WIB 92, Art. 205/2
Uitleg en toepassing zijn door AI geschreven op basis van de officiële wettekst en machinaal tegengelezen (2026-09-29). Deze bepaling is niet door een mens nagekeken. Controleer het zelf: de officiële wettekst staat hieronder, als ongewijzigde kopie van de artikeltekst uit FOD Financiën, FisconetPlus (zonder de noten en titels van de FOD), met een link naar de bron.
Uitleg
In één alinea
Dit artikel regelt in de vennootschapsbelasting hoe de innovatie-inkomsten voor de aftrek voor innovatie-inkomsten bepaald worden. § 1: de in aanmerking te nemen innovatie-inkomsten stemmen overeen met het deel van de netto-inkomsten dat uitsluitend betrekking heeft op een intellectueel eigendomsrecht. Voor een deel van het belastbaar tijdperk waarin voor hetzelfde recht ook de vroegere aftrek voor octrooi-inkomsten is toegepast (de artikelen 205/1 tot 205/4 "zoals ze bestonden voor ze werden opgeheven door de artikelen 4 tot 7 van de wet van 3 augustus 2016"), tellen de innovatie-inkomsten niet mee. De innovatie-inkomsten moeten afzonderlijk per intellectueel eigendomsrecht bepaald worden; kan de vennootschap aanspraak maken op de afwijking uit artikel 205/4, § 1, tweede lid, dan mag ze dat per type product of dienst of per groep van producten of diensten doen. Een negatief resultaat wordt achtereenvolgens in mindering gebracht van de netto innovatie-inkomsten van hetzelfde recht, type of dezelfde groep van elk volgend belastbaar tijdperk. § 2: voor het belastbaar tijdperk waarin de innovatie-inkomsten voor de eerste maal afzonderlijk bepaald zijn, wordt dat bedrag verminderd met de globale uitgaven die in vorige belastbare tijdperken eindigend na 30 juni 2016 in kosten opgenomen zijn en die niet al in mindering gebracht zijn voor de vrijstelling uit artikel 194quinquies. De vennootschap kan er ook onherroepelijk voor opteren die uitgaven lineair te spreiden over maximaal zeven opeenvolgende belastbare tijdperken.
Voor wie
Het toepassingsgebied in de gegevens is de vennootschapsbelasting. De bepaling staat in de titel over de vennootschapsbelasting, bij de vaststelling van het netto-inkomen, in de onderafdeling over de aftrekken van de belastbare winst.
Sinds wanneer en overgang
Inwerkingtreding niet in het corpus — zie de wijzigingswet.
De tekst zelf bevat wel overgangselementen: de vermindering met globale uitgaven in § 2 slaat op vorige belastbare tijdperken eindigend na 30 juni 2016, en de wisselwerking met de vroegere aftrek voor octrooi-inkomsten verwijst naar de wet van 3 augustus 2016 houdende dringende fiscale bepalingen.
Rekenvoorbeeld
Deze bepaling bevat geen bedrag of percentage. Symbolisch voor § 2:
1. In het belastbaar tijdperk waarin de innovatie-inkomsten voor de eerste maal afzonderlijk bepaald zijn, bedragen ze I. 2. De globale uitgaven die in vorige belastbare tijdperken eindigend na 30 juni 2016 in kosten opgenomen zijn en nog niet in mindering gebracht zijn voor artikel 194quinquies, bedragen G. 3. Zonder keuze voor spreiding blijft I − G over. Is dat negatief, dan wordt dat negatieve resultaat achtereenvolgens van de netto innovatie-inkomsten van elk volgend belastbaar tijdperk in mindering gebracht. 4. Opteert de vennootschap onherroepelijk voor lineaire spreiding over n opeenvolgende belastbare tijdperken (n is maximaal zeven), dan wordt per tijdperk G ÷ n in mindering gebracht.
Veelgemaakte fouten
- Alle netto-inkomsten als innovatie-inkomsten tellen. De wet neemt alleen het deel dat uitsluitend betrekking heeft op een intellectueel eigendomsrecht.
- De innovatie-inkomsten globaal bepalen. De wet schrijft voor dat dat afzonderlijk per intellectueel eigendomsrecht gebeurt; per type product of dienst of per groep van producten of diensten mag alleen als de vennootschap aanspraak kan maken op de afwijking uit artikel 205/4, § 1, tweede lid.
- Een negatief resultaat laten vallen. Het wordt achtereenvolgens van de netto innovatie-inkomsten van elk volgend belastbaar tijdperk in mindering gebracht.
- Kosten uit een tijdperk met de vroegere aftrek voor octrooi-inkomsten toch in mindering brengen. Die kosten hoeven volgens de wet niet in mindering gebracht te worden; werd die aftrek maar voor een deel van het tijdperk toegepast, dan geldt dat alleen voor de kosten in verhouding tot dat deel.
- De keuze voor spreiding later terugdraaien. De wet noemt de keuze onherroepelijk.
- De afrekening bij spreiding vergeten. In het laatste belastbaar tijdperk van de gekozen termijn, of eventueel vroeger wanneer de aftrek niet langer toegepast wordt, wordt de winst verhoogd met het positieve verschil tussen de verleende of overgedragen aftrek voor dat tijdperk en de hoogstens zes voorgaande tijdperken, en de aftrek die zonder spreiding zou zijn toegepast.
Niet behandeld: de verdere aftrek van het saldo aan uitgaven wanneer de aftrek na afloop van de spreidingstermijn verder toegepast wordt.
Verwante bepalingen
- WIB92:205/4 — verplicht de belastingplichtige bewijsstukken per intellectueel eigendomsrecht ter beschikking te houden van de administratie, en laat de vennootschap die kan aantonen dat de vaststelling per recht vanuit praktisch oogpunt niet uitvoerbaar is, de innovatie-inkomsten per type product of dienst of per groep van producten of diensten vaststellen.
- WIB92:194quinquies — merkt, zolang de aanvraag voor bepaalde intellectuele eigendomsrechten lopende is, een deel van het bedrag dat overeenkomstig artikel 205/3 vastgesteld zou zijn niet als winst aan; uitgaven die daarvoor al in mindering gebracht zijn, tellen in § 2 niet opnieuw.
- KB-WIB92:200, KB-WIB92:201, KB-WIB92:202, KB-WIB92:203, WIB92:2, WIB92:65, WIB92:178, WIB92:359 en WIB92:360 — begrippen; hun definitie zit niet in de gegevens.
Wat de wet niet regelt
Dit artikel omschrijft zelf niet wat netto-inkomsten, globale uitgaven of een intellectueel eigendomsrecht zijn.
Toon de officiële wettekst
Officiële wettekst
§ 1. Om de aftrek voor innovatie-inkomsten voor een belastbaar tijdperk te bepalen, stemmen de in aanmerking te nemen innovatie-inkomsten overeen met het deel van de netto-inkomsten dat uitsluitend betrekking heeft op een intellectueel eigendomsrecht. Wanneer voor een deel van dit belastbaar tijdperk met betrekking tot hetzelfde intellectueel eigendomsrecht ook de aftrek voor octrooi-inkomsten overeenkomstig de artikelen 205/1 tot 205/4, zoals ze bestonden voor ze werden opgeheven door de artikelen 4 tot 7 van de wet van 3 augustus 2016 houdende dringende fiscale bepalingen, is toegepast, worden de innovatie-inkomsten met betrekking tot dat deel van het belastbaar tijdperk niet in aanmerking genomen. Het bepalen van de in het eerste lid bedoelde innovatie-inkomsten, moet afzonderlijk per intellectueel eigendomsrecht gebeuren. Indien de vennootschap aanspraak kan maken op de in artikel 205/4, § 1, tweede lid, bedoelde afwijking, mag zij de innovatie-inkomsten echter, hetzij per type product of dienst, hetzij per groep van producten of diensten, bepalen. Indien de bepaling van de innovatie-inkomsten een negatief resultaat oplevert, wordt dit negatieve resultaat achtereenvolgens van de netto innovatie-inkomsten met betrekking tot hetzij hetzelfde intellectueel eigendomsrecht, hetzij hetzelfde type product of dienst, hetzij dezelfde groep van producten of diensten van elk volgend belastbaar tijdperk in mindering gebracht. § 2. Voor het belastbaar tijdperk waarvoor de innovatie-inkomsten voor de eerste maal overeenkomstig § 1 afzonderlijk zijn bepaald, wordt dit bedrag verminderd met de in vorige belastbare tijdperken eindigend na 30 juni 2016 in kosten opgenomen globale uitgaven, die niet reeds in mindering zijn gebracht voor het bepalen van de vrijstelling als bedoeld in artikel 194quinquies. Kosten gedaan of gedragen in een belastbaar tijdperk waarin de vennootschap met betrekking tot hetzij dat intellectueel eigendomsrecht, hetzij dat type product of dienst, hetzij die groep van producten of diensten de aftrek voor octrooi-inkomsten overeenkomstig de artikelen 205¹ tot 205⁴, zoals ze bestonden voor ze werden opgeheven door de artikelen 4 tot 7 van de wet van 3 augustus 2016 houdende dringende fiscale bepalingen, heeft toegepast, moeten niet in mindering worden gebracht. Wanneer slechts met betrekking tot een deel van het belastbaar tijdperk de bovenvermelde aftrek voor octrooi-inkomsten is toegepast, worden enkel de kosten gedaan of gedragen in verhouding tot het deel van het belastbaar tijdperk dat de bovenvermelde aftrek voor octrooi-inkomsten is toegepast, niet in mindering gebracht. Het eventuele negatieve resultaat na toepassing van het eerste lid wordt achtereenvolgens van de netto innovatie-inkomsten met betrekking tot hetzij hetzelfde intellectueel eigendomsrecht, hetzij hetzelfde type product of dienst, hetzij dezelfde groep van producten of diensten van elk volgend belastbaar tijdperk in mindering gebracht. In afwijking van het eerste lid kan de vennootschap, in het belastbaar tijdperk dat de innovatie-inkomsten voor de eerste maal overeenkomstig § 1 afzonderlijk zijn bepaald, er onherroepelijk voor opteren de in het eerste lid bedoelde uitgaven lineair te spreiden gedurende een periode van maximaal zeven opeenvolgende belastbare tijdperken. In het laatste belastbaar tijdperk van de in het derde lid gekozen termijn of, eventueel vroeger, waarin de aftrek voor innovatie-inkomsten met betrekking tot hetzij dat intellectueel eigendomsrecht, hetzij dat type product of dienst, hetzij die groep van producten of diensten niet langer wordt toegepast, wordt de winst van het belastbaar tijdperk verhoogd met een bedrag gelijk aan het positieve verschil tussen de voor dat belastbaar tijdperk en voor de hoogstens zes voorgaande belastbare tijdperken verleende of overgedragen aftrek voor innovatie-inkomsten met betrekking tot hetzij dat intellectueel eigendomsrecht, hetzij dat type product of dienst, hetzij die groep van producten of diensten en de aftrek voor innovatie-inkomsten die voor deze belastbare tijdperken met betrekking tot hetzij dat intellectueel eigendomsrecht, hetzij dat type product of dienst, hetzij die groep van producten of diensten zou zijn toegepast indien de belastingplichtige niet had geopteerd voor de in het derde lid bedoelde methode. Bovendien wordt, wanneer de aftrek voor innovatie-inkomsten met betrekking tot hetzij dat intellectueel eigendomsrecht, hetzij dat type product of dienst, hetzij die groep van producten of diensten, verder wordt toegepast na afloop van de in het vierde lid bedoelde termijn, het saldo aan in het eerste lid bedoelde uitgaven die niet in mindering zouden zijn gebracht indien de belastingplichtige niet had geopteerd voor de in het derde lid bedoelde methode van lineaire spreiding, verder overeenkomstig het tweede lid in mindering gebracht in de loop van de volgende belastbare tijdperken.
Tekst: FOD Financiën, FisconetPlus, officieuze coördinatie Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, artikel opgehaald op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek. FOD Financiën, FisconetPlus
Algemene informatie; geen belasting- of juridisch advies en geen toepassing op uw situatie. Versie aj2027; wettekst gecontroleerd op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek.