Theca Wetboek

Het Belgische boekhoud- en fiscaal recht, artikel per artikel uitgelegd.

Onofficiële uitgave met de officiële wettekst; alleen het Belgisch Staatsblad is authentiek.

WIB 92, Art. 184quinquies

Uitleg en toepassing zijn door AI geschreven op basis van de officiële wettekst en machinaal tegengelezen (2026-09-29). Deze bepaling is niet door een mens nagekeken. Controleer het zelf: de officiële wettekst staat hieronder, als ongewijzigde kopie van de artikeltekst uit FOD Financiën, FisconetPlus (zonder de noten en titels van de FOD), met een link naar de bron.

Uitleg

In één alinea

Dit artikel regelt onder welke voorwaarden een rechtspersoon die voorheen aan de rechtspersonenbelasting was onderworpen, overgaat naar de vennootschapsbelasting. Het geldt onder voorbehoud van de bepalingen van artikel 30 van de wet van 12 augustus 2000, artikel 347 van de programmawet van 22 december 2003, artikel 154 van de programmawet van 27 december 2005 en artikel 3 van de wet van 29 mei 2018 over havenbedrijven. De wet somt zeven voorwaarden op: onder meer het voorheen werkelijk gestorte en niet terugbetaalde kapitaal wordt gestort kapitaal (1°), voorheen gereserveerde winsten en voorzieningen voor risico's en kosten gelden als reeds belaste reserves (2°), herwaarderingsmeerwaarden en kapitaalsubsidies worden slechts onder voorwaarden vrijgesteld (3°), afschrijvingen, min- of meerwaarden worden bepaald alsof de rechtspersoon altijd aan de vennootschapsbelasting onderworpen is geweest (6°), en voorheen geleden verliezen mogen niet in rekening worden gebracht (7°). Daarnaast regelt het artikel de terugname van een waardevermindering en onderwaarderingen van activa of overwaarderingen van passiva die hun oorsprong vinden in de periode onder de rechtspersonenbelasting.

Voor wie

Het toepassingsgebied in de gegevens is de vennootschapsbelasting. De bepaling gaat over een voorheen aan de rechtspersonenbelasting onderworpen rechtspersoon die overgaat naar de vennootschapsbelasting.

Sinds wanneer en overgang

Inwerkingtreding niet in het corpus — zie de wijzigingswet.

Rekenvoorbeeld

Deze bepaling bevat geen bedrag of percentage.

Veelgemaakte fouten

  • Alle eigen middelen als gestort kapitaal aanmerken. Onder 1° gaat het alleen om het deel van het kapitaal, van de uitgiftepremies, van de bedragen waarop is ingeschreven ter gelegenheid van de uitgifte van winstbewijzen of van andere inbrengen in geld of in natura dat voorheen werkelijk werd gestort en waarvan geen terugbetaling of vermindering heeft plaatsgevonden, onder de voorwaarden bedoeld in het eerste tot derde lid van artikel 184 en onder voorbehoud van artikel 184ter, § 1, eerste lid.
  • Herwaarderingsmeerwaarden en kapitaalsubsidies zonder meer als vrijgesteld behandelen. Volgens 3° worden ze slechts vrijgesteld voor zover ze op één of meer afzonderlijke rekeningen van het passief geboekt blijven en niet tot grondslag dienen voor enige beloning of toekenning.
  • Oude verliezen overdragen. Volgens 7° mogen de voorheen geleden verliezen die zijn geboekt in de jaarrekening met betrekking tot het boekjaar afgesloten vóór het boekjaar dat verbonden is aan het eerste aanslagjaar waarvoor de rechtspersoon aan de vennootschapsbelasting is onderworpen, niet in rekening worden gebracht voor de bepaling van de belastbare grondslag van aanslagjaren waarvoor hij aan de vennootschapsbelasting is onderworpen.
  • Kosten gedekt door een voorziening uit de periode onder de rechtspersonenbelasting zonder voorwaarde aftrekken. Volgens 4° zijn ze als beroepskosten aftrekbaar voor het aanslagjaar waarin zij werkelijk zijn gedragen, voor zover is voldaan aan de voorwaarden van artikel 49.
  • Een vastgestelde onderwaardering van activa of overwaardering van passiva altijd als winst aanmerken. In afwijking van artikel 361 gebeurt dat niet op voorwaarde dat de rechtspersoon aantoont dat deze hun oorsprong vinden tijdens een belastbaar tijdperk waarin hij aan de rechtspersonenbelasting onderworpen was.
  • Niet behandeld: de regel onder 5° voor definitieve verliezen op activa waarvoor een waardevermindering werd geboekt onder de rechtspersonenbelasting, en de verhoging van de begintoestand van de belaste reserves bij de terugname van zo'n waardevermindering.

Verwante bepalingen

  • WIB92:184 — laag 1 verwijst naar het eerste tot derde lid ervan; de gegevens markeren de leden van die tekst niet. Volgens zijn tekst is het gestort kapitaal het kapitaal voor zover dat gevormd wordt door werkelijk gestorte inbrengen in geld of in natura, andere dan inbrengen in nijverheid, en in zoverre er geen terugbetaling of vermindering heeft plaatsgevonden.
  • WIB92:184ter — laag 1 maakt een voorbehoud voor § 1, eerste lid, ervan. Volgens zijn tekst wordt het netto-actief dat het kapitaal uitmaakt van een erkende sociale onderneming of op een onbeschikbare reserverekening van die vennootschap wordt geboekt, niet als gestort kapitaal aangemerkt.
  • WIB92:49 — laag 1 verwijst naar de voorwaarden ervan. Volgens zijn tekst zijn als beroepskosten aftrekbaar de kosten die de belastingplichtige in het belastbare tijdperk heeft gedaan of gedragen om de belastbare inkomsten te verkrijgen of te behouden en waarvan hij de echtheid en het bedrag verantwoordt.
  • WIB92:24 — laag 1 verwijst naar het eerste lid, 4°, ervan. Volgens zijn tekst komt winst onder meer voort uit onderwaarderingen van activa of overwaarderingen van passiva, in zover die niet samenvallen met een al dan niet uitgedrukte vermeerdering of vermindering, noch met afschrijvingen die voor de toepassing van de belasting in aanmerking zijn genomen.
  • WIB92:361 — laag 1 wijkt ervan af. Volgens zijn tekst worden onderwaarderingen van activa of overwaarderingen van passiva die bij het onderzoek van de boekhouding worden vastgesteld als winst van dat belastbare tijdperk aangemerkt, tenzij de belastingplichtige bewijst dat ermee rekening is gehouden bij het bepalen van het resultaat van de vorige tijdperken.
  • KB-WIB92:200, KB-WIB92:201, KB-WIB92:202, KB-WIB92:203, WIB92:2, WIB92:65, WIB92:178, WIB92:359 en WIB92:360 — begrippen; hun definitie zit niet in de gegevens.

Wat de wet niet regelt

Dit artikel zegt niet wanneer een rechtspersoon van de rechtspersonenbelasting naar de vennootschapsbelasting overgaat.

Toon de officiële wettekst

Officiële wettekst

Onder voorbehoud van de bepalingen van artikel 30 van de wet van 12 augustus 2000 houdende diverse bepalingen betreffende de organisatie van de financiële markten en diverse andere bepalingen, artikel 347 van de programmawet van 22 december 2003, artikel 154 van de programmawet van 27 december 2005 en van artikel 3 van de wet van 29 mei 2018 tot bepaling van de voorwaarden van overgang bij de onderwerping aan de vennootschapsbelasting van havenbedrijven, vindt de overgang van een voorheen aan de rechtspersonenbelasting onderworpen rechtspersoon naar de vennootschapsbelasting plaats onder de volgende voorwaarden: 1° onder voorbehoud van de bepaling van artikel 184ter, § 1, eerste lid, het deel van het kapitaal, van de uitgiftepremies, van de bedragen waarop is ingeschreven ter gelegenheid van de uitgifte van winstbewijzen of van andere inbrengen in geld of in natura, dat voorheen werkelijk werd gestort en waarvan geen terugbetaling of vermindering heeft plaatsgevonden tijdens de boekjaren afgesloten voor het boekjaar dat verbonden is aan het eerste aanslagjaar waarvoor de rechtspersoon aan de vennootschapsbelasting is onderworpen, wordt aangemerkt als gestort kapitaal in de zin van artikel 184 onder de voorwaarden bedoeld in het eerste tot derde lid van dat artikel; 2° de voorheen gereserveerde winsten, al dan niet geïncorporeerd in kapitaal, en de voorzieningen voor risico's en kosten die door de rechtspersoon zijn geboekt in de jaarrekening met betrekking tot het boekjaar afgesloten voor het boekjaar dat verbonden is aan het eerste aanslagjaar waarvoor de rechtspersoon aan de vennootschapsbelasting is onderworpen, worden als reeds belaste reserves beschouwd; 3° de herwaarderingsmeerwaarden en de kapitaalsubsidies die door de rechtspersoon zijn geboekt in de jaarrekening met betrekking tot het boekjaar afgesloten voor het boekjaar dat verbonden is aan het eerste aanslagjaar waarvoor de rechtspersoon aan de vennootschapsbelasting is onderworpen, worden slechts vrijgesteld voor zover ze op één of meer afzonderlijke rekeningen van het passief geboekt blijven en niet tot grondslag dienen voor enige beloning of toekenning; 4° de kosten die werkelijk door de rechtspersoon worden gedragen tijdens een aanslagjaar dat aanvangt vanaf de eerste dag van het aanslagjaar waarvoor de rechtspersoon aan de vennootschapsbelasting is onderworpen en die het voorwerp hebben uitgemaakt van een voorziening voor risico's en kosten in de zin van de boekhoudwetgeving die werd aangelegd tijdens een aanslagjaar waarvoor de rechtspersoon aan de rechtspersonenbelasting was onderworpen, zijn als beroepskosten aftrekbaar voor het aanslagjaar tijdens hetwelk zij werkelijk zijn gedragen voor zover is voldaan aan de voorwaarden van artikel 49; 5° definitieve verliezen op activa, die door de rechtspersoon zijn verwezenlijkt in de zin van artikel 49 tijdens een aanslagjaar waarvoor de rechtspersoon aan de vennootschapsbelasting is onderworpen en die het voorwerp hebben uitgemaakt van een waardevermindering geboekt tijdens een aanslagjaar waarvoor de rechtspersoon aan de rechtspersonenbelasting was onderworpen, zijn als beroepskosten aftrekbaar voor het aanslagjaar gedurende hetwelk deze werden gerealiseerd; 6° de in hoofde van de rechtspersoon in aanmerking te nemen afschrijvingen, min- of meerwaarden op activa worden bepaald alsof de rechtspersoon altijd aan de vennootschapsbelasting onderworpen is geweest; 7° de door de rechtspersoon voorheen geleden verliezen die zijn geboekt in de jaarrekening met betrekking tot het boekjaar afgesloten voor het boekjaar dat verbonden is aan het eerste aanslagjaar waarvoor de rechtspersoon aan de vennootschapsbelasting is onderworpen, mogen niet in rekening worden gebracht voor de bepaling van de belastbare grondslag van aanslagjaren voor dewelke de rechtspersoon aan de vennootschapsbelasting is onderworpen. Elke terugname van een in het eerste lid vermelde waardevermindering zal, in voorkomend geval, het voorwerp uitmaken van een verhoging van de begintoestand van de belaste reserves van het desbetreffende aanslagjaar ten belope van het bedrag van deze terugname. Wanneer bij het onderzoek van de boekhouding over een belastbaar tijdperk voor hetwelk de rechtspersoon aan de vennootschapsbelasting is onderworpen, onderwaarderingen van activa of overwaarderingen van passiva vermeld in artikel 24, eerste lid, 4°, worden vastgesteld, worden deze, in afwijking van artikel 361, niet als winst van dit belastbaar tijdperk aangemerkt op voorwaarde dat de rechtspersoon aantoont dat deze hun oorsprong vinden tijdens een belastbaar tijdperk voor hetwelk zij aan de rechtspersonenbelasting onderworpen was.

Tekst: FOD Financiën, FisconetPlus, officieuze coördinatie Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, artikel opgehaald op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek. FOD Financiën, FisconetPlus

Algemene informatie; geen belasting- of juridisch advies en geen toepassing op uw situatie. Versie aj2027; wettekst gecontroleerd op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek.