Theca Wetboek

Het Belgische boekhoud- en fiscaal recht, artikel per artikel uitgelegd.

Onofficiële uitgave met de officiële wettekst; alleen het Belgisch Staatsblad is authentiek.

KB nr. 1 (btw), Art. 9

Uitleg en toepassing zijn door AI geschreven op basis van de officiële wettekst en machinaal tegengelezen (2026-09-28). Deze bepaling is niet door een mens nagekeken. Controleer het zelf: de officiële wettekst staat hieronder, als ongewijzigde kopie van de artikeltekst uit FOD Financiën, FisconetPlus (zonder de noten en titels van de FOD), met een link naar de bron.

Uitleg

In één alinea

Dit artikel regelt het stuk dat de schuldenaar van de belasting opstelt wanneer hij de factuur nog niet heeft. Volgens paragraaf 1 geldt het voor de belastingplichtige en de niet-belastingplichtige rechtspersoon die schuldenaar van de belasting zijn overeenkomstig artikel 51, § 1, 2° en § 2, eerste lid, van het Wetboek, of overeenkomstig de artikelen 20, 20bis of 20ter van dit besluit. Zijn zij nog niet in het bezit van de factuur, dan stellen zij uiterlijk de vijftiende dag van de maand na die waarin de belasting opeisbaar wordt een stuk op; voor de opeisbaarheid verwijst de wet naar de artikelen 16, § 1, 17, § 1, derde lid, 22, § 1, 22bis, § 1, derde lid, of 25sexies, § 2, tweede lid, van het Wetboek. Dat geldt niet wanneer de factuur uitgereikt moet worden door de medecontractant in naam en voor rekening van de belastingplichtige die levert of de dienst verstrekt. Paragraaf 2 somt de vermeldingen van het stuk op: de datum waarop het opgemaakt is; naam of maatschappelijke benaming en adres van de partijen; het btw-identificatienummer van wie het stuk opmaakt; de datum van het belastbare feit bij een intracommunautaire verwerving, of bij de andere bedoelde handelingen de datum waarop de handeling verricht wordt of, in de gevallen die de wet noemt, de datum waarop de belasting opeisbaar wordt; de gegevens bedoeld in artikel 5, § 1, 6°; per tarief de maatstaf van heffing en het totaalbedrag van de verschuldigde belasting; een verwijzing naar de overeenkomst of een ander stuk tussen de partijen dat aard en hoeveelheid van de goederen of het voorwerp van de diensten, de prijs en het toebehoren kan staven; en het nummer van inschrijving in het boek voor inkomende facturen of in het boek bedoeld in artikel 14. Paragraaf 3 gaat over de handeling die artikel 25quater van het Wetboek met een intracommunautaire verwerving gelijkstelt: wie daarvoor schuldenaar is en het transfertdocument uit de lidstaat van vertrek niet heeft, stelt uiterlijk de vijftiende dag van de maand na die waarin de belasting overeenkomstig artikel 25sexies, § 2, tweede lid, van het Wetboek opeisbaar wordt een stuk op met dezelfde vermeldingen. Volgens paragraaf 4 verwijst, bij ontvangst van de factuur of het transfertdocument, elk van beide documenten naar het andere.

Voor wie

Toepassingsgebied: btw. De bepaling gaat over belastingplichtigen en niet-belastingplichtige rechtspersonen die zelf schuldenaar van de belasting zijn en de factuur of het transfertdocument nog niet ontvangen hebben.

Sinds wanneer en overgang

Inwerkingtreding niet in het corpus — zie de wijzigingswet.

Rekenvoorbeeld

Deze bepaling bevat geen bedrag of percentage. Symbolisch, voor de termijn van paragraaf 1, met als vertrekpunt de maand waarin de belasting opeisbaar wordt:

  • de belasting wordt opeisbaar in maand M en de factuur is er nog niet;
  • het stuk wordt uiterlijk de vijftiende dag van de maand na M opgesteld.

Op het stuk staat daarnaast, per tarief, de maatstaf van heffing en het totaalbedrag van de verschuldigde belasting.

Veelgemaakte fouten

  • Wachten op de factuur van de leverancier. De wet vraagt een eigen stuk zodra de termijn verstrijkt en de factuur er nog niet is.
  • Het stuk ook opstellen wanneer de factuur door de medecontractant zelf, in naam en voor rekening van de leverancier of dienstverrichter, uitgereikt moet worden. De wet sluit dat geval uit.
  • Na ontvangst van de factuur of het transfertdocument de kruisverwijzing vergeten. De wet vraagt een verwijzing op beide documenten.
  • Bij een handeling die artikel 25quater van het Wetboek met een intracommunautaire verwerving gelijkstelt, geen stuk opstellen wanneer het transfertdocument ontbreekt. De wet vraagt dan een stuk dat de handeling vaststelt.

Verwante bepalingen

  • KB-BTW-1:20 — volgens zijn laag 1 voldoet de medecontractant van een in België gevestigde belastingplichtige die werk in onroerende staat of een van de andere daar genoemde handelingen verricht, de verschuldigde belasting, wanneer hij zelf een belastingplichtige is die gehouden is tot indiening van de aangifte bedoeld in artikel 53, § 1, eerste lid, 2°, van het Wetboek.
  • KB-BTW-1:20bis — volgens zijn laag 1 voldoet de medecontractant de belasting bij leveringen van goud of halffabricaten met de daar genoemde zuiverheid, en bij bepaalde leveringen van beleggingsgoud waarvoor voor belastingheffing geopteerd werd, onder dezelfde voorwaarde.
  • KB-BTW-1:20ter — volgens zijn laag 1 voldoet de medecontractant de belasting bij de overdracht van broeikasgasemissierechten en andere daar genoemde eenheden, wanneer hij zelf een in België gevestigde belastingplichtige is die tot die aangifte gehouden is.
  • KB-BTW-1:5 — paragraaf 1, 6°, van dat artikel vraagt de gegevens die nodig zijn om de handeling te determineren en het tarief vast te stellen, inzonderheid de gebruikelijke benaming van de goederen en diensten, hun hoeveelheid en het voorwerp van de diensten.
  • KB-BTW-1:14 — volgens zijn laag 1 bevat de boekhouding van de belastingplichtigen onder meer een boek voor inkomende facturen, en houden de niet-belastingplichtige rechtspersonen het boek bedoeld in paragraaf 5 van dat artikel.
  • W-BTW:17, W-BTW:22 en W-BTW:51 — laag 1 verwijst naar artikel 17, § 1, derde lid, artikel 22, § 1, en artikel 51, § 1, 2° en § 2, eerste lid, van het Wetboek; dit besluit voert die artikelen volgens de gegevens uit, maar hun tekst zit niet in de gegevens.
  • W-BTW:53, W-BTW:53ter, W-BTW:53octies, W-BTW:53decies, W-BTW:54 en W-BTW:56 — andere artikelen van het Wetboek die dit besluit volgens de gegevens uitvoert; hun tekst zit niet in de gegevens.
  • W-BTW:1, W-BTW:1bis en W-BTW:9 — begrippen uit het Wetboek; hun definitie zit niet in de gegevens.

Wat de wet niet regelt

Dit artikel bepaalt niet wanneer het stuk in de btw-aangifte opgenomen wordt.

Toon de officiële wettekst

Officiële wettekst

§ 1. Behalve in het geval de factuur moet worden uitgereikt door de medecontractant in naam en voor rekening van de belastingplichtige die de goederen levert of de diensten verstrekt, stellen de belastingplichtige en de niet-belastingplichtige rechtspersoon, die overeenkomstig artikel 51, § 1, 2° en § 2, eerste lid, van het Wetboek, of de artikelen 20, 20bis of 20ter, schuldenaar zijn van de belasting, uiterlijk de vijftiende dag van de maand na die waarin overeenkomstig de artikelen 16, § 1, 17, § 1, derde lid, 22, § 1, 22bis, § 1, derde lid of 25sexies, § 2, tweede lid, van het Wetboek de belasting opeisbaar wordt, een stuk op wanneer zij nog niet in het bezit zijn van de factuur met betrekking tot de handeling. § 2. Het in paragraaf 1 bedoeld stuk moet de volgende vermeldingen bevatten : 1° de datum waarop het stuk is opgemaakt; 2° de naam of de maatschappelijke benaming en het adres van de bij de handeling betrokken partijen; 3° het in artikel 50 van het Wetboek bedoeld BTW- identificatienummer van de persoon die het stuk opmaakt; 4° a) voor de intracommunautaire verwerving van goederen, de datum waarop krachtens artikel 25sexies, § 1, van het Wetboek het belastbare feit heeft plaatsgevonden; b) voor de in artikel 51, § 2, eerste lid, van het Wetboek, of in artikelen 20, 20bis of 20ter, bedoelde handelingen, de datum waarop de handeling wordt verricht of, wanneer de belasting opeisbaar wordt bij toepassing, van artikel 17, § 1, derde lid of van artikel 22bis, § 1, derde lid en § 2, tweede lid van het Wetboek, de datum waarop de belasting opeisbaar wordt; 5° de gegevens bedoeld in artikel 5, § 1, 6°; 6° per tarief, de maatstaf van heffing en het totaalbedrag van de verschuldigde belasting; 7° een verwijzing naar de overeenkomst of naar elk ander stuk opgemaakt tussen de bij de handeling betrokken partijen, dat de aard en de hoeveelheid van de verkregen goederen of het voorwerp van de ontvangen diensten alsmede de prijs en het toebehoren ervan kan staven; 8° het nummer waaronder het stuk is ingeschreven in het boek voor inkomende facturen of in het boek dat de belastingplichtige en de niet-belastingplichtige rechtspersoon moeten houden overeenkomstig artikel 14 […]. § 3. De belastingplichtige die schuldenaar is van de belasting ingevolge een door artikel 25quater van het Wetboek met een intracommunautaire verwerving gelijkgestelde handeling en die niet in het bezit is van het transfertdocument opgesteld overeenkomstig de wettelijke bepalingen die van kracht zijn in de lidstaat van waaruit de goederen zijn verzonden of vervoerd, stelt uiterlijk de vijftiende dag van de maand na die waarin de belasting overeenkomstig artikel 25sexies, § 2, tweede lid, van het Wetboek opeisbaar wordt, een stuk op dat de handeling vaststelt en de in paragraaf 2 bedoelde vermeldingen bevat. § 4. Bij de ontvangst van de factuur of het transfertdocument brengen de respectievelijk in paragraaf 1 of in paragraaf 3 bedoelde personen hierop een verwijzing aan naar het respectievelijk in paragraaf 2 of in paragraaf 3 bedoelde stuk, en op die stukken, van een verwijzing naar de factuur of het transfertdocument.

Tekst: FOD Financiën, FisconetPlus, officieuze coördinatie Koninklijk besluit nr. 1, van 29 december 1992, met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde, artikel opgehaald op 2026-09-28. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek. FOD Financiën, FisconetPlus

Algemene informatie; geen belasting- of juridisch advies en geen toepassing op uw situatie. Versie 2016-01-01; wettekst gecontroleerd op 2026-09-28. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek.