeels, de vroegere verdelingen na revalorisatie daarvan volgens de coëfficiënten die op dezelfde datum van toepassing zijn voor de jaren waarin die verdelingen hebben plaatsgehad.

Tekst: FOD Financiën, FisconetPlus, officieuze coördinatie Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, artikel opgehaald op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek. FOD Financiën, FisconetPlus

Algemene informatie; geen belasting- of juridisch advies en geen toepassing op uw situatie. Versie aj2027; wettekst gecontroleerd op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek.