Theca Wetboek

Het Belgische boekhoud- en fiscaal recht, artikel per artikel uitgelegd.

Onofficiële uitgave met de officiële wettekst; alleen het Belgisch Staatsblad is authentiek.

WIB 92, Art. 195

Uitleg en toepassing zijn door AI geschreven op basis van de officiële wettekst en machinaal tegengelezen (2026-09-29). Deze bepaling is niet door een mens nagekeken. Controleer het zelf: de officiële wettekst staat hieronder, als ongewijzigde kopie van de artikeltekst uit FOD Financiën, FisconetPlus (zonder de noten en titels van de FOD), met een link naar de bron.

Uitleg

In één alinea

Dit artikel regelt twee punten over bedrijfsleiders in de vennootschapsbelasting. In § 1 bepaalt de wet dat bedrijfsleiders voor de bepalingen inzake beroepskosten met werknemers gelijkgesteld worden, en dat hun bezoldigingen en de ermee verband houdende sociale lasten als beroepskosten aangemerkt worden. Stortingen van sociale verzekering of voorzorg zijn slechts aftrekbaar voor zover ze betrekking hebben op bezoldigingen die regelmatig en ten minste om de maand betaald of toegekend worden vóór het einde van het belastbare tijdperk waarin de werkzaamheden verricht zijn, en mits de vennootschap ze op de resultaten van dat tijdperk aanrekent. In § 2 worden premies van levensverzekeringen voor overeenkomsten die in het voordeel van de onderneming gesloten zijn, gelijkgesteld met de bijdragen uit artikel 52, 3°, b; ze zijn onder dezelfde voorwaarden en binnen dezelfde grens slechts aftrekbaar als de overeenkomst gesloten is op het hoofd van een bedrijfsleider als bedoeld in artikel 32, eerste lid, 1°, die tewerkgesteld is buiten een arbeidsovereenkomst. Dat geldt niet als de overeenkomsten enkel voorzien in voordelen bij overlijden. Voor het aftrekbare deel van die premies komen uitsluitend de "in § 1, tweede lid, omschreven bezoldigingen" in aanmerking.

Voor wie

Het toepassingsgebied in de gegevens is de vennootschapsbelasting. De bepaling staat in de titel over de vennootschapsbelasting, bij de vaststelling van het netto-inkomen, onder de beroepskosten. Ze gaat over vennootschappen en hun bedrijfsleiders.

Sinds wanneer en overgang

Inwerkingtreding niet in het corpus — zie de wijzigingswet.

Rekenvoorbeeld

Deze bepaling bevat geen bedrag of percentage.

Veelgemaakte fouten

  • Alle stortingen van sociale verzekering of voorzorg aftrekken. De wet beperkt de aftrek tot stortingen die betrekking hebben op bezoldigingen die regelmatig en ten minste om de maand betaald of toegekend worden vóór het einde van het belastbare tijdperk, en die de vennootschap op de resultaten van dat tijdperk aanrekent.
  • Het maandelijkse ritme vergeten. De tekst zegt "regelmatig en ten minste om de maand"; beide elementen staan in de wet.
  • Een levensverzekering in het voordeel van de onderneming aftrekken zonder de voorwaarden na te gaan. De overeenkomst moet gesloten zijn op het hoofd van een bedrijfsleider als bedoeld in artikel 32, eerste lid, 1°, tewerkgesteld buiten een arbeidsovereenkomst.
  • De regeling van § 2 toepassen op een overeenkomst die enkel voorziet in voordelen bij overlijden. Die overeenkomsten vallen er volgens de wet uitdrukkelijk buiten.
  • Voor het aftrekbare deel van de premies alle bezoldigingen meetellen. De wet laat uitsluitend de in § 1, tweede lid, omschreven bezoldigingen in aanmerking komen.

Verwante bepalingen

  • WIB92:52 — somt beroepskosten op; onder 3°, b, noemt het de werkgeversbijdragen en -premies gestort ter uitvoering van onder meer een aanvullende verzekering tegen ouderdom en vroegtijdige dood of een collectieve of individuele aanvullende pensioentoezegging.
  • WIB92:32 — omschrijft bezoldigingen van bedrijfsleiders; onder 1° gaat het om een natuurlijk persoon die een opdracht als bestuurder, zaakvoerder, vereffenaar of gelijksoortige functies uitoefent.
  • KB-WIB92:200, KB-WIB92:201, KB-WIB92:202, KB-WIB92:203, WIB92:2, WIB92:65, WIB92:178, WIB92:359 en WIB92:360 — begrippen; hun definitie zit niet in de gegevens.

Wat de wet niet regelt

Dit artikel legt zelf de grens niet vast waarbinnen de gelijkgestelde levensverzekeringspremies aftrekbaar zijn; het verwijst naar dezelfde voorwaarden en grens als voor de bijdragen uit artikel 52, 3°, b.

Toon de officiële wettekst

Officiële wettekst

§ 1. Bedrijfsleiders worden voor de toepassing van de bepalingen inzake beroepskosten met werknemers gelijkgesteld en hun bezoldigingen en de ermede verband houdende sociale lasten worden als beroepskosten aangemerkt. Stortingen van sociale verzekering of voorzorg zijn slechts aftrekbaar in zover zij betrekking hebben op bezoldigingen die regelmatig en ten minste om de maand worden betaald of toegekend vóór het einde van het belastbare tijdperk waarin de ertoe aanleiding gevende bezoldigde werkzaamheden zijn verricht en mits zij door de vennootschap op de resultaten van dat tijdperk worden aangerekend. § 2. Behalve indien de overeenkomsten enkel voorzien in voordelen bij overlijden, worden premies van levensverzekeringen betreffende overeenkomsten die in het voordeel van de onderneming zijn gesloten, met de in artikel 52, 3°, b, vermelde bijdragen gelijkgesteld en zijn zij, onder dezelfde voorwaarden en binnen dezelfde grens, slechts aftrekbaar indien deze overeenkomsten werden gesloten op het hoofd van een bedrijfsleider als bedoeld in artikel 32, eerste lid, 1°, en tewerkgesteld buiten een arbeidsovereenkomst. Om het aftrekbare deel van de premies te bepalen komen uitsluitend de in § 1, tweede lid, omschreven bezoldigingen in aanmerking.

Tekst: FOD Financiën, FisconetPlus, officieuze coördinatie Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, artikel opgehaald op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek. FOD Financiën, FisconetPlus

Algemene informatie; geen belasting- of juridisch advies en geen toepassing op uw situatie. Versie aj2027; wettekst gecontroleerd op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek.