KB nr. 24 (btw), Art. 8
Uitleg en toepassing zijn door AI geschreven op basis van de officiële wettekst en machinaal tegengelezen (2026-09-29). Deze bepaling is niet door een mens nagekeken. Controleer het zelf: de officiële wettekst staat hieronder, als ongewijzigde kopie van de artikeltekst uit FOD Financiën, FisconetPlus (zonder de noten en titels van de FOD), met een link naar de bron.
Uitleg
In één alinea
Dit artikel laat toe dat door of vanwege de Minister van Financiën beslist wordt dat handelingen die vóór een door of vanwege hem te bepalen datum worden verricht, aan de rekening-courant uit artikel 5 worden onttrokken, en dat voor het tijdvak vóór die datum een bijzondere rekening wordt bijgehouden. De beslissing vermeldt de toestand van de rekening-courant op die datum en het tijdvak van de bijzondere rekening. Ze wordt aan de belastingplichtige ter kennis gebracht bij aangetekende brief; de afgifte ter post geldt als kennisgeving vanaf de daaropvolgende dag. Betalingen die op de bijzondere rekening moeten worden toegerekend, moeten gedaan worden op de wijze die door of vanwege de minister bepaald is. Sluit de bijzondere rekening met een overschot voor de belastingplichtige, dan wordt dat overschot ingeschreven op de creditzijde van zijn rekening-courant, met uitwerking op een datum die door of namens de minister wordt bepaald. Op uitdrukkelijk verzoek van de belastingplichtige kan het overschot echter worden teruggegeven overeenkomstig artikel 8(2) van het koninklijk besluit nr. 4, en slechts in de gevallen en onder de voorwaarden die door of vanwege de minister worden bepaald. Wordt de rekening-courant voor hem niet meer bijgehouden, dan wordt het overschot teruggegeven overeenkomstig datzelfde artikel 8(2), eveneens slechts in die gevallen en onder die voorwaarden. Paragraaf 2 bepaalt dat iedere betaling of met een betaling gelijkgestelde verrichting overeenkomstig artikel 5, § 2, die op de rekening-courant wordt ingeschreven en uitwerking heeft na de kennisgeving, niettegenstaande elke strijdige verklaring, geacht wordt gedaan te zijn ter voldoening van de in artikel 1 en artikel 5, § 2, bedoelde bedragen die de belastingplichtige verschuldigd is of zal worden voor het tijdvak dat volgt op dat waarvoor de bijzondere rekening werd voorgeschreven.
Voor wie
Toepassingsgebied: btw. Het artikel gaat over de belastingplichtige voor wie door of vanwege de Minister van Financiën een bijzondere rekening wordt voorgeschreven.
Sinds wanneer en overgang
Inwerkingtreding niet in het corpus — zie de wijzigingswet.
Rekenvoorbeeld
Deze bepaling bevat geen bedrag of percentage.
Veelgemaakte fouten
- Een betaling na de kennisgeving nog aan het tijdvak van de bijzondere rekening toerekenen. Paragraaf 2 bepaalt dat ze, niettegenstaande elke strijdige verklaring, geacht wordt te gelden voor het tijdvak dat volgt.
- De kennisgeving laten ingaan op de dag van de afgifte ter post. De afgifte geldt als kennisgeving "vanaf de daaropvolgende dag".
- Denken dat een overschot altijd wordt teruggegeven. Zolang de rekening-courant wordt bijgehouden, wordt het ingeschreven op de creditzijde, tenzij de belastingplichtige uitdrukkelijk om teruggave verzoekt; ook dan geldt de teruggave slechts in de gevallen en onder de voorwaarden die door of vanwege de minister worden bepaald.
Verwante bepalingen
- KB-BTW-24:5 — de rekening-courant die de administratie bijhoudt, met de verrichtingen die door of vanwege de minister als met een betaling gelijkgesteld kunnen worden geboekt.
- KB-BTW-24:1 — de belasting, de fiscale geldboeten en de nalatigheidsinteresten die verbonden zijn aan de periodieke aangifte bedoeld in artikel 53, § 1, eerste lid, 2°, van het Wetboek.
- W-BTW:1, W-BTW:1bis en W-BTW:9 — begrippen uit het Wetboek; hun definitie zit niet in de gegevens.
Wat de wet niet regelt
Dit artikel bepaalt niet in welke gevallen de minister tot een bijzondere rekening beslist.
Toon de officiële wettekst
Officiële wettekst
§ 1. Door of vanwege de Minister van Financiën kan worden beslist dat handelingen, die vóór een door of vanwege hem te bepalen datum worden verricht, aan de in artikel 5 bedoelde rekening-courant worden onttrokken en dat een bijzondere rekening zal worden bijgehouden voor het tijdvak dat aan die datum voorafgaat. In dat geval maakt de beslissing melding van de toestand van de rekening-courant op die datum, alsmede van het tijdvak waarvoor die bijzondere rekening wordt bijgehouden. Van die beslissing wordt aan de belastingplichtige kennis gegeven bij aangetekende brief. De afgifte van het stuk ter post geldt als kennisgeving vanaf de daaropvolgende dag. De betalingen die op de bijzondere rekening moeten worden toegerekend, moeten worden gedaan op de door of vanwege de Minister van Financiën bepaalde wijze. Indien de bijzondere rekening sluit met een overschot in het voordeel van de belastingplichtige, wordt dat overschot ingeschreven op de creditzijde van de overeenkomstig artikel 5 voor die belastingplichtige bijgehouden rekening-courant. Door of namens de Minister van Financiën wordt de datum bepaald waarop die inschrijving uitwerking heeft. Het voornoemde overschot kan echter op uitdrukkelijk verzoek van de belastingplichtige worden teruggegeven, overeenkomstig artikel 8(2) van het koninklijk besluit nr. 4 met betrekking tot de teruggaven inzake belasting over de toegevoegde waarde en slechts in de gevallen en onder de voorwaarden die door of vanwege de Minister van Financiën worden bepaald. Indien de bijzondere rekening sluit met een overschot in het voordeel van de belastingplichtige en de hiervoor bedoelde rekening-courant voor hem niet meer wordt bijgehouden, wordt dat overschot aan de belastingplichtige teruggegeven overeenkomstig artikel 8(2) van voornoemd koninklijk besluit nr. 4 en slechts in de gevallen en onder de voorwaarden bepaald door of vanwege de Minister van Financiën. § 2. Iedere betaling of verrichting gelijkgesteld met een betaling overeenkomstig artikel 5, § 2, van dit besluit, die wordt ingeschreven op de rekening-courant en die uitwerking heeft na de in § 1 van dit artikel bedoelde kennisgeving, worden, niettegenstaande elke strijdige verklaring, geacht te zijn gedaan ter voldoening van de in artikel 1 en artikel 5, § 2, bedoelde bedragen, die de belastingplichtige verschuldigd is of zal worden voor het tijdvak dat volgt op dat waarvoor het bijhouden van een bijzondere rekening werd voorgeschreven.
Tekst: FOD Financiën, FisconetPlus, officieuze coördinatie Koninklijk besluit nr. 24, van 29 december 1992, met betrekking tot de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde, artikel opgehaald op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek. FOD Financiën, FisconetPlus
Algemene informatie; geen belasting- of juridisch advies en geen toepassing op uw situatie. Versie 1993-01-01; wettekst gecontroleerd op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek.