KB nr. 24 (btw), Art. 6
Uitleg en toepassing zijn door AI geschreven op basis van de officiële wettekst en machinaal tegengelezen (2026-09-29). Deze bepaling is niet door een mens nagekeken. Controleer het zelf: de officiële wettekst staat hieronder, als ongewijzigde kopie van de artikeltekst uit FOD Financiën, FisconetPlus (zonder de noten en titels van de FOD), met een link naar de bron.
Uitleg
In één alinea
Dit artikel bepaalt hoe de bedragen die op de creditzijde van de rekening-courant uit artikel 5, § 1 en § 2, zijn ingeschreven, worden toegerekend. Dat gebeurt, niettegenstaande elke strijdige verklaring van de belastingplichtige, in een vaste volgorde: eerst op de kosten, daarna op de nalatigheidsinteresten, vervolgens op de fiscale geldboeten en tenslotte op de nog verschuldigde belasting. Het tijdstip van de toerekening hangt af van het soort bedrag: voor betalingen de datum waarop ze uitwerking hebben; voor het maand- of kwartaalsaldo bedoeld in artikel 5, § 1, 1°, b, de uiterste datum voor het indienen van de aangifte waaruit dat saldo blijkt; voor de inschrijvingen bedoeld in artikel 5, § 2, de datum bepaald door of vanwege de Minister van Financiën.
Voor wie
Toepassingsgebied: btw. Het artikel gaat over de belastingplichtige voor wie de rekening-courant uit artikel 5 wordt bijgehouden, dat wil zeggen iedere belastingplichtige die periodieke aangiften moet indienen.
Sinds wanneer en overgang
Inwerkingtreding niet in het corpus — zie de wijzigingswet.
Rekenvoorbeeld
Deze bepaling bevat geen bedrag of percentage. Symbolisch: een creditbedrag B wordt toegerekend op openstaande kosten K, dan op nalatigheidsinteresten I, dan op fiscale geldboeten G en pas daarna op de belasting T. Is B kleiner dan of gelijk aan K + I + G, dan gaat er niets naar de belasting T. Is B groter, dan gaat het deel B − (K + I + G) naar de nog verschuldigde belasting T.
Veelgemaakte fouten
- Een betaling eerst op de belasting toerekenen omdat de belastingplichtige dat bij de betaling vermeldt. De volgorde geldt "niettegenstaande elke strijdige verklaring van de belastingplichtige".
- Het batig saldo toerekenen op de datum waarop de aangifte werd ingediend. De wet neemt de uiterste datum bepaald voor het indienen van de aangifte waaruit dat saldo blijkt.
- Een betaling toerekenen op de dag van de opdracht. De wet neemt de datum waarop de betaling uitwerking heeft.
Verwante bepalingen
- KB-BTW-24:5 — de rekening-courant die de administratie bijhoudt, met de creditzijde, de debetzijde en de andere verrichtingen die de minister er kan laten boeken.
- W-BTW:1, W-BTW:1bis en W-BTW:9 — begrippen uit het Wetboek; hun definitie zit niet in de gegevens.
Wat de wet niet regelt
Dit artikel bepaalt niet wat er gebeurt met een saldo dat na de toerekening in het voordeel van de belastingplichtige overblijft.
Toon de officiële wettekst
Officiële wettekst
De op de creditzijde van de in artikel 5, § 1 en § 2, bedoelde ingeschreven bedragen worden, niettegenstaande elke strijdige verklaring van de belastingplichtige, in de navolgende volgorde toegerekend : eerst op de kosten, daarna op de nalatigheidsinteresten , vervolgens op de fiscale geldboeten en tenslotte op de nog verschuldigde belasting. De toerekening gebeurt : 1° voor de betalingen, op de datum waarop ze uitwerking hebben; 2° voor het in artikel 5, § 1, 1°, b, bedoelde maand- of kwartaalsaldo, op de uiterste datum bepaald voor het indienen van de aangifte waaruit dat saldo blijkt; 3° voor de in artikel 5, § 2, bedoelde inschrijvingen, op de datum bepaald door of vanwege de Minister van Financiën.
Tekst: FOD Financiën, FisconetPlus, officieuze coördinatie Koninklijk besluit nr. 24, van 29 december 1992, met betrekking tot de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde, artikel opgehaald op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek. FOD Financiën, FisconetPlus
Algemene informatie; geen belasting- of juridisch advies en geen toepassing op uw situatie. Versie 2019-04-01; wettekst gecontroleerd op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek.