Theca Wetboek

Het Belgische boekhoud- en fiscaal recht, artikel per artikel uitgelegd.

Onofficiële uitgave met de officiële wettekst; alleen het Belgisch Staatsblad is authentiek.

KB nr. 19 (btw), Art. 6

Uitleg en toepassing zijn door AI geschreven op basis van de officiële wettekst en machinaal tegengelezen (2026-09-28). Deze bepaling is niet door een mens nagekeken. Controleer het zelf: de officiële wettekst staat hieronder, als ongewijzigde kopie van de artikeltekst uit FOD Financiën, FisconetPlus (zonder de noten en titels van de FOD), met een link naar de bron.

Uitleg

In één alinea

Dit artikel regelt de aftrek wanneer een belastingplichtige overeenkomstig artikel 5 niet langer onder de vrijstellingsregeling van belasting valt. Hij kan dan bij wijze van herziening zijn recht op aftrek uitoefenen voor 1° andere goederen en diensten dan bedrijfsmiddelen die op het tijdstip van de wijziging nog niet gebruikt of verbruikt zijn, en 2° bedrijfsmiddelen die bij de wijziging nog bestaan, voor zover ze nog bruikbaar zijn en de termijn van artikel 48, § 2, van het Wetboek (of ter uitvoering ervan) nog niet verstreken is. Voor die bedrijfsmiddelen is de herziening gelijk aan de belasting die niet in aftrek kon worden gebracht, verminderd met een vijfde, een vijftiende of een vijfentwintigste per jaar, volgens de aard van het goed zoals artikel 9 van het koninklijk besluit nr. 3 van 10 december 1969 dat onderscheid maakt. Die vermindering loopt per jaar vanaf 1 januari van het jaar van ingebruikneming tot 31 december van het jaar vóór het jaar van de wijziging. De herzieningen gebeuren bij toepassing van de artikelen 45 tot en met 49 van het Wetboek en volgens de regels van artikel 3 van het koninklijk besluit nr. 3. De herziening hangt af van een inventaris van de nog niet gebruikte of verbruikte goederen en diensten en van een staat van de nog bruikbare bedrijfsmiddelen, met in detail de goederen en diensten, de datum en het nummer van de aankoopfactuur of het invoerdocument, de maatstaf van heffing en het te herziene bedrag. De herziening gebeurt in een aangifte bedoeld in artikel 53, § 1, eerste lid, 2°, van het Wetboek: voor punt 1° vóór het verstrijken van het derde kalenderjaar na het jaar waarin de af te trekken belasting opeisbaar werd, voor punt 2° vóór het verstrijken van het derde kalenderjaar na het jaar van de wijziging van belastingregeling.

Voor wie

Toepassingsgebied: btw. De bepaling geldt voor een belastingplichtige die overeenkomstig artikel 5 niet langer onder de vrijstellingsregeling van belasting valt.

Sinds wanneer en overgang

Inwerkingtreding niet in het corpus — zie de wijzigingswet.

Rekenvoorbeeld

Een symbolisch voorbeeld voor een bedrijfsmiddel (punt 2°). Grondslag is de belasting die niet in aftrek kon worden gebracht; noem ze B. Noem n het aantal jaren vanaf 1 januari van het jaar waarin het bedrijfsmiddel in gebruik werd genomen tot 31 december van het jaar vóór het jaar van de wijziging van belastingregeling.

  • Goed waarvoor een vijfde geldt: herziening = B − n × (een vijfde van B).
  • Goed waarvoor een vijftiende geldt: herziening = B − n × (een vijftiende van B).
  • Goed waarvoor een vijfentwintigste geldt: herziening = B − n × (een vijfentwintigste van B).

Welke breuk voor welk goed geldt, bepaalt artikel 9 van het koninklijk besluit nr. 3; die tekst zit niet in de gegevens. Het voorbeeld rekent in hele centen en rondt één keer af, op het eindbedrag; de wettekst zelf zegt niets over afronding.

Veelgemaakte fouten

  • Voor elk bedrijfsmiddel dezelfde breuk gebruiken. De wet noemt een vijfde, een vijftiende of een vijfentwintigste, naargelang de aard van het goed.
  • Het jaar van de wijziging zelf meetellen. De vermindering loopt tot 31 december van het jaar dat voorafgaat aan het jaar van de wijziging.
  • De inventaris en de staat overslaan. De wet maakt de herziening afhankelijk van het bijhouden van die stukken.
  • Voor beide punten dezelfde termijn aanhouden. Voor punt 1° telt het jaar waarin de af te trekken belasting opeisbaar werd, voor punt 2° het jaar van de wijziging van belastingregeling.

Verwante bepalingen

  • KB-BTW-19:5 — dit artikel verwijst naar artikel 5. Volgens zijn laag 1 regelt dat artikel wanneer een belastingplichtige de vrijstellingsregeling verlaat: bij een overschrijding van het bedrag van artikel 56ter, § 1, eerste lid, van het Wetboek (met maximaal of met meer dan tien pct.), bij een uitsluiting wegens geregelde activiteiten van artikel 56bis, § 2, tweede lid, van het Wetboek of wegens een zetel buiten België, en bij een eigen keuze voor de normale regeling.
  • W-BTW:4 en W-BTW:53 — artikelen van het Wetboek die dit besluit volgens de gegevens uitvoert; hun tekst zit niet in de gegevens.
  • W-BTW:1, W-BTW:1bis en W-BTW:9 — begrippen uit het Wetboek; hun definitie zit niet in de gegevens.

Wat de wet niet regelt

Dit artikel bepaalt zelf niet welke bedrijfsmiddelen onder welke breuk vallen; het verwijst daarvoor naar artikel 9 van het koninklijk besluit nr. 3.

Toon de officiële wettekst

Officiële wettekst

§ 1 . De belastingplichtige die overeenkomstig artikel 5 niet langer onderworpen is aan de vrijstellingsregeling van belasting, kan bij wijze van herziening zijn recht op aftrek uitoefenen voor: 1° de andere goederen en diensten dan bedrijfsmiddelen, die nog niet werden gebruikt of verbruikt op het tijdstip van de wijziging van belastingregeling; 2° de bedrijfsmiddelen die bij de wijziging nog bestaan, voor zover die goederen nog bruikbaar zijn en de termijn bepaald bij artikel 48, § 2, van het Wetboek, of ter uitvoering ervan, nog niet is verstreken. Voor de in het eerste lid, 2°, bedoelde bedrijfsmiddelen is het bedrag van de herziening gelijk aan de belasting die niet in aftrek kon worden gebracht, verminderd met een vijfde, een vijftiende of een vijfentwintigste, volgens het onderscheid gemaakt naargelang de aard van het goed overeenkomstig artikel 9 van het koninklijk besluit nr. 3 van 10 december 1969 met betrekking tot de aftrekregeling voor de toepassing van de belasting over de toegevoegde waarde, per jaar vanaf 1 januari van het jaar waarin de bedrijfsmiddelen in gebruik werden genomen tot 31 december van het jaar dat voorafgaat aan het jaar waarin de wijziging van belastingregeling zich heeft voorgedaan. De in het eerste lid bedoelde herzieningen gebeuren bij toepassing van de artikelen 45 tot en met 49 van het Wetboek en overeenkomstig de regels van artikel 3 van het koninklijk besluit nr. 3 van 10 december 1969 met betrekking tot de aftrekregeling voor de toepassing van de belasting over de toegevoegde waarde. § 2. De herziening is afhankelijk van het bijhouden van een inventaris van de op het tijdstip van de wijziging nog niet gebruikte of verbruikte goederen en diensten en van een staat van de op dat tijdstip nog bruikbare bedrijfsmiddelen. De in het eerste lid bedoelde stukken vermelden op gedetailleerde wijze de goederen en diensten die in aanmerking worden genomen voor de herziening, de datum en het nummer van de factuur van de aankoop of het invoerdocument, de maatstaf van heffing waarover ze met de belasting over de toegevoegde waarde werden belast en het te herziene bedrag. § 3. De belastingplichtige verricht de in paragraaf 1, eerste lid, 1°, bedoelde herziening in een in artikel 53, § 1, eerste lid, 2°, van het Wetboek bedoelde aangifte, die wordt ingediend vóór het verstrijken van het derde kalenderjaar volgend op dat waarin de af te trekken belasting opeisbaar is geworden. De belastingplichtige verricht de in paragraaf 1, eerste lid, 2°, bedoelde herziening in een in artikel 53, § 1, eerste lid, 2°, van het Wetboek bedoelde aangifte, die wordt ingediend vóór het verstrijken van het derde kalenderjaar volgend op dat waarin de wijziging van belastingregeling heeft plaatsgevonden.

Tekst: FOD Financiën, FisconetPlus, officieuze coördinatie Koninklijk besluit nr. 19, van 15 december 2024, met betrekking tot de vrijstellingsregeling van belasting over de toegevoegde waarde in het voordeel van kleine ondernemingen, artikel opgehaald op 2026-09-28. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek. FOD Financiën, FisconetPlus

Algemene informatie; geen belasting- of juridisch advies en geen toepassing op uw situatie. Versie 2026-09-28; wettekst gecontroleerd op 2026-09-28. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek.