Theca Wetboek

Het Belgische boekhoud- en fiscaal recht, artikel per artikel uitgelegd.

Onofficiële uitgave met de officiële wettekst; alleen het Belgisch Staatsblad is authentiek.

KB nr. 22 (btw), Art. 9

Uitleg en toepassing zijn door AI geschreven op basis van de officiële wettekst en machinaal tegengelezen (2026-09-29). Deze bepaling is niet door een mens nagekeken. Controleer het zelf: de officiële wettekst staat hieronder, als ongewijzigde kopie van de artikeltekst uit FOD Financiën, FisconetPlus (zonder de noten en titels van de FOD), met een link naar de bron.

Uitleg

In één alinea

Dit artikel regelt hoe de landbouwondernemer de optie van artikel 57, § 8, van het Wetboek uitoefent: de keuze voor de normale regeling van de belasting voor de handelingen bedoeld in artikel 57, § 1, derde lid, van het Wetboek. Die optie moet hij uitoefenen met de aangifte bedoeld in artikel 2 of 7bis van het koninklijk besluit nr. 10 van 29 december 1992 over de keuzen, de voorafgaande kennisgevingen en de aangiften van aanvang, wijziging en stopzetting van activiteit inzake btw. Over het ogenblik waarop de optie uitwerking heeft, bevat laag 1 twee zinnen die elkaar niet dekken: "vanaf het verstrijken van de maand na die waarin de aangifte is gedaan" en "vanaf het verstrijken van de maand na die waarin de brief wordt verzonden"; de tekst is op dat punt onduidelijk. Vóór 1 januari van het derde jaar na het jaar waarin de optie uitwerking heeft gehad, kan de landbouwondernemer niet opnieuw overgaan naar de bijzondere regeling van artikel 57 van het Wetboek. Van die wijziging in de belastingregeling moet vóór 1 december kennis worden gegeven aan de btw-administratie, met dezelfde aangifte van artikel 2 of 7bis van het koninklijk besluit nr. 10; de wijziging heeft dan uitwerking met ingang van 1 januari van het volgende jaar.

Voor wie

Toepassingsgebied volgens het manifest: btw. De tekst richt zich tot de landbouwondernemer die voor de handelingen bedoeld in artikel 57, § 1, derde lid, van het Wetboek kiest voor de normale regeling van de belasting, of die daarna opnieuw naar de bijzondere regeling van artikel 57 van het Wetboek wil overgaan.

Sinds wanneer en overgang

Inwerkingtreding niet in het corpus — zie de wijzigingswet.

Rekenvoorbeeld

Deze bepaling bevat geen bedrag of percentage. Ze bevat wel data: de terugkeer naar de bijzondere regeling kan niet vóór 1 januari van het derde jaar na het jaar waarin de optie uitwerking heeft gehad, de kennisgeving gebeurt vóór 1 december, en de wijziging werkt met ingang van 1 januari van het volgende jaar.

Veelgemaakte fouten

  • De optie op een andere manier uitoefenen. De wet zegt dat ze "moet" worden uitgeoefend met de aangifte bedoeld in artikel 2 of 7bis van het koninklijk besluit nr. 10.
  • Te vroeg terugkeren naar de bijzondere regeling. Vóór 1 januari van het derde jaar na het jaar waarin de optie uitwerking heeft gehad, kan dat niet.
  • De kennisgeving van de terugkeer te laat doen. Ze gebeurt vóór 1 december; de wijziging werkt met ingang van 1 januari van het volgende jaar.
  • Eén van de twee zinnen over de uitwerking van de optie als de enige geldende lezen. Laag 1 bevat ze allebei; welke geldt, blijkt niet uit de tekst.

Verwante bepalingen

  • W-BTW:49 en W-BTW:57 — artikelen van het Wetboek die dit besluit volgens de gegevens uitvoert; hun tekst zit niet in de gegevens. Laag 1 verwijst naar artikel 57, § 8 en § 1, derde lid, van het Wetboek.
  • W-BTW:1, W-BTW:1bis en W-BTW:9 — begrippen; hun definitie zit niet in de gegevens.

Wat de wet niet regelt

Dit artikel zegt niet wat er gebeurt met een kennisgeving van terugkeer die na 1 december wordt gedaan.

Toon de officiële wettekst

Officiële wettekst

De in artikel 57, § 8, van het Wetboek bedoelde optie voor de normale regeling van de belasting ten aanzien van de handelingen bedoeld in artikel 57, § 1, derde lid, van het Wetboek, moet door de landbouwondernemer worden uitgeoefend door middel van de aangifte bedoeld in artikel 2 of 7bis van het koninklijk besluit nr. 10, van 29 december 1992, met betrekking tot de uitoefeningsmodaliteiten van de keuzen, de voorafgaande kennisgevingen en de aangiften van aanvang, wijziging en stopzetting van activiteit inzake belasting over de toegevoegde waarde. Die optie heeft uitwerking te rekenen vanaf het verstrijken van de maand na die waarin de aangifte is gedaan. Die optie heeft uitwerking te rekenen vanaf het verstrijken van de maand na die waarin de brief wordt verzonden. Vóór 1 januari van het derde jaar na dat waarin de optie uitwerking heeft gehad kan de landbouwondernemer niet opnieuw overgaan naar de biezondere regeling ingesteld bij artikel 57 van het Wetboek. Van die wijziging in de belastingregeling moet vóór 1 december kennis worden gegeven aan de administratie belast met de belasting over de toegevoegde waarde door middel van de aangifte bedoeld in artikel 2 of 7bis van het koninklijk besluit nr. 10, van 29 december 1992, met betrekking tot de uitoefeningsmodaliteiten van de keuzen, de voorafgaande kennisgevingen en de aangiften van aanvang, wijziging en stopzetting van activiteit inzake belasting over de toegevoegde waarde, die wijziging heeft uitwerking met ingang van 1 januari van het volgende jaar.

Tekst: FOD Financiën, FisconetPlus, officieuze coördinatie Koninklijk besluit nr. 22, van 15 september 1970, met betrekking tot de bijzondere regeling voor landbouwondernemers inzake belasting over de toegevoegde waarde, artikel opgehaald op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek. FOD Financiën, FisconetPlus

Algemene informatie; geen belasting- of juridisch advies en geen toepassing op uw situatie. Versie 2026-01-10; wettekst gecontroleerd op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek.