KB nr. 1 (btw), Art. 7
Uitleg en toepassing zijn door AI geschreven op basis van de officiële wettekst en machinaal tegengelezen (2026-09-28). Deze bepaling is niet door een mens nagekeken. Controleer het zelf: de officiële wettekst staat hieronder, als ongewijzigde kopie van de artikeltekst uit FOD Financiën, FisconetPlus (zonder de noten en titels van de FOD), met een link naar de bron.
Uitleg
In één alinea
Dit artikel regelt de stukken bij een verkoop op proef, een zending op zicht en een zending in consignatie. Volgens paragraaf 1 reikt de belastingplichtige bij de overhandiging of de verzending van de goederen aan de geadresseerde of de consignataris een stuk uit met de naam en het adres van de betrokken partijen, een volgnummer, de datum van de overhandiging of de verzending, de gebruikelijke benaming van de goederen en hun hoeveelheid. Krijgt hij de goederen geheel of gedeeltelijk terug, dan reikt hij opnieuw een stuk uit met dezelfde vermeldingen, maar met de datum van ontvangst van de teruggegeven goederen in plaats van de datum van overhandiging of verzending. Van beide stukken stelt hij een kopie op. Die verplichtingen gelden niet bij een verkoop op proef of een zending op zicht wanneer de belastingplichtige het register van artikel 23 moet aanvullen, en niet bij een consignatieverkoop wanneer hij voor de overdracht van de goederen naar een andere lidstaat het stuk van artikel 2 moet opstellen of het register van artikel 24bis moet aanvullen. De factuur die hij uitreikt wanneer de geadresseerde of consignataris eigenaar wordt, verwijst naar de stukken. Paragraaf 2 legt de verplichting bij de ontvanger wanneer de verzender niet in België gevestigd is en niet aan de verplichting van paragraaf 1 onderworpen is. De ontvangende belastingplichtige maakt dan zelf een stuk op met dezelfde gegevens, maar met de datum van ontvangst in plaats van de verzendingsdatum, en bij een gehele of gedeeltelijke teruggave een stuk met de datum van de teruggave. Wordt hij eigenaar, dan brengt hij op de factuur die hij ontvangt een verwijzing naar het opgestelde stuk aan. Dat geldt niet bij een consignatieverkoop wanneer de ontvangende belastingplichtige het register van artikel 24ter moet aanvullen.
Voor wie
Toepassingsgebied: btw. De bepaling gaat over de belastingplichtige die goederen op proef verkoopt of op zicht of in consignatie zendt, en, als die niet in België gevestigd is, over de belastingplichtige die de goederen ontvangt.
Sinds wanneer en overgang
Inwerkingtreding niet in het corpus — zie de wijzigingswet.
Rekenvoorbeeld
Deze bepaling bevat geen bedrag of percentage.
Veelgemaakte fouten
- Alleen bij de verzending een stuk uitreiken. De wet vraagt ook een stuk bij de ontvangst van de goederen die geheel of gedeeltelijk teruggegeven worden.
- Geen kopie van de stukken opstellen. De wet vraagt een kopie van de stukken bij verzending en bij teruggave.
- In de factuur niet naar de eerdere stukken verwijzen wanneer de geadresseerde of consignataris eigenaar wordt. De wet vraagt die verwijzing.
- Denken dat er geen stuk nodig is wanneer de verzender niet in België gevestigd is en niet aan paragraaf 1 onderworpen is. De wet legt de verplichting dan bij de belastingplichtige die de goederen ontvangt.
- Vergeten dat de verplichtingen om de stukken en kopieën op te stellen niet gelden wanneer een van de registers van artikel 23, 24bis of 24ter moet worden aangevuld, of, bij een consignatieverkoop naar een andere lidstaat, het stuk van artikel 2 opgesteld moet worden.
Verwante bepalingen
- KB-BTW-1:23 — het register waarin een belastingplichtige goederen optekent die voor bedrijfsdoeleinden naar een andere lidstaat verzonden of vervoerd worden, voor de doeleinden die dat artikel opsomt.
- KB-BTW-1:2 — het stuk en de kopie daarvan voor de leveringen van goederen bedoeld in artikel 39bis, eerste lid, 4°, van het Wetboek.
- KB-BTW-1:24bis — het register van de goederen die een belastingplichtige van België naar een andere lidstaat verzendt of vervoert in het kader van de regeling voor voorraden op afroep bedoeld in artikel 12ter van het Wetboek.
- KB-BTW-1:24ter — het register van de belastingplichtige die in België bestemmeling is van goederen in het kader van de regeling voor voorraden op afroep.
- W-BTW:17, W-BTW:22, W-BTW:51, W-BTW:53, W-BTW:53ter, W-BTW:53octies, W-BTW:53decies, W-BTW:54 en W-BTW:56 — artikelen van het Wetboek die dit besluit volgens de gegevens uitvoert; hun tekst zit niet in de gegevens.
- W-BTW:1, W-BTW:1bis en W-BTW:9 — begrippen uit het Wetboek; hun definitie zit niet in de gegevens.
Wat de wet niet regelt
Dit artikel bepaalt niet binnen welke termijn de factuur uitgereikt wordt wanneer de geadresseerde of consignataris eigenaar wordt.
Toon de officiële wettekst
Officiële wettekst
§ 1. In geval van verkoop op proef of van zending op zicht of in consignatie, dient de belastingplichtige, bij de overhandiging of de verzending van de goederen, aan de geadresseerde of de consignataris een stuk uit te reiken waarop worden vermeld, benevens de naam en het adres van de bij de handeling betrokken partijen, een volgnummer dat aan het stuk werd toegekend, de datum van de overhandiging of de verzending van de goederen, de gebruikelijke benaming ervan en de hoeveelheid van de overhandigde of de verzonden goederen. De in het eerste lid bedoelde belastingplichtige dient eveneens aan de geadresseerde of aan de consignataris een stuk uit te reiken bij de ontvangst van de goederen die hem door laatstgenoemden, geheel of gedeeltelijk, worden teruggegeven. Dit stuk bevat de vermeldingen bedoeld in het eerste lid, met uitzondering van de datum van de overhandiging of van de verzending van de goederen, die wordt vervangen door de datum van ontvangst van de goederen. De belastingplichtige stelt een kopie op van de stukken bedoeld in het eerste en tweede lid. De bepalingen van het eerste, het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing in geval van verkoop op proef of van zending op zicht wanneer de belastingplichtige het in artikel 23 bedoelde register moet aanvullen, of in geval van consignatieverkoop, wanneer hij voor de overdracht van de goederen naar een andere lidstaat met het oog op deze verkoop het in artikel 2 bedoelde stuk moet opstellen of wanneer de belastingplichtige het in artikel 24bis bedoelde register moet aanvullen. De factuur, die de belastingplichtige moet uitreiken aan de geadresseerde of de consignataris wanneer deze eigenaar wordt van de goederen, moet verwijzen naar de in het eerste en tweede lid bedoelde stukken. § 2. Wanneer de belastingplichtige, die goederen op proef verkoopt of ze op zicht of in consignatie zendt, niet in België is gevestigd en niet is onderworpen aan de in paragraaf 1 bedoelde verplichting, is de belastingplichtige die de goederen ontvangt gehouden zelf een stuk op te maken waarop de in paragraaf 1, eerste lid, bedoelde gegevens voorkomen, met uitzondering van de verzendingsdatum die wordt vervangen door de datum van ontvangst van de goederen. De in het eerste lid bedoelde belastingplichtige, die de goederen heeft ontvangen, dient eveneens een stuk op te stellen bij de gehele of gedeeltelijke teruggave van de goederen. Dit stuk bevat de vermeldingen bedoeld in het eerste lid, met uitzondering van de datum van ontvangst van de goederen, die wordt vervangen door de datum van hun teruggave. Wanneer hij eigenaar wordt van de goederen brengt hij op de factuur die aan hem wordt uitgereikt een verwijzing aan naar het opgestelde stuk. De bepalingen van het eerste, het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing in geval van consignatieverkoop, wanneer de belastingplichtige die de goederen ontvangt het in artikel 24ter bedoelde register moet aanvullen.
Tekst: FOD Financiën, FisconetPlus, officieuze coördinatie Koninklijk besluit nr. 1, van 29 december 1992, met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde, artikel opgehaald op 2026-09-28. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek. FOD Financiën, FisconetPlus
Algemene informatie; geen belasting- of juridisch advies en geen toepassing op uw situatie. Versie 2020-01-01; wettekst gecontroleerd op 2026-09-28. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek.