WIB 92, Art. 194quinquies
Uitleg en toepassing zijn door AI geschreven op basis van de officiële wettekst en machinaal tegengelezen (2026-09-29). Deze bepaling is niet door een mens nagekeken. Controleer het zelf: de officiële wettekst staat hieronder, als ongewijzigde kopie van de artikeltekst uit FOD Financiën, FisconetPlus (zonder de noten en titels van de FOD), met een link naar de bron.
Uitleg
In één alinea
Dit artikel geeft een tijdelijke vrijstelling voor innovatie-inkomsten zolang de aanvraag voor een intellectueel eigendomsrecht nog loopt. Voor het belastbaar tijdperk waarin de aanvraag voor een in artikel 205/1, § 2, 1°, a) tot d) bedoeld intellectueel eigendomsrecht nog lopende is, wordt 85 % van het bedrag dat volgens artikel 205/3 vastgesteld zou zijn als het recht al verleend was, niet als winst aangemerkt. Per belastbaar tijdperk is die vrijstelling beperkt tot de winst die overblijft vóór toepassing van de in de wettekst genoemde bepaling van artikel 207, zonder rekening te houden met de aanleg van de vrijgestelde reserve en met de definitieve vrijstellingen van paragraaf 2. Bij geen of onvoldoende winst worden de niet verleende vrijstellingen achtereenvolgens overgedragen naar de volgende belastbare tijdperken, binnen dezelfde soort grens. De vrijgestelde reserve blijft "slechts behouden voor zover voldaan is aan de in artikel 190, tweede lid, bedoelde voorwaarden". Wordt het recht verleend, dan wordt het tijdelijk vrijgestelde bedrag definitief vrijgesteld vanaf het aanslagjaar van het belastbaar tijdperk waarin het recht verleend werd, en ook het resterende overgedragen bedrag wordt dan, binnen de grens, definitief vrijgesteld. Loopt de aanvraag niet langer en werd het recht niet verleend, dan wordt de voorheen vrijgestelde winst aangemerkt als winst van dat belastbaar tijdperk. Om de vrijstelling te genieten moet de belastingplichtige bij zijn aangifte een opgave voegen volgens een model van de minister van Financiën of zijn afgevaardigde, vanaf het aanslagjaar van het tijdperk van de aanvraag tot het aanslagjaar van het tijdperk vanaf wanneer de aanvraag niet langer lopende is. De tekst verwijst voor de grens eerst naar "artikel 207, tweede lid, derde streepje" en voor de overdracht naar "artikel 207, derde lid, tweede streepje"; die twee verwijzingen verschillen en de tekst is op dat punt onduidelijk.
Voor wie
Toepassingsgebied: vennootschapsbelasting. Het gaat om belastingplichtigen met een lopende aanvraag voor een in artikel 205/1, § 2, 1°, a) tot d) bedoeld intellectueel eigendomsrecht.
Sinds wanneer en overgang
Inwerkingtreding niet in het corpus — zie de wijzigingswet.
Rekenvoorbeeld
Symbolisch: noem A het bedrag dat volgens artikel 205/3 vastgesteld zou zijn als het intellectueel eigendomsrecht al verleend was. Het tijdelijk vrijgestelde bedrag is 85 % van A, maar per belastbaar tijdperk hoogstens de winst die overblijft vóór de in de wettekst genoemde toepassing van artikel 207. Het deel dat niet vrijgesteld kon worden, schuift door naar de volgende belastbare tijdperken, telkens binnen de grens van dat tijdperk.
Veelgemaakte fouten
- De vrijstelling toepassen op het volledige bedrag. De wet stelt 85 % vrij van het bedrag dat volgens artikel 205/3 vastgesteld zou zijn als het recht al verleend was.
- De vrijstelling als definitief beschouwen zolang de aanvraag loopt. Ze wordt pas definitief vanaf het aanslagjaar van het tijdperk waarin het recht verleend is.
- Vergeten dat een afgewezen of beëindigde aanvraag gevolgen heeft. De voorheen vrijgestelde winst wordt dan winst van het belastbaar tijdperk waarin de aanvraag niet langer lopende is en het recht niet verleend werd.
- De voorwaarden van artikel 190 uit het oog verliezen. De vrijgestelde reserve blijft slechts behouden voor zover daaraan voldaan is.
- De opgave bij de aangifte weglaten. De wet vraagt ze "om de in dit artikel bedoelde vrijstelling te kunnen genieten".
Verwante bepalingen
- WIB92:205/1 — regelt de aftrek voor innovatie-inkomsten, waarbij de winst verminderd wordt met 85 % van de volgens artikel 205/3 vastgestelde bedragen, en omschrijft onder meer het intellectueel eigendomsrecht, zoals een octrooi of aanvullend beschermingscertificaat, een kwekersrecht of een weesgeneesmiddel, telkens onder voorwaarden.
- WIB92:205/3 — bepaalt hoe de innovatie-inkomsten worden vermenigvuldigd met een breuk op basis van kwalificerende uitgaven.
- WIB92:190 — maakt het meerwaardenstelsel van de personenbelasting ook op vennootschappen van toepassing, met onder meer de voorwaarde dat het vrijgestelde gedeelte op één of meer afzonderlijke rekeningen van het passief geboekt is en blijft en niet tot grondslag dient voor de jaarlijkse dotatie aan de wettelijke reserve of voor enige beloning of toekenning.
- WIB92:207 — de wettekst verwijst ernaar voor de grens van de vrijstelling; de tekst in de gegevens begint met een ministeriële mededeling en wordt hier niet verder gebruikt.
Wat de wet niet regelt
Dit artikel bepaalt niet zelf hoe het bedrag volgens artikel 205/3 berekend wordt.
Toon de officiële wettekst
Officiële wettekst
§ 1. Voor het belastbaar tijdperk waarin de aanvraag voor een in artikel 205/1, § 2, 1°, a) tot d) bedoeld intellectueel eigendomsrecht nog lopende is, wordt 85 % van het bedrag dat overeenkomstig artikel 205/3 vastgesteld zou zijn in het geval het intellectueel eigendomsrecht reeds zou zijn verleend, niet als winst aangemerkt binnen de grenzen en onder de voorwaarden die hierna worden voorzien. Per belastbaar tijdperk worden de in het eerste lid bedoelde vrijstellingen verleend ten belope van een bedrag beperkt tot de winst van het belastbaar tijdperk dat overblijft vóór toepassing van artikel 207, tweede lid, derde streepje , zonder rekening te houden met de aanleg van de in deze paragraaf bedoelde vrijgestelde reserve en de toepassing van § 2, tweede of derde lid. Indien een belastbaar tijdperk geen of onvoldoende winst oplevert om de vrijstellingen te kunnen toepassen, worden de voor dat belastbaar tijdperk niet verleende vrijstellingen achtereenvolgens overgedragen op de winst van de volgende belastbare tijdperken, waarbij de vrijstellingen en de in § 2, tweede en derde lid, bedoelde definitieve vrijstellingen samen beperkt worden tot de winst van het belastbaar tijdperk die overblijft vóór toepassing van artikel 207, derde lid, tweede streepje, zonder rekening te houden met de aanleg van de in dit lid bedoelde overgedragen vrijstellingen en de toepassing van § 2, tweede of derde lid. De vrijgestelde reserve blijft slechts behouden voor zover voldaan is aan de in artikel 190, tweede lid, bedoelde voorwaarden. § 2. Het bedrag dat overeenkomstig § 1 met betrekking tot een intellectueel eigendomsrecht tijdelijk is vrijgesteld, wordt definitief vrijgesteld vanaf het aanslagjaar dat verband houdt met het belastbaar tijdperk tijdens hetwelk dat intellectueel eigendomsrecht is verleend. Het uit het vorig belastbaar tijdperk, na toepassing van § 1, derde lid, resterende bedrag aan niet verleende vrijstellingen wordt definitief vrijgesteld in het aanslagjaar dat verband houdt met het belastbaar tijdperk tijdens hetwelk dat intellectueel eigendomsrecht is verleend, beperkt tot de in § 1, derde lid, bedoelde grens. Indien dat belastbaar tijdperk geen of onvoldoende winst oplevert om de in het tweede lid bedoelde vrijstelling te kunnen toepassen, worden de voor dat belastbaar tijdperk niet verleende vrijstellingen overeenkomstig § 1, derde lid, overgedragen naar de volgende belastbare tijdperken. § 3. De voorheen vrijgestelde winst met betrekking tot een intellectueel eigendomsrecht wordt aangemerkt als winst van het belastbaar tijdperk waarin de aanvraag voor dat intellectueel eigendomsrecht niet langer lopende is en het intellectueel eigendomsrecht niet werd verleend. § 4. Om de in dit artikel bedoelde vrijstelling te kunnen genieten, moet de belastingplichtige bij zijn aangifte in de inkomstenbelastingen vanaf het aanslagjaar dat is verbonden aan het belastbaar tijdperk waarin de aanvraag voor een intellectueel eigendomsrecht is gebeurd, tot het aanslagjaar dat is verbonden aan het belastbaar tijdperk vanaf wanneer de aanvraag niet langer lopende is, een opgave voegen waarvan het model door de minister van Financiën of zijn afgevaardigde wordt vastgesteld.
Tekst: FOD Financiën, FisconetPlus, officieuze coördinatie Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, artikel opgehaald op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek. FOD Financiën, FisconetPlus
Algemene informatie; geen belasting- of juridisch advies en geen toepassing op uw situatie. Versie aj2027; wettekst gecontroleerd op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek.