KB nr. 10 (btw), Art. 7quater
Uitleg en toepassing zijn door AI geschreven op basis van de officiële wettekst en machinaal tegengelezen (2026-09-28). Deze bepaling is niet door een mens nagekeken. Controleer het zelf: de officiële wettekst staat hieronder, als ongewijzigde kopie van de artikeltekst uit FOD Financiën, FisconetPlus (zonder de noten en titels van de FOD), met een link naar de bron.
Uitleg
In één alinea
De optie voor de belastingheffing van de verhuur bedoeld in artikel 44, § 3, 2°, d), van het Wetboek wordt uitgeoefend met een verklaring die de verhuurder en de huurder dateren en ondertekenen, ten laatste op het tijdstip dat het huurcontract tussen hen uitwerking heeft. De verklaring vermeldt: de naam of maatschappelijke benaming, het adres en het btw-identificatienummer bedoeld in artikel 50 van het Wetboek van de verhuurder en de huurder; de identificatie van het gebouw of het gedeelte ervan waarvan de verhuur belast wordt, desgevallend met het bijhorende terrein; de wil van de partijen om de verhuur te belasten; en de datum waarop de optie uitwerking heeft. Staan die vermeldingen in de akte die tussen de partijen titel vormt van het huurcontract, dan geldt dat als zo'n verklaring. Bij stilzwijgende verlenging van een contract van belaste verhuur ingevolge optie hoeven de partijen geen bijkomende verklaring op te stellen.
Voor wie
Toepassingsgebied: btw. Het artikel geldt voor verhuurders en huurders die kiezen voor de belastingheffing van de verhuur bedoeld in artikel 44, § 3, 2°, d), van het Wetboek.
Sinds wanneer en overgang
Inwerkingtreding niet in het corpus — zie de wijzigingswet.
Rekenvoorbeeld
Deze bepaling bevat geen bedrag of percentage.
Veelgemaakte fouten
- De verklaring pas opstellen nadat het huurcontract al uitwerking heeft tussen de partijen: de tekst legt als uiterste tijdstip het moment vast waarop het huurcontract uitwerking heeft.
- De verklaring door slechts één partij laten dateren en ondertekenen: de tekst vraagt dat de verhuurder én de huurder dat doen.
- Een vermelding weglaten, zoals de datum waarop de optie uitwerking heeft of de identificatie van het gebouw of het gedeelte ervan.
- Een aparte verklaring opstellen terwijl de vermeldingen al in de akte staan die titel vormt van het huurcontract: dat wordt gelijkgesteld met de verklaring.
- Bij een stilzwijgende verlenging een nieuwe verklaring nodig achten: de tekst zegt dat die niet nodig is.
Verwante bepalingen
- In de gegevens is dit besluit als geheel gekoppeld aan de wetsartikelen W-BTW:15, W-BTW:25ter, W-BTW:53, W-BTW:53bis en W-BTW:53octies, als artikelen die het uitvoert. De tekst van die artikelen zit niet in de gegevens; over hun inhoud zegt deze uitleg daarom niets.
Wat de wet niet regelt
Dit artikel regelt niet voor welke verhuur de optie openstaat; het verwijst daarvoor naar artikel 44, § 3, 2°, d), van het Wetboek.
Toon de officiële wettekst
Officiële wettekst
§ 1. De optie voor de belastingheffing bedoeld in artikel 44, § 3, 2°, d), van het Wetboek wordt uitgeoefend door middel van een door de verhuurder en de huurder gedateerde en ondertekende verklaring, ten laatste op het tijdstip dat het huurcontract uitwerking heeft tussen de partijen. Deze verklaring bevat de volgende vermeldingen: 1° de naam of de maatschappelijke benaming, het adres en het btw-identificatienummer bedoeld in artikel 50 van het Wetboek, van de verhuurder en de huurder; 2° de identificatie van het gebouw of het gedeelte van het gebouw, desgevallend met inbegrip van het bijhorend terrein, waarvan de verhuur belast wordt; 3° de wilsverklaring van de partijen om de verhuur te belasten; 4° de datum waarop de optie uitwerking heeft. § 2. Het opnemen van de vermeldingen bedoeld in paragraaf 1, tweede lid, in de akte die tussen de partijen titel vormt van het contract van verhuur, wordt gelijkgesteld met een verklaring bedoeld in paragraaf 1. § 3. In geval van stilzwijgende verlenging van een contract van belaste verhuur ingevolge optie, moet geen bijkomende verklaring worden opgesteld tussen de partijen.
Tekst: FOD Financiën, FisconetPlus, officieuze coördinatie Koninklijk besluit nr. 10, van 29 december 1992, met betrekking tot de uitoefeningsmodaliteiten van de keuzen, de voorafgaande kennisgevingen en de aangiften van aanvang, wijziging en stopzetting van activiteit inzake belasting over de toegevoegde waarde, artikel opgehaald op 2026-09-28. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek. FOD Financiën, FisconetPlus
Algemene informatie; geen belasting- of juridisch advies en geen toepassing op uw situatie. Versie 2026-09-28; wettekst gecontroleerd op 2026-09-28. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek.