KB nr. 1 (btw), Art. 17bis
Uitleg en toepassing zijn door AI geschreven op basis van de officiële wettekst en machinaal tegengelezen (2026-09-28). Deze bepaling is niet door een mens nagekeken. Controleer het zelf: de officiële wettekst staat hieronder, als ongewijzigde kopie van de artikeltekst uit FOD Financiën, FisconetPlus (zonder de noten en titels van de FOD), met een link naar de bron.
Uitleg
In één alinea
Dit artikel regelt het bezwaar tegen een definitieve vervangende aangifte. Een belastingplichtige aan wie overeenkomstig artikel 53, § 1ter, zesde lid, van het Wetboek zo'n aangifte ter kennis is gebracht, kan er een bezwaarschrift tegen indienen binnen zes maanden vanaf de datum waarop die kennisgeving uitwerking heeft. Het bezwaar wordt ingediend op het elektronische adres dat de minister van Financiën of zijn gemachtigde bepaalt, en bevat voor de betrokken aangifteperiode de bedragen die vermeld hadden moeten worden in de niet-ingediende periodieke aangifte uit artikel 53, § 1, eerste lid, 2°, van het Wetboek. Het bezwaar belet de administratie niet om de belastingschuld uit de vervangende aangifte gedwongen in te vorderen, in het bijzonder wanneer de rechten van de Schatkist in gevaar zijn. Of er nu bezwaar is ingediend of niet, de belastingplichtige kan in rechte opkomen tegen de vervangende aangifte; zo'n rechtsvordering beëindigt de bezwaarprocedure van rechtswege. De beslissing over het bezwaar, of het uitblijven ervan, laat het recht van de administratie onverlet om de juiste toepassing van de belasting voor dat aangiftetijdvak na te gaan en het bedrag zo nodig te corrigeren.
Voor wie
Toepassingsgebied: btw. Het artikel richt zich tot de belastingplichtige aan wie een definitieve vervangende aangifte ter kennis is gebracht overeenkomstig artikel 53, § 1ter, zesde lid, van het Wetboek.
Sinds wanneer en overgang
Inwerkingtreding niet in het corpus — zie de wijzigingswet.
Rekenvoorbeeld
Deze bepaling bevat geen bedrag of percentage. De enige termijn is die van zes maanden vanaf de datum waarop de kennisgeving uitwerking heeft.
Veelgemaakte fouten
- De termijn laten lopen vanaf een andere datum: de zes maanden lopen vanaf de datum waarop de kennisgeving van de vervangende aangifte uitwerking heeft.
- Een bezwaar indienen zonder de bedragen die in de niet-ingediende aangifte vermeld hadden moeten worden.
- Aannemen dat het bezwaar de invordering schorst: het artikel laat het recht van de administratie op gedwongen invordering onverlet.
- Tegelijk een rechtsvordering instellen en de bezwaarprocedure verder verwachten: de rechtsvordering beëindigt die procedure van rechtswege.
Verwante bepalingen
- In de gegevens is dit besluit als geheel gekoppeld aan de wetsartikelen W-BTW:17, W-BTW:22, W-BTW:51, W-BTW:53, W-BTW:53ter, W-BTW:53octies, W-BTW:53decies, W-BTW:54 en W-BTW:56, als artikelen die het uitvoert. De tekst van die artikelen zit niet in de gegevens; over hun inhoud zegt deze uitleg daarom niets.
Wat de wet niet regelt
Dit artikel regelt niet binnen welke termijn over het bezwaar wordt beslist.
Toon de officiële wettekst
Officiële wettekst
§ 1. De belastingplichtige aan wie overeenkomstig artikel 53, § 1ter, zesde lid, van het Wetboek een definitieve vervangende aangifte ter kennis is gebracht, kan tegen die aangifte een bezwaarschrift indienen binnen zes maanden vanaf de datum waarop de kennisgeving van die aangifte uitwerking heeft. Het in het eerste lid bedoelde bezwaar wordt ingediend op het door de minister van Financiën of zijn gemachtigde bepaalde elektronische adres en bevat, voor de betrokken aangifteperiode, de bedragen die vermeld hadden moeten worden in de in artikel 53, § 1, eerste lid, 2°, van het Wetboek bedoelde aangifte die niet werd ingediend en die aanleiding heeft gegeven tot de definitieve vervangende aangifte. § 2. De indiening van het in paragraaf 1 bedoelde bezwaar laat het recht van de administratie onverlet om over te gaan tot gedwongen invordering van de belastingschuld die voortvloeit uit de definitieve vervangende aangifte waarvan overeenkomstig artikel 53, § 1ter, zesde lid, van het Wetboek kennis is gegeven, in het bijzonder wanneer de rechten van de Schatkist in gevaar zijn. Het al dan niet indienen van het in paragraaf 1 bedoelde bezwaar laat het recht van de belastingplichtige onverlet om in rechte op te komen tegen de definitieve vervangende aangifte waarvan overeenkomstig artikel 53, § 1ter, zesde lid, van het Wetboek kennis werd gegeven. De overeenkomstig het tweede lid ingestelde rechtsvordering beëindigt van rechtswege de in dit artikel bedoelde bezwaarprocedure. § 3. De beslissing of de ontstentenis van een beslissing met betrekking tot het in paragraaf 1, eerste lid, bedoelde bezwaar laat het recht van de administratie belast met de belasting over de toegevoegde waarde onverlet om de juiste toepassing van de belasting die verschuldigd is ten aanzien van het aangiftetijdvak met betrekking tot de desbetreffende vervangende aangifte na te gaan, alsmede om, in voorkomend geval, het bedrag ervan te corrigeren.
Tekst: FOD Financiën, FisconetPlus, officieuze coördinatie Koninklijk besluit nr. 1, van 29 december 1992, met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde, artikel opgehaald op 2026-09-28. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek. FOD Financiën, FisconetPlus
Algemene informatie; geen belasting- of juridisch advies en geen toepassing op uw situatie. Versie 2026-01-10; wettekst gecontroleerd op 2026-09-28. Alleen de tekst in het Belgisch Staatsblad is authentiek.