KB nr. 7 (btw), Art. 2
Uitleg en toepassing zijn door AI geschreven op basis van de officiële wettekst en machinaal tegengelezen (2026-09-29). Deze bepaling is niet door een mens nagekeken. Controleer het zelf: de officiële wettekst staat hieronder, als ongewijzigde kopie van de artikeltekst uit FOD Financiën, FisconetPlus (zonder de noten en titels van de FOD), met een link naar de bron.
Uitleg
In één alinea
Dit artikel gaat over andere goederen dan die van artikel 1 van dit besluit: goederen die vanuit een derde land of een derdelands gebied worden vervoerd of verzonden en België binnenkomen. Ze komen rechtstreeks binnen, of nadat ze in een andere lidstaat onder een fiscale regeling zijn geplaatst die equivalent is aan de regelingen van artikel 23, § 4, 1°, 2°, 4° tot 7°, van het Wetboek "en/of" onder een regeling voor intern communautair douanevervoer. Voor die goederen wordt de douanereglementering toepasselijk gemaakt, onder meer voor de kantoren en wegen waarlangs ze het land mogen binnenkomen, de verplichting ze op die kantoren te vertonen en aan te geven, en de uren waarin die formaliteiten moeten gebeuren. Daarnaast kunnen die goederen in België onder een fiscale regeling van tijdelijke opslag, entrepot, actieve veredeling of tijdelijke invoer worden geplaatst en er verblijven. Dat kan op voorwaarde dat ze, als het om goederen van artikel 1 zou gaan, volgens de douanewetgeving onder een regeling van tijdelijke opslag, entrepot, actieve veredeling met toepassing van het schorsingssysteem of tijdelijke invoer met volledige vrijstelling van invoerrechten hadden kunnen worden geplaatst en verblijven. De Minister van Financiën, of iemand namens hem, bepaalt hoe dat tweede deel wordt toegepast.
Voor wie
Toepassingsgebied volgens het manifest: btw. De tekst gaat over goederen die vanuit een derde land of een derdelands gebied België binnenkomen en die niet de goederen van artikel 1 van dit besluit zijn.
Sinds wanneer en overgang
Inwerkingtreding niet in het corpus — zie de wijzigingswet.
Rekenvoorbeeld
Deze bepaling bevat geen bedrag of percentage.
Veelgemaakte fouten
- Denken dat de douanereglementering alleen geldt bij rechtstreekse binnenkomst. De wet noemt ook goederen die eerst in een andere lidstaat onder een equivalente fiscale regeling of onder een regeling voor intern communautair douanevervoer zijn geplaatst.
- De fiscale regelingen als vrij beschikbaar zien. De plaatsing is gekoppeld aan de voorwaarde dat de goederen, als het goederen van artikel 1 zouden zijn, volgens de douanewetgeving onder de overeenkomstige douaneregeling hadden kunnen worden geplaatst.
- De opsomming van de fiscale regelingen als cumulatief lezen. De wet noemt ze met "of": tijdelijke opslag, entrepot, actieve veredeling of tijdelijke invoer.
Verwante bepalingen
- KB-BTW-7:1 — de goederen van artikel 1 van dit besluit: goederen die België binnenkomen en die niet voldoen aan de voorwaarden van de artikelen 9 en 10 van het EEG-Verdrag, of die onder het EGKS-Verdrag vallen en zich niet in het vrije verkeer bevinden; voor hen geldt de douanereglementering.
- W-BTW:23, W-BTW:34, W-BTW:40 en W-BTW:52 — artikelen van het Wetboek die dit besluit volgens de gegevens uitvoert; hun tekst zit niet in de gegevens. Laag 1 verwijst naar artikel 23, § 4, van het Wetboek.
- W-BTW:1, W-BTW:1bis en W-BTW:9 — begrippen; hun definitie zit niet in de gegevens.
Wat de wet niet regelt
De concrete toepassingsmodaliteiten van de fiscale regelingen staan niet in dit artikel; de Minister van Financiën bepaalt ze.
Toon de officiële wettekst
Officiële wettekst
§ 1. Voor de andere dan in artikel 1 bedoelde goederen die worden vervoerd of verzonden vanuit een derde land of een derdelands gebied en België binnenkomen, rechtstreeks of na in een andere Lid-Staat te zijn geplaatst onder één van de fiscale regelingen die equivalent zijn aan de regelingen bedoeld in artikel 23, § 4, 1°, 2°, 4° tot 7°, van het Wetboek en/of onder een regeling voor intern communautair douanevervoer, wordt de douanereglementering toepasselijk gemaakt, onder meer wat betreft de kantoren en wegen waarlangs de goederen mogen worden binnengebracht in het land, de verplichting de goederen op die kantoren te vertonen en aan te geven en de uren tijdens dewelke die formaliteiten moeten worden verricht. § 2. De in § 1 bedoelde goederen kunnen in België onder een fiscale regeling van tijdelijke opslag, entrepot, actieve veredeling of tijdelijke invoer worden geplaatst en verblijven op voorwaarde dat, indien het om goederen bedoeld in artikel 1 zou gaan, die goederen overeenkomstig de douanewetgeving onder een regeling van tijdelijke opslag, entrepot, actieve veredeling met toepassing van het schorsingssysteem of onder een regeling van tijdelijke invoer met volledige vrijstelling van invoerrechten konden worden geplaatst en verblijven. Door of vanwege de Minister van Financiën worden de toepassingsmodaliteiten bepaald van deze paragraaf.
Tekst: FOD Financiën, FisconetPlus, officieuze coördinatie Koninklijk besluit nr. 7, van 29 december 1992, met betrekking tot de invoer van goederen voor de toepassing van de belasting over de toegevoegde waarde, artikel opgehaald op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek. FOD Financiën, FisconetPlus
Algemene informatie; geen belasting- of juridisch advies en geen toepassing op uw situatie. Versie 1996-01-01; wettekst gecontroleerd op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek.