KB nr. 2 (btw), Art. 1
Uitleg en toepassing zijn door AI geschreven op basis van de officiële wettekst en machinaal tegengelezen (2026-09-29). Deze bepaling is niet door een mens nagekeken. Controleer het zelf: de officiële wettekst staat hieronder, als ongewijzigde kopie van de artikeltekst uit FOD Financiën, FisconetPlus (zonder de noten en titels van de FOD), met een link naar de bron.
Uitleg
In één alinea
Dit artikel regelt hoe een belastingplichtige in de forfaitaire regeling van de btw komt en wanneer de administratie hem daaruit kan houden. De belastingplichtige die zijn activiteit vóór 1 januari 2022 aanvangt, kan de regeling van forfaitaire grondslagen van aanslag genieten die bij artikel 56 van het Wetboek is ingesteld, voor de sectoren van activiteit die in de bijlage bij dit besluit zijn opgesomd. Daarvoor verklaart hij in de aangifte bedoeld in artikel 53, § 1, eerste lid, 1°, van het Wetboek dat "naar alle waarschijnlijkheid zijn activiteit zal voldoen aan de voorwaarden die voor de toepassing van deze regeling zijn bepaald". De bevoegde dienst van de btw-administratie waaronder de belastingplichtige ressorteert, kan niettemin beslissen dat hij de normale regeling van de belasting moet toepassen wanneer duidelijk blijkt dat de voorwaarden voor de forfaitaire regeling niet zijn vervuld; de bevoegde ambtenaar van die dienst geeft van die beslissing kennis bij aangetekende brief. Beslist die dienst om, overeenkomstig artikel 56, § 1, vijfde lid, van het Wetboek, de forfaitaire grondslagen aan te passen aan de eigen activiteit van de belastingplichtige, dan deelt hij die beslissing eveneens bij aangetekende brief mee. Heeft de belastingplichtige die dienst binnen een maand na die kennisgeving niet ingelicht dat hij "de normale regeling van de belasting te willen behouden", dan is de beslissing op hem van toepassing en wordt hij geacht aan de forfaitaire regeling onderworpen te zijn.
Voor wie
Toepassingsgebied volgens het manifest: btw. De tekst betreft de belastingplichtige die zijn activiteit vóór 1 januari 2022 aanvangt in een van de sectoren uit de bijlage bij dit besluit, en de bevoegde dienst van de administratie belast met de belasting over de toegevoegde waarde.
Sinds wanneer en overgang
Inwerkingtreding niet in het corpus — zie de wijzigingswet.
Rekenvoorbeeld
Deze bepaling bevat geen bedrag of percentage.
Veelgemaakte fouten
- Denken dat de forfaitaire regeling vanzelf geldt. De wet koppelt ze aan een verklaring in de aangifte bedoeld in artikel 53, § 1, eerste lid, 1°, van het Wetboek, en alleen voor de sectoren van activiteit uit de bijlage bij dit besluit.
- Denken dat die verklaring het laatste woord heeft. De bevoegde dienst kan "niettemin" beslissen dat de normale regeling moet worden toegepast wanneer duidelijk blijkt dat de voorwaarden niet zijn vervuld.
- De termijn na een beslissing tot aanpassing van de forfaitaire grondslagen laten verlopen. Wie de dienst niet binnen een maand na de kennisgeving inlicht, krijgt de beslissing toegepast en wordt geacht aan de forfaitaire regeling onderworpen te zijn.
Verwante bepalingen
- W-BTW:53, W-BTW:54, W-BTW:56, W-BTW:77 en W-BTW:80 — artikelen van het Wetboek die dit besluit volgens de gegevens uitvoert; hun tekst zit niet in de gegevens.
- W-BTW:1, W-BTW:1bis en W-BTW:9 — begrippen; hun definitie zit niet in de gegevens.
Wat de wet niet regelt
Dit artikel somt de sectoren van activiteit niet zelf op; het verwijst daarvoor naar de bijlage bij dit besluit.
Toon de officiële wettekst
Officiële wettekst
§ 1. De belastingplichtige die zijn activiteit vóór 1 januari 2022 aanvangt kan de regeling van forfaitaire grondslagen van aanslag genieten ingesteld bij artikel 56 van het Wetboek voor de in bijlage bij dit besluit opgesomde sectoren van activiteit wanneer hij in de bij artikel 53, § 1, eerste lid, 1°, van het Wetboek bedoelde aangifte verklaart dat naar alle waarschijnlijkheid zijn activiteit zal voldoen aan de voorwaarden die voor de toepassing van deze regeling zijn bepaald. De bevoegde dienst van de administratie belast met de belasting over de toegevoegde waarde waaronder de belastingplichtige ressorteert kan niettemin beslissen dat deze laatste de normale regeling van de belasting moet toepassen wanneer duidelijk blijkt dat de voor de toepassing van de forfaitaire regeling gestelde voorwaarden niet zijn vervuld. De kennisgeving van deze beslissing aan de belastingplichtige gebeurt bij aangetekende brief door de bevoegde ambtenaar van deze dienst. § 2. De beslissing van de in paragraaf 1, tweede lid, bedoelde dienst om overeenkomstig artikel 56, § 1, vijfde lid, van het Wetboek de forfaitaire grondslagen van aanslag aan te passen aan de eigen activiteit van de belastingplichtige, wordt hem door die dienst bij aangetekende brief meegedeeld. Wanneer de belastingplichtige binnen een maand na deze kennisgeving die dienst niet heeft ingelicht de normale regeling van de belasting te willen behouden, is de beslissing op hem van toepassing en wordt hij geacht aan de forfaitaire regeling onderworpen te zijn.
Tekst: FOD Financiën, FisconetPlus, officieuze coördinatie Koninklijk besluit nr. 2, van 19 december 2018, met betrekking tot de forfaitaire regeling inzake belasting over de toegevoegde waarde, artikel opgehaald op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek. FOD Financiën, FisconetPlus
Algemene informatie; geen belasting- of juridisch advies en geen toepassing op uw situatie. Versie 2022-01-01; wettekst gecontroleerd op 2026-09-29. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek.