Theca Wetboek

Het Belgische boekhoud- en fiscaal recht, artikel per artikel uitgelegd.

Onofficiële uitgave met de officiële wettekst; alleen het Belgisch Staatsblad is authentiek.

KB nr. 4 (btw), Art. 9

Uitleg en toepassing zijn door AI geschreven op basis van de officiële wettekst en machinaal tegengelezen (2026-09-28). Deze bepaling is niet door een mens nagekeken. Controleer het zelf: de officiële wettekst staat hieronder, als ongewijzigde kopie van de artikeltekst uit FOD Financiën, FisconetPlus (zonder de noten en titels van de FOD), met een link naar de bron.

Uitleg

In één alinea

Dit artikel regelt hoe bepaalde rechthebbenden een teruggaaf aanvragen. Een in België gevestigde persoon die de aangifte uit artikel 53, § 1, eerste lid, 2°, of artikel 53ter, 1°, van het Wetboek niet moet indienen, dient een aanvraag in: als belastingplichtige of niet-belastingplichtige rechtspersoon bij het hoofd van het btw-controlekantoor waaronder hij ressorteert, en als enig ander persoon bij het hoofd van het btw-controlekantoor van het gebied van zijn woonplaats of maatschappelijke zetel. Die aanvraag moet er in twee exemplaren toekomen vóór het einde van het derde kalenderjaar na het jaar waarin de oorzaak van de teruggaaf zich voordeed, en de teruggaaf hangt af van het bewijs dat de belasting is betaald. Een niet in België gevestigde niet-belastingplichtige rechtspersoon die hier alleen intracommunautaire verwervingen van nieuwe vervoermiddelen uit artikel 8bis, § 2, van het Wetboek verricht, dient zijn aanvraag in drie exemplaren in bij het KMO Centrum Specifieke Materies, uiterlijk op 30 september van het kalenderjaar na het tijdvak van het verzoek; op een aanvraag van minder dan 50 euro wordt niet ingegaan. Belastingplichtigen die in een andere lidstaat of buiten de Gemeenschap gevestigd zijn, krijgen hun teruggaaf volgens het koninklijk besluit nr. 56 van 10 april 2022. Niet behandeld: de vorm van de aanvragen, de over te leggen stukken en de modaliteiten van de teruggaven worden door of vanwege de Minister van Financiën bepaald.

Voor wie

Toepassingsgebied: btw. Het artikel richt zich tot drie groepen: in België gevestigde personen die de aangifte uit artikel 53, § 1, eerste lid, 2°, of artikel 53ter, 1°, van het Wetboek niet moeten indienen; niet in België gevestigde niet-belastingplichtige rechtspersonen die hier alleen intracommunautaire verwervingen van nieuwe vervoermiddelen verrichten; en belastingplichtigen die in een andere lidstaat of buiten de Gemeenschap gevestigd zijn.

Sinds wanneer en overgang

Inwerkingtreding niet in het corpus — zie de wijzigingswet.

Rekenvoorbeeld

Deze bepaling bevat drempels, geen tarief om mee te rekenen.

Voor de aanvraag van een niet in België gevestigde niet-belastingplichtige rechtspersoon geldt: een aanvraag voor een bedrag van minder dan 50 euro wordt niet behandeld; een aanvraag van precies 50 euro valt niet onder die uitsluiting, want de tekst zegt "minder dan".

Veelgemaakte fouten

  • De termijnen door elkaar halen: voor een in België gevestigde aanvrager is het vóór het einde van het derde kalenderjaar na het jaar van de oorzaak, voor de niet-gevestigde niet-belastingplichtige rechtspersoon uiterlijk 30 september van het kalenderjaar na het tijdvak van het verzoek.
  • Het aantal exemplaren vergeten: twee voor de in België gevestigde aanvrager, drie voor de aanvraag bij het KMO Centrum Specifieke Materies.
  • Een aanvraag indienen zonder bewijs van de betaling van de belasting, terwijl de teruggaaf daarvan afhangt.
  • De grens van 50 euro toepassen op alle aanvragers: laag 1 noemt ze alleen bij de aanvraag van de niet in België gevestigde niet-belastingplichtige rechtspersoon.

Verwante bepalingen

  • In de gegevens is dit besluit als geheel gekoppeld aan de wetsartikelen W-BTW:25quinquies, W-BTW:53octies, W-BTW:58, W-BTW:75, W-BTW:76, W-BTW:77, W-BTW:78, W-BTW:79, W-BTW:80, W-BTW:82 en W-BTW:90, als artikelen die het uitvoert. De tekst van die artikelen zit niet in de gegevens; over hun inhoud zegt deze uitleg daarom niets.

Wat de wet niet regelt

Dit artikel regelt niet zelf hoe de aanvraag eruitziet of welke stukken erbij horen; dat laat het aan de Minister van Financiën.

Toon de officiële wettekst

Officiële wettekst

§ 1. Wanneer de rechthebbende op teruggaaf een andere in België gevestigde persoon is dan een belastingplichtige of een niet-belastingplichtige rechtspersoon die, naargelang van het geval, gehouden is de aangifte als bedoeld in artikel 53, § 1, eerste lid, 2°, of artikel 53ter, 1°, van het Wetboek in te dienen, moet hij een aanvraag tot teruggaaf indienen, ofwel bij het hoofd van het controlekantoor van de belasting over de toegevoegde waarde waaronder hij ressorteert, indien hij een belastingplichtige of een niet- belastingplichtige rechtspersoon is, ofwel bij het hoofd van het controlekantoor van de belasting over de toegevoegde waarde in het ambtsgebied waarvan hij zijn woonplaats of zijn maatschappelijke zetel heeft, indien hij enig ander persoon is. De aanvraag moet bij die ambtenaar toekomen, in twee exemplaren, vóór het verstrijken van het derde kalenderjaar volgend op dat waarin de oorzaak van de teruggaaf zich heeft voorgedaan. De teruggaaf is afhankelijk van het bewijs van de betaling van de belasting. § 2. Wanneer de rechthebbende op teruggaaf een niet-belastingplichtige rechtspersoon is die niet in België is gevestigd en er geen belastbare handelingen verricht andere dan de intracommunautaire verwerving van nieuwe vervoermiddelen als bedoeld in artikel 8bis, § 2, van het Wetboek, moet hij een aanvraag tot teruggaaf indienen bij het KMO Centrum Specifieke Materies. De aanvraag moet bij die dienst toekomen, in drie exemplaren, uiterlijk op 30 september van het kalenderjaar volgend op het tijdvak waarop het teruggaafverzoek betrekking heeft. Op de aanvraag tot teruggaaf wordt niet ingegaan indien zij betrekking heeft op een bedrag van minder dan 50 euro. § 3. De niet in België maar in een andere lidstaat gevestigde belastingplichtige, alsook de niet in de Gemeenschap gevestigde belastingplichtige, kan teruggaaf verkrijgen van de belasting die geheven is van de hem geleverde goederen, van de hem verstrekte diensten en van de door hem verrichte invoeren hier te lande, volgens de bepalingen en de modaliteiten voorzien in het koninklijk besluit nr. 56 van 10 april 2022 met betrekking tot de teruggaaf inzake belasting over de toegevoegde waarde aan belastingplichtigen gevestigd in een andere lidstaat dan de lidstaat van teruggaaf en aan niet in de Gemeenschap gevestigde belastingplichtigen. § 4. De vorm van de aanvragen tot teruggaaf, de over te leggen stukken en de modaliteiten van de teruggaven, worden door of vanwege de Minister van Financiën bepaald.

Tekst: FOD Financiën, FisconetPlus, officieuze coördinatie Koninklijk Besluit nr. 4, van 29 december 1969, met betrekking tot de teruggaven inzake belasting over de toegevoegde waarde, artikel opgehaald op 2026-09-28. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek. FOD Financiën, FisconetPlus

Algemene informatie; geen belasting- of juridisch advies en geen toepassing op uw situatie. Versie 2022-07-01; wettekst gecontroleerd op 2026-09-28. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek.